TaTanukiKi 2014-2015--3
Media
Part of 2014-2015 | 3
- Titel
- TaTanukiKi 2014-2015--3
- extracted text
-
太狸記
LVSJK Tanuki / 三十三周年 / 三月
太狸記・三月号
1
社説
Colofon
JOURNALCOMMISSIE
Voorzitter:
Steffen de Jong
Secretaris:
Simone Felix
Eindredactie:
Vincent Meijer
Leden:
Sander Breeuwer
Dorien Heerink
Annemieke Kapaan
Hannelieke Soppe
REDACTIELEDEN
Hoofdredacteur:
Steffen de Jong
Vormgeving:
Steffen de Jong
Eindredactie:
Vincent Meijer
BESTUUR VAN TANUKI
Praeses:
Anoma van der Veere
Vice-Praeses &
Assessor Extern:
Fred Dillmann
Quaestor:
Angelique Ardjoen
Assessor
Intern:
Steffen de Jong
Assessor
Eerstejaars:
Britt Blom
Editorial van de hoofdredacteur
Ik word wel eens gevraagd wat je precies moet doen
om af te vallen. Lichtelijk geirriteerd geef ik telkens
weer het zelfde antwoord: niets. Er is geen gouden tip
of superdieet. Er is enkel koppigheid. Inderdaad, want
dat ene cakeje of biertje laten staan vergt discipline.
Dat ene blokje om het huis rennen kost moeite. Een
gezonde levensstijl levert goede resultaten. Gewoon
doen mijn vrienden! (dat gezegd hebbende is verschil
in lichaamsbouw een feit. Misschien geen ‘zware
botten’ maar wel een endomorf lichaam).
COMMISSIEVOORZITTERS
Acquisitiecommissie:
Fred Dillmann
Eerstejaarscommissie:
Britt Blom
Feestcommissie f.t.: Kayleigh Herbrink
Jaarboekcommissie: Fitrie Boesrie
Journalcommissie: Steffen de Jong
Kampcommissie:
Rik Aikman
Kunst- en
cultuurcommissie: Jacqueline Schaepman
Reiscommissie:
Luc van der Beek
RAAD VAN TOEZICHT
Robert Beers
Carmen Loh
Albert Tiemersma
2
Nu zul je je wellicht afvragen, waarom is die dwaas over
afvallen en overgewicht aan het brabbelen? Gewoon
omdat het dit keer een lekkere dikke TaTanukiKi
wordt. Sla snel de pagina’s open om onder andere de
genante verhalen over het gala, drugsgebruik in Japan
en een zorgvuldig beoordeelde selectie van de films op
het IFFR te lezen.
Heb je zelf nog ideeën voor artikelen, mail dan naar
journal@tanuki.nl - Steffen de Jong
太狸記・三月号
目次
Op de voorkant
Inhoud
3 maart: Hinamatsuri (雛祭)
Bij dit Japanse poppenfeest wordt een
opstelling met meerdere etages, met daarover
een rood kleed gebruikt om een verzameling
ornamente poppen uit te stallen. Deze
poppen stellen de keizer, keizerin, hofdames
en musici voor in traditionele Heian kleding.
Bron: wikipedia
Heb jij fotografisch werk dat je wilt delen
met iedereen? Stuur ideeën voor een cover
naar journal@tanuki.nl en wellicht siert
jouw werk de volgende TaTanukiKi!
“Hij zit in het gaatje maar
doet niets”
- Britt Blom
“Het is een kwestie van
richten”
- Anoma van der Veere
TANUKI SHINBUN
The Secret World of Arrietty
4
Koreaweek & derde Feest
5
KCC in Concert: The Solutions
9
Tanuki Comedy Night
10
Kleine reis: Londen
11
Tanuki Ouderdag
12
Research in Progress
13
Gala 2014/2015: ‘Homecoming’
14
De schone kunst der kalligrafie
17
De politiek van anime en manga
20
JAPAN & KOREA
Drugs in Japan
23
Oost-Aziatische economie 1: Japan
25
Aan de A’damse grachten in Japan
28
Kwallen en de Indiase staalindustrie
31
Valentijnsdag in Japan
34
De specs-cultuur van Zuid-Korea
36
Japanse Films IFFR 2015
37
De jongen die katten tekende
40
Kalafina
43
MEDIA
COLUMNS
WTF Japan/OMG Korea
44
Anky
45
De creatiecorner van Sharitha
46
“Mag ik ook in jouw kopje?”
-Fred Dillmann
太狸記・三月号
3
The secret world of Arrietty
Op donderdag 20 november was het weer
eens tijd om een mooie film te bekijken onder
het genot van fris en knabbels. Dit keer had de
Kunst & Cultuurcommissie voor ons de Ghiblifilm The Secret World of Arietty in petto. We
moesten even wachten tot het lokaal vrijkwam
– daar werd een hoorcollege gegeven dat een
beetje uitliep – maar toen konden we eindelijk
naar binnen en beginnen met de film.
The Secret World of Arriety gaat over een
jongen genaamd Sho, die een tijdje bij zijn
tante gaat logeren. Als hij bij aankomst door
de tuin loopt, ziet hij iets kleins wegglippen
in de richting van het huis. Dit blijkt het
borrower-meisje Arrietty te zijn.
Borrowers, of leners, zijn kleine mensjes
die in de huizen van gewone mensen
wonen. Zij danken hun naam aan het feit
dat ze, om in hun levensonderhoud te
kunnen voorzien, kleine spulletjes “lenen”
van de bewoners van het huis.
4
Arrietty woont samen met haar ouders al een
aantal jaren onder in het huis van Sho’s tante.
Echter, nu ze ontdekt is, dreigt de famillie te
moeten verhuizen. Sho wil echter dat ze blijft
en doet er alles aan om daar voor te zorgen. Dit
leidt er echter ook toe dat de hulp Haru achter
het bestaan van de borrowers komt. Zij ziet ze als
ongedierte en probeert ze te vangen.
Als je een Ghibli-liefhebber bent, moet je deze
film zeker tenminste een keer gezien hebben.
Het verhaal, gebaseerd op een kinderboek
van Mary Norton, is luchtig met af en toe wat
zwaardere momenten. De typische Ghiblianimatie stijl en de mooie muziek (waaronder
het titelthema door Cecile Corbel) passen
hier heel goed bij. De film mag dan af en toe
redelijk zoet zijn en niet zo dramatisch of
episch zijn als bijvoorbeeld Princess Mononoke
of Spirited away, het blijft toch een film waar
je heerlijk bij weg kan dromen naar een andere
wereld. - Hannelieke Soppe
太狸記・三月号
Koreaweek & derde feest
Dag 1: Spicy Food Contest
De Pronk-stukken van noedel-koningen en
koninginnen mochten zich dit jaar wederom
verzamelen in de koude hal van het Arsenaal
om zich te wagen aan de Spicy Food Contest.
Inmiddels een jaarlijks evenement van de
eerstejaarscommissie waar de wegen niet naar
Rome, maar naar de rode porseleinen zee
leiden.
Vanuit alle hoeken en gaten kwamen
toeschouwers , die hun smaakpapillen wel lief
hebben, om toe te kijken hoe 12 Tanukianen
zich klaarmaakten om de strijd met elkaar aan
te gaan. Onrustig werd er heen en weer gerend
met waterkokers om voor iedereen een heerlijke
portie spicy noedels te bereiden met extra
pittige sriracha saus.
De 12 deelnemers werden in drie rondes
verdeeld, waarvan er telkens maar één winnaar
naar de finale kon gaan. Na een hoop gesnotter,
traanogen en brandende monden stonden er
drie eerstejaars in de finale te trappelen om
de felbegeerde titel ‘heetste van Tanuki’ te
bemachtigen. De finale zou geen finale zijn
zonder de maaltijd nog pittiger te maken. Er
werden zakjes hete sambal tevoorschijn gehaald
en nog meer sriracha saus toegevoegd, voor
extra (leed)vermaak.
Onder luidkeels gejuich van het publiek was
het niemand minder dan eerstejaars Koreanist
Laura Pronk die in de finale haar portie in een
topsnelheid naar binnen wist te schrokken.
Gelukkig hoefde onze noedel-koningin niet
alleen met brandend maagzuur naar huis,
maar met ook, jawel, een pakketje met nog
meer spicy noedels. - Britt Blom
Dag 2: K-pop Dansworkshop
Dansen. Voor mij iets wat nooit gebeurt
zonder een glaasje of twee op in een
ongecontroleerde omgeving (wat zorgt voor
veel ongecontroleerde bewegingen). Het
meedoen aan de K-pop workshop was dus een
totaal nieuwe ervaring. Voor de meiden van
4Real is dat wel anders! De vier eerstejaars
studenten Koreaans verzorgden de K-pop
workshop met ongelofelijk veel toewijding.
Voor de cursus hadden Lisa, Jiske, Hanna
en Amber een compilatie samengesteld van
bekende Koreaanse liedjes, elk met een iets
andere stijl, passend bij de verschillende stijlen
van de leden van 4Real zelf. De liedjes die we
te leren kregen waren Mr. Simple van Super
Junior, Mr. Mr. Van Girls Generation en
Lucifer van SHINee. Er stond nog één liedje
in de mix, maar daar kwamen we helaas niet
meer aan toe.
Waar ik praktisch niets weet van Koreaanse
(pop)muziek (en nog minder van de
bijbehorende danspasjes), wisten de meeste
andere deelnemers hier gelukkig wel het
fijne van! Voordat de workshop begon zag
je deelnemers al een beetje meezingen en
meedansen: een goed begin van de workshop!
Toen de cursus eenmaal begon was het
duidelijk.. hier waren zeker K-POP kenners
aanwezig.
太狸記・三月号
5
Het eerste dansje (het refrein van Mr. Simple)
ging voor de meeste mensen al snel heel goed,
het is immers een goed bekend liedje. Het
tweede liedje wat we leerden was de dance break
van Mr. Mr. die stukken lastiger bleek dan het
eerste dansje. Maar na veel herhalen, hadden
we het wel redelijk onder de knie, waarna we
overgingen naar Lucifer. Dit liedje was van alle
drie dansjes de (relatief gezien) makkelijkste.
Na alle dansjes tot zwetends en scheldens toe
te hebben geoefend, kwam er een camera bij
kijken! De groep heeft in een take alle drie de
dansjes achter elkaar gedanst. Dit gebeurde dan
wel in verschillende maten van awesome. Maar
het was wel heel leuk! En waar de dansjes snel
weer vergeten waren, waren de liedjes de hele
week niet meer uit je hoofd te krijgen. En de
sfeer en gezelligheid? Niet te vergeten.
- Jacqueline Schaepman
Dag 2: Filmavond
Na bijgekomen te zijn van de KPOP workshop
konden we genieten van de Koreaanse film Way
Back Home uit 2013. De film, geregisseerd
door Bang Eun-jin, ook bekend van Princess
Aurora (2005) en eerdere werken als actrice,
was gebaseerd op waar gebeurde verhaal van
Jang Mi-jeong. Jang Mi-jeong werd in 2004
opgepakt op een Vliegveld in Parijs met een
koffer gevuld met drugs. Dit gebeurde ook in de
film Way Back Home.
Dag 3: Documentaire avond
Voor iedereen was er wat wils op de
documentaire avond. We kregen drie
verschillende korte documentaires te zien:
DPRK: The Land of Whispers, I want a
Gangnam-Style Face en Wired.
De eerste documentaire was DPRK: The Land
of Whispers. Hierin werden we meegenomen
door een jonge reiziger naar Noord-Korea. We
kregen Noord-Korea te zien door de ogen van
een reiziger die ondanks de vele beperkingen
die hem werden opgelegd toch veel interessante
bevindingen heeft kunnen doen.
De tweede documentaire was I want a GangnamStyle Face waarin de Zuid-Koreaanse obsessie
met schoonheid en plastische chirurgie onder
de loep werd genomen. Gelukkig kregen we
niet veel chirurgie te zien, wel veel meisjes met
een zucht naar ultieme schoonheid.
De documentaire avond werd afgesloten
met Wired over de Zuid-Koreaanse
gaming-cultuur en het contrast met
Noord-Korea. - Jacqueline schaepman
Jeong-yeon werd in de film opgepakt voor
drugssmokkel nadat ze een koffer met
diamanten zou vervoeren voor een vriend, die
uiteindelijk vol zat met cocaïne. Na misstanden
met de Koreaanse ambassade werd ze naar een
gevangenis op Martinique gestuurd. Of ze ooit
nog thuis kwam, zou je weten als je erbij was
en anders staat ergens op internet vast wel een
spoiler of twee. De film was intrigerend en er
waren op sommige momenten (bijna) tissues
nodig. - Jacqueline Schaepman
6
太狸記・三月号
Dag 4: Tanuki feest 3 Gangnam girls & Flower boys
Als afsluiter van een week vol Korea-gerelateerde activiteiten kon een spetterend eindfeest
natuurlijk niet ontbreken. Op donderdag 4 december deed iedereen zijn of haar Nederlandsche
kledij uit en verwisselde dat met de stoere k-pop look. Natuurlijk ging dit niet zonder een lekker dik
laagje make-up, zowel bij de dames als de heren. Na een welkomstdrankje en de high five naar alle
vrienden kon het feestje voor iedereen beginnen. Voetjes gingen van de vloer en de lever draaide
weer eens overuren.
De climax van de avond lag rond een uur of 2 toen de dans off plaats ging vinden. Meerdere top
acts veroverden het podium maar er kon er maar één de beste zijn. De winnares van de avond was
niemand anders dan Emma Smellink. Daarna ging het djensen, hakken en smakken weer door
tot ergens diep in de nacht. Het vliegtuig terug naar Nederland stond klaar om te vertrekken. De
Koreaanse sferen maakten weer plaats voor bitterballen, huizen met grote ramen en ziektes als
bijvoeglijk naamwoord gebruiken. –Steffen de Jong
太狸記・三月号
7
8
太狸記・三月号
KCC in Concert: the solutions
Het was een koude decemberavond en ik
was op weg naar Roodkapje in Rotterdam
voor een avondje Koreaanse electro-indiepop– whatever that means. De band The
Solutions kwamen helemaal over uit Korea
voor hun Europese tour naar aanleiding van
hun in mei 2014 uitgekomen 2e album met de
titel MOVEMENTS. Ze werden in de event
omschrijving vergeleken met grote namen als
Coldplay en Joy Division en omdat dat een
beetje helemaal mijn ding is, dacht ik een kijkje
te gaan nemen.
Eenmaal aangekomen op locatie bleek de band
wel echt meer van de elektro-pop te zijn dan
de elektro-indie-pop die werd beloofd. Bij de
ingang konden al oplichtende poezenoortjes,
kroontjes en glowsticks worden gekocht, dus
ik dacht dat ik bij binnenkomst een ware rave
tegen zou komen. Dit viel gelukkig mee! De
hoofdzaal waar het podium stond had een laidback, organic (ja, ja! Je kon aan de bar allerlei
obscure biertjes en andere drankjes halen) vibe.
De bandleden liepen door de zaal en maakten
hier en daar een praatje met fans. Maar op een
gegeven moment moesten ze echt beginnen.
Waar ik bij binnenkomst nog twijfelde over de
band, was alle twijfel weg na het eerste liedje.
De vocalen van leadzanger Park Sol waren
smooth en de band speelde een fantastische
set. En mijn gedachte dat het publiek klein en
verlegen was, werd ook meteen verbrijzeld.
Het publiek zong en danste mee en maakte
daarbij gebruik van veel meer ruimte dan ik van
tevoren dacht.
De mannen van The Solutions waren een
explosie positieve energie op het podium,
en dat zag je terug in het publiek. Op een
gegeven moment kregen ze mij, een totale The
Solutions leek, zelfs aan het zingen en dansen.
Al in al was het een fantastische avond. Mijn
co-lid Rachel mocht zelfs als VIP eerder naar
binnen, terwijl het plebs – waaronder ik, buiten
moest wachten! Ze vertelde dat de bandleden
heel aardig waren en ze kon samen met ze op
de foto. Bij het vragen van een handtekening
waande ze zich even in de Starbucks: de naam
“Rachel” werd toch maar totaal iets anders.
Ondanks dat er in The Solutions weinig van
Coldplay te herkennen was en misschien
slechts een beetje van Joy Division, vond ik
het een heel leuk concert. De mannen waren
in staat de kleine zaal volledig tot leven te
brengen en iedereen ging weg met het gevoel
van een fantastisch front-row concert. –
Jacqueline Schaepman & Rachel Morri
太狸記・三月号
9
Tanuki Comedy Night
Het was een maandelijkse borrel zoals alle
anderen, er was alleen één klein verschilletje:
hij ging gepaard met een gastoptreden van
cabaretier パペの休日 (Pape no Kyuujitsu), dat
is de artiestennaam van de jongeman Masato
Nakamura. Omdat deze borrelavond een
speciaal jasje aan had, was er de mogelijkheid
voor de leden om te dineren in De Oude
Harmonie, de plek waar de avond vol vermaak
plaats zou gaan vinden.
Na het nuttigen van een selectie uit een
kleurenpalet vol half-rauwe maaltijdtijden (en
dan doel ik op biefstuk en dergelijke, niet op een
onervaren chef-kok) met aardappelschijfjes die
je eerlijk moest delen met je buurman, konden
de voorbereidingen voor de show beginnen.
Tegelijkertijd gebeurde er alleen iets dat niet
echt aan deze voorbereidingen ten goede
kwam. De Oude Harmonie werd plotseling
bestormd met iets dat wel erg veel weg had van
een Quintus dispuut.
Het aangeschoten wild verzamelde zich in
alle hoeken en gaten van de Harmo waarvan
vooral de reling op de eerste verdieping
een geliefde spot was. Eenmaal een plekje
bemachtigd, konden de rituelen voorafgaand
aan het baltsgedrag van deze populatie Quinten
beginnen.
10
Kenmerkend voor dit gedrag is: 1. Het nuttigen
van een grote hoeveelheid alcohol, voornamelijk
in de hoedanigheid van waterig Bavaria-bier
– deze gedragshandeling vergemakkelijkt
het contact met het andere geslacht; 2. Het
luidkeels zingen van zelfverzonnen liedjes – het
doel hiervan is de ander te imponeren met zijn
of haar zangkunsten.
Hoewel dit een bijzonder fascinerend biologisch
fenomeen was, verplaatsten we ons toch naar
de zolderzaal waar iets veel belangrijkers op de
agenda stond: de comedy act!
Iemand die Nederlandse cabaretiers gewend
is moet misschien wel even acclimatiseren
als je naar deze Japanse comedy-act kijkt. In
plaats van een monoloog vol politiek correcte
en incorrecte waarheden die best grappig zijn,
werd je geconfronteerd met een veelzijdigheid
aan sketches en ‘contextuele acts’. Eenpersoons
dialogen en imitaties gepaard met enkele
ongemakkelijke bewegingen verzorgden een
goeie oefening voor de, met name Japanse,
aanwezigen.
Na een spetterend optreden kon het feestje
beginnen. Vooral de cabaretier in kwestie wilde
zijn zenuwen even wegspoelen en maakte voor
eens en voor altijd een einde aan de mythe
dat Japanners na één drankje al dronken zijn.
– Steffen de Jong
太狸記・三月号
Wereldstad Londen
Een paar dagen Londen was mijn laatste kans
om in januari nog wat buitenland te zien. Alle
leuke plannen gingen aan mijn neus voorbij,
waarna ik per ongeluk instemde met de Tanukireis.
Volgens afspraak sluit de reiscommissie me op
in een bus, die zich op zijn beurt weer op laat
sluiten door de trein. ’s Avonds zijn we gaar,
stijf en gereed om uitgekleed te worden door de
pond. Dan is Engeland wel echt buitenland: met
rare muntjes in je portemonnee en de pesterijen
bij de grenscontrole nog vers in het geheugen.
Eenmaal uitgerust en aangekleed mogen
we kiezen uit 3 musea. Omdat wij allemaal
van moderne kunst houden en Tate Modern
gratis was hadden we de keuze gauw
gemaakt. Hier hebben we klassiekers kunnen
bekijken als ‘monochroom wit schilderij’, en
‘blauw vierkant met zwart rechthoek’, of het
monsterlijk grootse ‘albatros bedrijft liefde
met orka’. Tate Modern laat veel aan je fantasie
over, en je kunt je hier uitstekend vermaken met
melige vrienden.
Londen heeft ook geen gebrek aan nietdiscutabele kunst en andere fatsoenlijke musea.
In de National Gallery hangen schilderijen
die de gehele Europese kunstgeschiedenis
bestrijken. En wanneer je dat zat bent kun
je de collectie ruwe Noorse natuurkunst
bewonderen. Maar we gingen natuurlijk als
Japanologen en Koreanisten, en dat maakte het
bezoek aan het reusachtige British Museum
verplicht.
Het British Museum heeft collecties van een
ruim scala aan exotische landen, waaronder dus
Korea en Japan.
Bij Piccadilly Circus hebben we de tijd om
wat rond te neuzen. Al gauw overstemde de
geur van Japan die van de Londense stadsbus,
en waren de Britse voetgangers ingeruild voor
echte Japanners.
Net als wij kwamen zij af op het Japan Centre,
om wat echte Japanse producten te kopen, of
een stokje okonomiyaki te snoepen bij een van
de kraampjes. Uitgenoten en verzadigd was
het tijd voor een tweede portie verzadiging
bij Ippudo. In deze hakata ramen speciaalzaak
werden we onthaald door alle werknemers met
een luid irasshaimase. De stemming zat er goed
in, en de ramen zou volgen.
Wereldstad Londen is uitstekend geschikt voor
de Japanoloog. Onder leiding van Londenexpert Gise hebben we de leukste plekjes
gezien, en is mijn aanvankelijke chagrijn vlug in
de kiem gesmoord.
Oprecht vrolijk werd ik van de alom aanwezige
rockmuziek. Of je nu een broodje bij de Turk
haalt, of een pizza bij de Italiaan, overal word
je verwelkomd met Brits cultureel erfgoed
waaronder Led Zeppelin en the Rolling
Stones. De tent die zichzelf de grootste
pub ter wereld noemt draaide zelfs metal
en Tenacious D. Met andere woorden: ik
kan zowel de bestemming en organisatie
volledig aanraden. - Jeroen van den Heuvel
太狸記・三月号
11
Tanuki Ouderdag
Ja hoor, je zit al weer even in de flow van je
studie, woont al een tijdje zelfstandig op kamers
– of niet – en doet buiten de overuren in de UB
alles wat de Bijbel of de Lotus Soetra afraden.
In de tussentijd zitten paps en mams gewoon te
wachten op jouw telefoontje, Facebook update
– ja, helaas doen ze daar ook aan mee – en goede
uitslagen zonder te weten wat jij in vredesnaam
allemaal uitspookt.
Hier wilden wij verandering in brengen door
ze in elk geval in die roze waas te houden dat
jij die ijverige student bent die nog steeds
na Sesamstraat onder de wol kruipt. Wij
presenteerden de ouderdag.
“Mijn kind studeert Japans/Koreaans” zeggen
deze ouders trots, nog onwetend dat hen een
periode van studievertraging en desoriëntatie
te wachten staat. Nog steeds onder invloed van
het goedje in de koffie die ze tijdens de open
dag gedronken hebben, geloven ze standvastig
dat hun kinderen later die ene superbaan gaan
krijgen. En wij, LVSJK Tanuki, houden ze nog
even lekker in die gedachte.
Op een niet zo’n zonnige 10 februari
verzamelden de verscheidene papa’s en mama’s
en andere bloedbroeders van onze lieve leden
in het Arsenaal. Na grootschalige exploitatie
van de gratis koffieapparaten en een bescheiden
speech werd het menens.
12
De Tour de Leiden kon beginnen. Op een
rustig tempo (het blijven senioren) lieten we
ze kennismaken met de exotische trekpleisters
die het pittoreske Leiden te bieden heeft.
De voordeur van het Sieboldhuis, het
adembenemend
mooie
Lipsiusgebouw
en de futuristische Burcht van Leiden.
Met uitzondering van enkele verdwaalde
plaspauzes keerden de groepen weer terug
naar de Universiteit waar hen een presentatie
te wachten stond over de studie van hun
kind.
Wat is Hiragana? Ichi, ni, san, ik snap er niets
van! Hoe lang is een Chinees? Wat spookt mijn
kind hier uit? Hoe bang op de schaal van 1 tot
Albert-die-brood-eet moet ik zijn wanneer mijn
kind naar Korea vertrekt? Om het antwoord
op al deze vragen en meer te kunnen bieden
verzorgden prof. Herber en Sara Klanker
afzonderlijk een informatieve presentatie.
Daarna was het uit met de pret. Of niet? Daarna
kwam wellicht de attractie die dichtst bij het
studentenleven van de lieve kindertjes kwam: de
borrel. Gelukkig vond deze niet plaats binnen
de muren van de sociëteit of een gore fusie, maar
in een bescheiden cafeetje. Een mooie afsluiter
van een gezellige dag. Het was leuk oma, maar
nu gaan we weer verder. – Steffen de Jong
太狸記・三月号
Research In Progress
RIP. Nee, niet wat er boven jouw grafsteen
staat samen met de tekst ‘Voor een goede tijd
bel 0654783*** [Steffen: Als je m’n nummer
wilt, spreek je me maar persoonlijk aan],’ maar
een acroniem voor Research in Progress. Dit
jaar mocht Tanuki de heer Giolai verwelkomen
die ons kwam vertellen over zijn Phd research.
Interessant was het zeker, en wij mogen nu
allemaal begrijpen dat research doen aan
de universiteit niet weggelegd is voor de
ongeduldige.
Het begon natuurlijk op Leidse wijze, 15
minuten over het hele uur. Alhoewel dit voor
ons Leidse studenten een punt van trots is,
werd ons meteen ook al duidelijk gemaakt dat
chronisch te laat zijn niet alleen gereserveerd is
voor Nederlanders. Italianen eten van dezelfde
pap. Maar dat kan natuurlijk, want exporteren
van lactose-houdende producten kan gelukkig
tussen landen van de Europese Unie. Ik dwaal
af.
De heer Giolai presenteerde aan ons de kunst
van Gagaku, een van of misschien ’s wereldse
oudste overgeleverde vorm van muziek en
toneel. Zelf heeft hij ook de mogelijkheid gehad
om een jaar lang in Japan, in de Kansai regio,
field research te mogen doen.
Verhalen en foto’s van eigen ervaringen geven
kleur aan de presentatie en brengen de oude
wereld zo dichtbij dat bij ons de fantasie
vrijwillig wegdwaalt naar de akkoorden van
voorbije tijden. De muziek mag dan wel niet
harmonieus klinken in de oren van Westerse
barbaren, maar de verfijnde tonen van Gagaku
hebben in de moderne wereld nog steeds een
voet op de grond staan.
We leren over de de theorie achter en de raison
d’être van het onderzoek, de instrumenten en
de oude en moderne vormen van de kunst. Het
is direct duidelijk dat zelfs een traditie zo oud
als deze haar bewonderaars heeft. Het is een
kleine groep mensen die zich naast hun werk in
weekenden bezighouden ermee.
Deze passie bij, deze liefde van en deze
loyaliteit aan Gagaku staat niet alleen centraal
in de uitvoering, maar heeft ook een centrale
rol in het onderzoek van de heer Giolai. Dat
wij de mogelijkheid hebben gehad om hier van
mee te mogen te genieten is iets waar ik de heer
Giolai zeer dankbaar voor ben, en wij wensen
natuurlijk hem het beste in het afronden van
zijn onderzoek. - Anoma van der Veere
太狸記・三月号
13
Gala 2014/2015: homecoming
Het jaarlijkse bal was weer aangebroken en voor ik in een pompoen veranderde moesten dus snel
de glazen loafers aan en een strop om m’n nek. Fashionably late is één ding, de helft van het feest
missen omdat mijn haar niet goed zit een ander.
En wat een feest was het ook dit jaar weer, eerstejaars die zich belachelijk maken onder het genot
van ongelimiteerde hoeveelheden drank, tweedejaars die zich belachelijk maken onder het genot
van ongelimiteerde hoeveelheden drank, derdejaars die zich… wacht, had ik dat niet al gezegd?
Ja het was me een prom, van het soort waar de vruchtenpunch gespiked is dan, maar dat doet er
niet toe. Tal van types zwierden weer heerlijk over de dansvloer en de DJ’s deden hun best niet
één nummer twee keer te draaien. Het enige wat daar nog op aan te merken viel was het enorm
gebrek aan 90’s dance hits, al kan ik me drie uur van het feest niet zo goed meer herinneren.
Om het even wat ik me wel kan herinneren was bijzonder. Lui dat zich verzamelt onder een soort
boog van ballonnen om de ‘prom foto’ te maken was een van die dingen. En het hoge gehalte aan
stijlvolle jurkjes en vlinderdassen. De barman wist echter niet van de dresscode geloof ik, maar
dat maakten de gratis borrelhapjes die zo goed met zijn outfit gingen dan weer helemaal goed.
Hopelijk zie ik jullie allemaal volgend jaar weer, dan ga ik tot die tijd behoorlijk proberen af te
kicken. Hoooi. – Vincent Meijer
14
太狸記・三月号
太狸記・三月号
15
Aan alle tekentalenten en aspirerend mangaka’s,
Is manga tekenen jouw passie? Then the Yearbook committee wants YOU
to draw manga!
Voor het jaarboek houden we een mangacompetitie. De winnende manga
wordt vereeuwigd in het jaarboek! Dit is jouw kans om je tekentalent en
artistieke uitspattingen in het enige echte Tanuki Jaarboek 2014-2015 te
laten publiceren!
Wat moet je doen:
Maak een manga op A5 formaat van ongeveer 2 à 3 pagina’s.
Het onderwerp is geheel vrij dus leef je uit! (Inhoud behoort wel
gepast te zijn!)
Manga stijl, dus zwart-wit
Tot wanneer: uiterlijk op 14 april 2015
Naar: jaarboek@tanuki.nl
16
太狸記・三月号
De weg der kalligrafie
De kunst van kalligrafie (書道 : Shodou) is
in Japan te traceren naar de vroege Heianperiode, rond 800 AD. Deze kunst is geheel
overgekomen uit China, evenals het gebruik
van kanji, die al enkele eeuwen eerder, in de
6e eeuw, over waren genomen. Hoewel de
geletterdheid van het volk vrij laag was in
de Heian-periode, bloeide er aan het hof in
Heian-Kyo (het huidige Kioto) een tijdperk op
van literatuur en dichtkunst. Onder andere de
bekende Genji Monogatari (Het verhaal van
Prins Genji) werd in deze periode geschreven.
Deze Chinese invloed was niet vreemd,
niet alleen omdat kalligrafie vanuit China
overgenomen was, maar ook omdat Chinezen
voor Japanners een groot voorbeeld waren door
onder andere hun kennis van de klassieken en
hun bureaucratisch systeem.
Drie bekende Heian kalligrafen zijn ‘De Drie
Kwasten’ (三筆 : Sanpitsu): Keizer Saga (嵯峨,
786–842), Kukai (空海, 774–835) en Tachibana
no Hayanari (橘逸勢, 782-842). In afbeelding 1
(zie hieronder) staat een gekalligrafeerde tekst
geschreven door Keizer Saga. De drie stonden
bekend om hun weergave van de tijdloze
schoonheid van de Chinese kalligrafie.
Tegenwoordig maakt men hoofdzakelijk
onderscheid
tussen
drie
kalligrafische
technieken: het Kaisho (楷書 : standaard
schrift), Gyousho (行書 : lopend schrift) en
Sousho (草書 : grasschrift). Zoals de namen
al weggeven is Kaisho het meest standaard,
blokletterachtige schrift, Gyousho een meer
cursief schrift dat de indruk geeft dat het sneller
is geschreven, en Sousho het schrift waarbij het
penceel niet van het papier komt tijdens het
schrijven.
‘De Drie Kwasten’ waren ook een inspiratie
voor vele andere kalligrafen, en hebben de weg
vrijgemaakt voor verschillende stijlen zoals de
Oie-stijl die in Japan tijdens de Edo-periode veel
werd gebruikt voor officiële documenten.
Tegenwoordig is voor de meesten Sousho niet
leesbaar: alleen mensen die voldoende kennis
hebben van het grasschrift kunnen het lezen
als normaal Japans. In afbeelding 2 staat een
voorbeeld van elk van de drie technieken. Het
geschreven karakter wordt gelezen als de ‘dou’
(weg, ofwel leer), die ook voorkomt in de kanji
voor kalligrafie: 書道 (Shodou).
Afbeelding 3 (pagina 19) geeft de benodigde
materialen voor kalligrafie weer. Van links
naar rechts en van boven naar beneden: de
Shitajiki is de onderliggende mat, vaak gemaakt
van vilt, wat de inkt tegenhoudt; de Bunchin
is een gewicht dat wordt gebruikt om het
papier op zijn plek te houden; de Fude zijn de
kalligrafiepenselen/pennen.
afbeelding 1
太狸記・三月号
17
Deze bestaan vaak uit geiten- of wezelhaar; de
Suzuri is een bakje voor de inkt, zij het vloeibare
inkt of Sumi, die je eerst vloeibaar moet maken
voordat je het kan gebruiken; tot slot betekent
Hanshi het papier dat gebruikt wordt, wat veelal
rijstpapier is. Natuurlijk is het ook mogelijk om
te kalligraferen op ander materiaal dan papier,
maar dat is zeker niet makkelijker.
Belangrijk bij kalligraferen zijn ten eerste
de vorm van de afzonderlijke lijnen, ofwel
penseelstreken, en ten tweede de vorm van
het karakter als een geheel. Bij het doen van
de penseelstreken moet je zelfbeheersing
en daadkracht tonen. Je kunt bij kalligrafie
namelijk niet corrigeren: wanneer een
penseelstreek gezet is kun je niet terug gaan om
het te verbeteren maar moet je doorgaan. Dit
vereist jarenlange oefening en concentratie.
Wanneer je kijkt naar het karakter in zijn geheel
moet het een uitstraling van balans geven. Bij
Kaisho en Gyousho is het zo dat karakters als het
ware in een vierkant zouden moeten passen, zij
het dat Gyousho cursiever is. Elk component
van het karakter moet zich kunnen verhouden
tot de andere componenten, je moet niet de
indruk krijgen dat het karakter bestaat uit losse
stukjes.
Bij Soshou is het belangrijk dat karakters zo
vloeiend mogelijk worden geschreven.
Wanneer je een karakter, of een aantal karakters
in dit grasschrift ziet, mag je niet het idee
krijgen dat elke penseelstreek los neer is gezet
en daarna is gestopt. Om dit effect te creëren
moet je gewend raken aan een andere manier
van schrijven, zonder aarzeling.
Daarnaast geldt voor alle stijlen dat het, in
tegenstelling tot bij westerse kalligrafie, niet
de bedoeling is dat herhaling plaatsvindt in
de karakters. Geen enkele penseelstreek mag
er twee keer hetzelfde uitzien, hoe vaak deze
penseelstreek ook voorkomt in het karakter.
Iedere penseelstreek moet verschillen in lengte,
hoek en dikte, ofwel vorm. Ook dit vereist veel
concentratie en vaardigheid.
Deze concentratie en zelfbeheersing kunnen
worden teruggevonden in verschillende
‘’wegen’’, ofwel leren in Japan. Voorbeelden
hiervan zijn de theeceremonie (茶道 : chadou),
bloemschikken (華道 : kadou) of zelfs
krijgskunst (武道 : budou). Onderdelen van
deze leren zouden namelijk sterk zijn beïnvloed
door zenboeddhisme (禅).
Afbeelding 2
18
太狸記・三月号
Afbeelding 3
Volgens
sommige
volgers
van
het
zenboeddhisme zou je door middel van onder
andere urenlange meditatie en het opdreunen
van soetra’s jezelf en je omgeving los kunnen
laten en innerlijke rust kunnen verkrijgen. Deze
innerlijke rust zou weerspiegeld worden in een
beheersing van een kunst zoals kalligrafie.
Verder zou de kunst van het schoonschrift
in Zuid-China al voor de opkomst van
zenboeddhisme een rol hebben gespeeld: in
de Chinese Oostelijke Jin-dynastie (317-420)
ontstond er rond de Jangtsekiang (Blauwe
Rivier) een schriftcultuur waarin er een
denkwijze was dat men van het handschrift
van een persoon zijn karakter en kwaliteiten
af kon lezen. Een bekende kalligraaf uit die tijd
was Wang Xizhi (303-361). De reden dat zijn
kalligrafie bewonderd werd was dat geen enkel
karakter dat hij schreef identiek was.
Niet alleen in China en in Japan, maar ook
in Korea wordt tegenwoordig nog steeds
gekalligrafeerd. Kalligrafie van het hangul is
weliswaar niet zo bekend als kalligrafie van
Chinese hanzi of Japanse kanji, maar wordt
toegepast en volgt dezelfde regels.
Ook bij hangul is het belangrijk dat de
penseelstreken zonder aarzeling gemaakt
worden en dat het karakter in balans staat.
Hoewel het hangul minder verschillende
soorten penseelstreken en variaties kent, bevat
het wel vormen die niet voorkomen in hanzi
of kanji, zoals de cirkel. Voor een kalligraaf
gespecialiseerd in hangul zou het echter geen
probleem moeten zijn om kalligrafische werken
van hanzi of kanji te beoordelen, en vice versa.
Al met al is kalligrafie een kunst met een
lange weg van geschiedenis, maar ook nu nog
wordt het door menigeen uitgeoefend met
verschillende motieven.
De één kalligrafeert om tot rust te komen,
de ander wil mooier leren schrijven. Het
maakt niet uit waarom je het doet, hoe goed
je erin bent, of zelfs maar of je kan lezen
wat je schrijft of niet. Als je maar je eigen
doel kan nastreven is het niet moeilijk om er
verlichting in te vinden. - Dorien Heerink
太狸記・三月号
19
De politiek van anime en manga
Politiek. De ene vindt het geweldig, de
overige meerderheid niet. Toch staat de
politiek centraal in het dagelijkse leven.
In het nieuws horen wij van verdachte troepen
aan de grens van Oekraïne en wat dichter bij
huis zien we de effecten van politieke discussie
in de zich opstapelende studieschuld bij
onze broertjes en zusjes die nu gedwongen
voorovergebogen gaan voor de diepe duw
van het leenstelsel. Dus hoe bereiken deze
discussies de menigte?
De Japanse bevolking heeft gelukkig
beschikking over intrigerendere middelen en
media die niet bestaan uit een schreeuwende
Wilders aan de vooravond van de polarisatie
van de Nederlandse maatschappij.
In Japan mogen ze niet genieten van de satire
van een Charlie Hebdo of een Theo van Gogh.
Nee, de subtiliteit van media bevindt zich in
manga en anime die bestaan uit een overvloed
aan genres en onderwerpen zoals, maar niet
beperkt tot: het bespotten van religie of politici
met grote neuzen en mannentongen in het
achterwerk.
20
In Japan zien we schrijvers en makers van
anime en manga die stoten tegen politieke
discussies door middel van een intens populair
cultureel product waarvan de consumptie niet
te vergelijken is met de
Nederlandse varianten die dezelfde, wel dan
niet vertaalde, naam dragen. Nee, in Nederland
is een politieke discussie enkel te vinden in
kleurvorm in de foto’s van een verdrietige
Minister President met een peerijsje en
een stripverhaal van drie panelen over de
rekrutering van Jihadisten door middel van
dick-pics op SnapChat.
De conditionering die gepaard gaat met
het opdoen van een persoonlijke vorm van
geletterdheid is in Japan anders dan in het geval
van de Nederlandse jugend.
De jeugd kan in Japan probleemloos genieten
van de fantastische verhalen van een vosjongen
die negen rode staarten uit zijn achterwerk
perst als hij boos is, de feminist in mij vraagt
zich echter af waarom hij geen vrouw is en
bedenkt zich dan dat deze gewoon tampons en
maandverband gebruiken.
太狸記・三月号
Desalniettemin zijn het de fantastische
verhalen van supersterke jongetjes van 12
jaar die met hun Bankai en Kamehameha
volwassen en getrainde superschurken verslaan
die de gedachtes vullen van kleine jongens en
meisjes en de vorming van hun persoonlijke
geletterdheid zullen beïnvloeden. Ditzelfde
fenomeen oefent invloed uit in de vorming van
de identiteit van deze kinderen.
Net als de student zijn opinies vormt door de
mening van zijn of haar docent te absorberen,
kan een schrijver van een manga de mening van
de lezer pogen te beïnvloeden. Kleine meisjes
die kawaii willen worden en kleine jongetjes die
zombies willen neerschieten zijn overal terug te
vinden.
Aan deze kant van het spectrum zijn de felle
kleuren die plezier omvatten te vinden, maar op
de achtergrond vertelt het verhaal de donkere
kleuren. De irrationele gestoordheid die
plezier haar rationaliteit, haar goede kleuren
geeft; dat vrouwen schattig en onderdanig
moeten zijn en dat jongens de overheid niet
moeten vertrouwen, omdat deze hen niet kan
beschermen tegen ziektes uit het buitenland.
De politiek van het alledaags mist haar doel niet
in de conditionering van jonge geesten.
Manga en anime vormen zodanig, dankzij de
enorme consumptie, een enorme invloed op de
vorming van de persoonlijke identiteit van de
consumenten.
De afbeeldingen en het gebruik van taal
in beide media vormen zowel bedoeld als
onbedoeld een beeld van haar verhaallijn. Postapocalypstische anime als Ghost in the Shell
vernietigen de bestaande sociale context van
de kijker en plaatsen hem of haar in een nieuwe
wereld, ¬Neo Tokyo. In deze futuristische
wereld geniet de kijker op ironische wijze van
dezelfde vorming van identiteit die hij of zij zelf
op dat moment doormaakt.
De hoofdpersoon van Ghost in the Shell is op
zoek naar zichzelf en komt tot de conclusie
dat een mens is wat een mens gedaan heeft.
Een cumulatieve ervaring. Want hoe kan jij
ooit zijn geworden wie je nu bent door vroeger
andere dingen te hebben gedaan dan je zelf hebt
gedaan?
太狸記・三月号
21
Het wegvallen van de sociale context in
deze anime geeft de kijker deze blik op de
identiteitsvorming van de personages. Door
weg te nemen wie jij bent, door weg te nemen
wat jij hebt ervaren, door weg te nemen wie jij
denkt te zijn, kan jij jezelf nooit meer zijn.
Dit effect kan op verschillende manieren
ervaren worden. Binaire opposities die claimen
dat de een het ander niet is (positief en negatief)
achterwege latende, is het perspectief van
jezelf essentieel voor de vorming van jouw
eigen identiteit. De verbeelding van de grote
antagonist in Ghost in the Shell als buitenlander
kan de kijker zijn of haar nationale identiteit als
Japanner benadrukken. Maar de consolidatie
van de schurk en de heldin op het einde kan
ook het gevoel van harmonie versterken bij de
kijker, het samengaan van meerdere identiteiten
omwille van vooruitgang.
Het effect van zulke verhalen is nagenoeg niet
te meten zonder voorkennis over de natuur van
de mens, iets waar aan gewerkt wordt sinds het
ontstaan van de Sapiens maar wat helaas nog
steeds niet bewerkstelligd is.
Toch is de discussie “politieke dimensie
van manga en anime” van groot belang. De
kinderlijkheid van Shin Chan neemt niet weg dat
hij soms een kleine feminist is maar ook soms
een minder kleine seksist is. Dat de ‘traditionele
familie’ die afgebeeld wordt in Sazae-san zowel
als ideale familie en als conservatieve smurrie
ervaren wordt is sprekend.
Het nut van politieke discussie in anime en
manga kan betwist en bewerkt worden met
dezelfde feiten en grafieken die anti-vaccinatie
ouders in staat stellen de pokken te verspreiden.
Desalniettemin is het fenomeen niet weg te
denken uit de vorming van de Japanse jeugd.
Daarom kunnen de kwantiteit van verhalen en
de kwaliteit van referentiegroepen; de creatie
van persoonlijke geletterdheid; en logischerwijs
persoonlijke identiteit; de discussie doen
oplaaien.
Het is een mogelijkheid om in de passiviteit
van het post-modernisme de jeugd een mening
te laten vormen. Laat kinderen denken over de
de verwerpelijkheid van moord door ze naar
Rurouni Kenshin te laten kijken, of benadruk
de schoonheid van natuur door elke week een
Miyazaki film op te zetten. Zo eindigen wij
niet met een generatie fatalisten aan de macht.
We kunnen eindelijk onze angst voor de veel
te dikke, veel te domme Y-generatie opzij
schuiven en baden in de glorie van vermakelijke,
smakelijke politiek.
Een probleem gaat tenslotte niet weg door kritiek
te geven en vervolgens uit desinteresse weg te
kijken. Het is tijd om politiek leuk te maken,
het is tijd voor massaproductie van anime en
manga in Nederland. – Anoma van der Veere
22
太狸記・三月号
De strijd tegen drugs in Japan
De Tochigi prefectuur in Japan: rijen cannabis
planten strekken zich uit voor de bezoekers
van het cannabis museum. Cannabis in
Japan? Jawel, maar dit is niet een museum
waar de bezoekers allemaal met snacks op
loungebanken zitten te genieten van wat de
natuur te bieden heeft. Voorgerold met vloei
en wel. Het museum wil de meer dan 2000 jaar
oude hennep cultuur van Japan aan het licht
brengen. Er zijn printen te zien van vrouwen
die weven en foto’s van boeren die de hennep
afhakken. Tot de Amerikanen na de oorlog de
wet op cannabis controle invoerden was dat
volkomen legaal. Nu staan er straffen op.
Het is niet zeker of Japanners hennep alleen
maar gebruikten voor kleding, touw en andere
dagelijkse gebruiksvoorwerpen. Het is mogelijk
dat cannabis ook als drug werd gebruikt, maar
daar is geen documentatie over. Tot in 1948
voorzagen 25,000 cannabis boerderijen de
bevolking van hun behoeften, maar in 2014
waren daar nog maar 60 erkende boerderijen
van over. Ze produceren alleen cannabis in
kleine hoeveelheden.
De politie in Japan voert campagne tegen
cannabis als drug en vergeet hierbij te vermelden
dat het ook als hennep gebruikt wordt. Ironisch
genoeg is het plantje zelf nogal hardnekkig. De
overgebleven zaadjes van de planten die voor
1948 nog gewoon legaal waren groeien elke
zomer vanzelf op bepaalde plekken, waarna de
politie zo’n één tot twee miljoen plantjes uit de
grond moet trekken.
De cannabis wet van Japan is redelijk streng; tot
5 jaar voor het bezitten van cannabis en tot 7
jaar voor het kweken ervan. In vergelijking is het
in Engeland bij de derde keer betrapt op bezit
pas een maximum straf van 5 jaar. Bovenop het
bestraffen van het bezit en het groeien, is ook
medisch onderzoek naar cannabis verboden
in Japan. Het is niet te zeggen hoe groot de
bijdrage is van deze wet, maar het gebruik van
illegale drugs in Japan is in ieder geval zeer laag.
Er zijn echter drugs die volgens de wet niet
gecategoriseerd kunnen worden als drugs. Vaak
zijn het gedroogde planten of verschillende
andere substanties. Ze gaan onder verschillende
namen: loophole drugs, herbs (ハーブ : haabu),
dappo (脱法 : dappou) etc. en de drugs worden
gezien als een quasi-legale vervanging voor
illegale drugs. Ze worden ook niet altijd
verkocht als drugs maar als wierook of iets
dergelijks. De effecten kunnen wel die van
illegale drugs zijn.
太狸記・三月号
23
In juli 2014 knalde een auto in Tokio op andere
wagens waarbij drie mensen gewond raakten.
De bestuurder was onder invloed van dappo.
In juni was er ook al een voetganger overreden
door iemand onder invloed van dappo. De
voetganger overleefde het niet. Het aantal
ongelukken waarbij dappo betrokken is stijgt.
In 2012 waren het er negentien en in 2013 al
veertig. Vaak weten volwassenen niet eens wat
de drugs zijn en hoe schadelijk ze kunnen zijn.
De regering heeft al eerder geprobeerd om
de drugs te verbieden. Productie, verkoop en
import zijn al verboden. Vorig jaar zijn ook
bezit en gebruik illegaal gemaakt en heeft het
ministerie van gezondheid tien chemische
substanties toegevoegd aan de lijst van drugs
die een negatief effect op het lichaam hebben.
Het is alleen lastig, omdat de samenstelling
maar lichtelijk veranderd hoeft te worden om
de drugs weer buiten de wet te laten vallen.
Een andere populaire drug in Japan is
methamfetamine. In 2013 zijn er in Japan
12.951 mensen gearresteerd waarbij de
aanklacht met drugs te maken had. De meeste
hiervan waren aangeklaagd voor het bezit van
methamfetamines. Interessant genoeg is deze
drug ontdekt in 1888 in Japan door Nagayoshi
Nagai.
24
Aangezien het zijn 33e extract was dat
hij ontdekte werd het aanvankelijk M33N
genoemd. Eigenlijk werd er niet zo veel mee
gedaan tot rond 1935. Japan herintroduceerde
de drug nadat Westerse landen als Amerika,
Engeland en Duitsland er nuttige eigenschappen
in zagen.
Na de oorlog begon het misbruik ervan, mede
door de stress en depressie. De voorraad
methamfetamine van het leger viel in handen
van burgers en het misbruik piekte met een
geschat aantal van 550.000 verslaafden in Japan
in 1954. Rond de twee miljoen had toen de drug
wel eens gebruikt. Nadat de drug verboden was
en de politie hardhandig was gaan optreden
daalde het aantal arrestaties in verband met de
drug naar 271 in 1958. De drug is echter zeer
verslavend en het aantal arrestaties is iets boven
de 10.000 blijven hangen sinds 1976.
Ondanks dat de strijd met quasi-legale drugs
en methamfetamine nog niet uitgevochten is
doet Japan het toch wel goed op het gebied
van gebruikersaantallen. In landen als de VS,
Mexico en Spanje ligt het gebruik veel hoger. De
Japanse politie zou eigenlijk niet moeten klagen
dat er hier en daar een cannabis plantje of 2
miljoen uit zichzelf opduiken. - Simone Felix
太狸記・三月号
Economie van Japan
Zo’n
3
maanden
geleden
zorgden
krantenkoppen over de economische situatie
van Japan voor verbazing in de financiële
sector. Japan bevind zich wederom in
een recessie. Een jaar geleden spraken
nieuwskoppen enkel lof over de Japanse aanpak
en gaven het als voorbeeld van hoe Europese
landen het zouden moeten aanpakken. Hoe
heeft het in één jaar tijd zo sterk kunnen
veranderen zonder ingrijpende veranderingen
in de wereldeconomie? Wat maakte het dat
de ogenschijnlijk succesvolle maatregelen op
langere termijn niet bleken te werken? Waarom
zou je hier als geesteswetenschappen student
om moeten geven?
Om te begrijpen waar Japan op het moment
staat moeten we een stapje terug doen en kijken
naar de aanloop. Terug naar wat wellicht de
meest bekende gebeurtenis is in de geschiedenis
van de Japanse economie: het barsten van de
‘economische zeepbel’ in 1990. In de jaren ’60,
’70 en ’80 werd Japan gekenmerkt door een
constant groeiende economie. In september
1985 werd een verdrag getekend in New York
om de dollar te laten depreciëren tegenover de
yen om zo, vanwege goedkopere dollar, import
producten vanuit de V.S. goedkoper te laten
worden.
Gedurende die tijd bereikte Japan zijn
hoogtepunt in economische glorie. Japanse
bedrijven bleken veruit het meest efficiënt te
zijn in het produceren van diverse producten
in hoge kwantiteit. Door de jaren heen hadden
door zuinig uitgavebeleid deze bedrijven
gigantische geld voorraden aangelegd. De Bank
van Japan verlaagde rente percentages van 5%
naar 2,5% tussen 1985 en 1987. Het loonde
dus minder om geld op de bank te houden
met deze gehalveerde rente. Hierdoor werd
het aantrekkelijker voor Japanse bedrijven om
bedrijven en voornamelijk vastgoed in de V.S.
op te kopen om hiermee een hoger rendement
proberen te halen uit opgespaarde reserves.
Niet alleen de bedrijven investeerden in het
buitenland.
De overheid genoot grote inkomsten en was zo
optimistisch dat ze nog veel grotere uitgaven
hanteerden.
Zo begon het dat vanwege de lagere
rentepercentages bedrijven, overheid, banken
en ook individuele huishoudens grootschalig
investeerden in de Amerikaanse en Japanse
vastgoedmarkt. Doordat de Japanse economie
gestaag genoot van een goed lopende export
was er een overvloed aan geld om te investeren.
Door de grote hoeveelheden geld werd men
steeds onvoorzichtiger. En dit zorgde al
gauw voor uiterst speculatieve investeringen.
Dat wil zeggen, er werd steeds lakser geld
uitgegeven aan vastgoed en projecten waarvan
het onduidelijk was of ze de investering wel
waard waren, maar doordat iedereen vastgoed
opkocht werd er over het algemeen gedacht dat
dit het meest gunstige was om in te investeren.
Steeds meer investeerders wilden vastgoed,
waardoor de prijzen gigantisch omhoog
schoten, op het hoogtepunt waren de prijzen
boven de 1 miljoen dollar per vierkante meter.
Uiteraard was de grond helemaal niet zoveel
waard, maar deze ‘gebakken lucht’ kon blijven
bestaan omdat er destijds nog nooit zo’n
precieze situatie zich had voortgedaan. Het
was onbekend dat dit zou kunnen leiden tot
een beurscrash. Zo bleef deze gebakken lucht
intact doordat de bel die het vasthield niet werd
doorgeprikt.
太狸記・三月号
25
Uiteindelijk begonnen de landprijzen langzaam
te dalen in Tokyo in 1988 en verspreide het
zich naar andere regio’s in 1991. Dit is een van
meerdere factoren in een ingewikkeld systeem
van het Japanse monetair beleid, ingewikkelde
belastingstelsels, Japanse huurpacht en
een steeds agressiever investerend Japans
bankwezen. Met het begin van de dalende
huizenprijzen kwam een sneeuwbaleffect op
gang dat zorgde voor een beurscrash waar
Japan tot op de dag van vandaag nog niet
helemaal overheen is gekomen.
Er zijn 2 grote gevolgen waar Japan mee te
maken kreeg en die nog steeds van invloed
zijn op bijna alle beslissingen in de politiek in
Tokyo. Ten eerste is er het befaamde ‘verloren
decennium’. Een periode waarin Japan voor
een ruime 10 jaar lang vocht tegen constante
deflatie. Ten tweede kwam de Japanse staat
met een schuld van ruim 200% van het Bruto
Nationaal Product, BNP, omdat de vele
investeringen niets waard bleken te zijn, want
met de hypothetische inkomsten waren al
nieuwe uitgaven gedaan. Het komt er dus op
neer dat de schuld van de overheid ruim twee
keer zo hoog is als het totale jaarlijkse inkomen
van heel Japan. Om dit even aan te sterken;
Griekenland heeft op het moment nog steeds
een lagere schuld dan Japan.
Het valt niet genoeg te benadrukken hoe
ontzettend gevaarlijk deze grote schuld is.
De reden hiervoor is de te betalen rente aan
investeerders. Over alle 200% die Japan
heeft geleend moet rente betaald worden.
Die rente wordt betaald met een deel van de
belastingen op het Japanse BNP. De rest van de
belastinginkomsten worden gebruikt voor twee
dingen: afbetaling van schuld en alle jaarlijkse
overheidsuitgaven. Er zijn echter een aantal
problemen op die twee vlakken waar Japan
mee te maken heeft. De jaarlijkse inkomsten
uit belasting zijn niet genoeg om alle jaarlijkse
uitgaven van te betalen. Japan moet daardoor
dus meer lenen van investeerders, maar dan
heeft Japan nog niet eens schuld afbetaald.
Naast het probleem dat Japan de schuld niet
kan afbetalen zijn er nog de zorgen om het
vinden van investeerders. Om de kosten van
rente zoveel mogelijk te drukken heeft de
Japanse overheid in overeenkomst met de bank
van Japan voor lange tijd een zo laag mogelijk
rentepercentage aangehouden, maar hier zijn
investeerders uiteraard niet blij mee, want dit
betekent nou eenmaal dat zij steeds minder geld
krijgen.
Nieuwe
investeerders
kunnen
dus
terughoudend zijn omdat de rente die ze
jaarlijks ontvangen erg laag is. Hierin kan een
tweedeling gemaakt worden tussen Japanse
investeerders en buitenlandse investeerders. De
Japanse investeerders zijn weinig rente gewend
op investeringen, omdat als ze hun geld op de
bank zetten ze nog steeds vast zitten aan de
jaarlijkse rente van de bank van Japan.
Idealiter zou de Japanse overheid dus meer
Japanse investeerders krijgen, dat wil zeggen,
meer individuele huishoudens en/of bedrijven
die dat doen. Japan heeft dus huishoudens en
bedrijven nodig die meer inkomsten produceren
om mee te investeren. Zoals algemeen bekend
is de Japanse bevolking echter sterk aan het
vergrijzen. Ouderen zullen waarschijnlijk
eerder geld kosten dan opbrengen, wat betekent
dat er beperkte ruimte is voor Japans geld om
geïnvesteerd te worden.
26
太狸記・三月号
Gedurende een groot deel van de tijd dat Japan
in zijn economische dip zat werd de overheid
dan ook geholpen door investeringen vanuit
Japanse bedrijven, en niet zozeer Japanse
huishoudens. De grootste reden dat dit niet
genoeg was ligt dan weer bij het instorten van de
huizenmarkt in de Verenigde Staten eind 2008.
Investeerders raakten hun vertrouwen kwijt in
de V.S. en gingen op zoek naar een ander land
dat ze betrouwbaarder leek. De uitkomst leek
Japan. Dit betekende dat samen met Japanse
aandelen ook de Yen meer in trek kwam, wat
betekende dat de Yen een stuk meer waard
werd dan de Dollar. Dit leidde er echter toe dat
veel Japanse bedrijven verlies gingen leidden.
Doordat de Yen omhoog ging werd het immers
voor andere landen duurder om producten van
Japan te kopen, de export daalde en daarmee
ook de mogelijkheid van veel bedrijven om in
hun eigen land te investeren.
De buitenlandse investeerder is dus uiteindelijk
meer nodig. Zoals net al aangegeven werd Japan
populairder bij buitenlandse investeerders,
maar als een investeerder geld op de bank
houdt krijgt deze daar in zijn thuisland meer
voor dan in Japan. Om deze reden heeft Japan
van zijn jarenlange beleid moeten afzien om het
rentepercentage zo dicht mogelijk bij de 0% te
houden. Het probleem wat dit echter creëerde
is dat op alle schuld van Japan ook meer rente
betaald moet worden, maar doet de Japanse
overheid dit niet dan is er niet genoeg geld
beschikbaar om alle uitgaven te bekostigen.
De positieve gevolgen mochten echter niet
lang duren. Het hevig financieel investeren in
de economie zorgde voor grote tekorten in het
Japanse staatsbudget. Om dit tegen te gaan was
van tevoren al gepland om goederenbelasting te
verhogen van 5% naar 8%. Deze gok heeft echter
niet gewerkt omdat Japanse consumenten
niet meer zijn gaan uitgeven dan voor deze
financiële investeringen. Dit komt voornamelijk
omdat zo’n 80% van de Japanse bevolking geen
eigen aandelen heeft en er zich nog geen grote
inflatie heeft plaatsgevonden voor individuele
consumenten om meer uit te geven.. Daarnaast
zorgde de dalende yen voor een substantiële
toename in export, maar de bedrijven zijn door
de economische tegenvallers in de afgelopen 20
jaar erg voorzichtig geworden met het uitgeven
van hun reserves. Het extra geld dat hiermee
Japan binnen is gekomen is dus niet in de
economie terecht gekomen, maar zit vast op de
bankrekeningen van grote bedrijven waardoor
er niets gebeurt of verandert. Het getekende
beeld is hier wellicht erg grimmig, maar er zijn
een groot aantal economen die het somber
inzien voor Japan. – Sander Breeuwer
In de lente van 2013 kondigde de nieuwe
premier, Shinzo Abe, een ambitieus plan
aan wat sindsdien de term Abenomics heeft
gekregen. Met enorme financiële investeringen
en het uitprinten van nieuw geld op tot dusver
ongeëvenaarde schaal hoopte Abe de Japanse
economie uit zijn ondertussen ruim 20 jaar
lang durende deflatieperiode te helpen. Dit
leek aanvankelijk goed te werken. Door
de investeringen in de economie werden
marktaandelen
hoger
door
hoopvolle
verwachtingen van investeerders en bedrijven.
Ten tweede zorgde het massale drukken van
geld ervoor dat de Yen koers sterk daalde in
korte periode.
太狸記・三月号
27
Aan de Amsterdamse grachten:
de Japanse versie
Mocht je als tweedejaars Japanoloog tijdens
je verblijf van drie maanden in Japan toch
heimwee krijgen naar ons fijne kikkerlandje,
dan heeft Japan de perfecte oplossing voor jou!
Breng een bezoek aan Huis ten Bosch (ハウス
テンボス Hausu Ten Bosu): een pretpark in oerHollandse stijl. Naast alle replica’s van typische
gebouwen zoals de Dom (deze heeft een
lift!), de grachtenpandjes en hier en daar een
traditionele molen, zijn de personages Nijntje
en Loeki de Leeuw er ook vertegenwoordigd.
Wat je staat te wachten is een déjà-vu van je
vertrouwde landje op twaalf uur vliegen!
Opening van Huis ten Bosch
Het pretpark Huis ten Bosch ligt aan de baai
in Sasebo, Nagasaki. Het idee van een klein
Nederlands stadje werd bedacht door Yoshikuni
Kamichika, een architect die eind jaren ’70
een reis door Europa maakte en diep onder de
indruk was van de Nederlandse architectuur en
de Nederlandse ervaring met het inpolderen
van water. In 1983 liet hij Nagasaki Holland
Village bouwen, een klein begin aan Het Dorp
in Nederlandse stijl.
28
Het verder uitbreiden van het park gebeurde in
1988: er werd ruim zes kilometer aan grachten
gegraven, typische Nederlandse gebouwen
werden nagebouwd en vele planten en bloemen
werden geplant. Voor de bouw van o.a. Huis
ten Bosch werden zelfs stenen uit Nederland
helemaal naar Japan geëxporteerd. Doordat
prinses Beatrix geen exacte kopie van het paleis
toestond, zijn er enkele aanpassingen gemaakt
bij de Japanse versie.
Het park werd officieel geopend op 25 maart
1992 met de naam ‘Huis ten Bosch’. De plaats
Nagasaki waar het park werd gebouwd was de
perfecte plek, want in deze plaats op het eilandje
Dejima ontwikkelde zich de handelsrelatie met
Nederland.
Het park is vernoemd naar het officiële paleis
Huis ten Bosch gelegen in Den Haag en
binnenkort de nieuwe residentie van koning
Willem-Alexander, Willempie, van OranjeNassau en zijn gezin.
太狸記・三月号
Faillissement en doorstart
Zo mooi en aantrekkelijk als het park nu is, is het
zeker niet altijd geweest. In 2003 ging het park
failliet; dit kwam door het flink dalende aantal
bezoekers en de nasleep van de economische
recessie in de jaren ’90.
Na het faillissement werd er jaren niet meer
naar het park omgekeken en raakte het in
verval. Het toen verlaten en vervallen pretpark
werd trouwens zelfs als decor gebruikt bij het
Nederlandse programma Wie is de Mol?.
In 2010 werd er ruim tweeënhalf miljard dollar
in het park gepompt en werden er nieuwe
bezienswaardigheden en attracties gebouwd
door H.I.S., een reisorganisatie. Ook al gaat het
nu iets beter met het park, de toekomst is niet
zeker: het bezoekersaantal is gestegen, maar
niet in grote aantallen.
Doordat er nieuwe attracties worden aangelegd
en er speciale optredens en promotievideo’s
van het park met bekende Japanse artiesten
zoals AKB48 en Tohoshinki zijn, hoopt het
park op een hoger bezoekersaantal.
Een leuk feitje is dat de Universiteit Leiden
ruim een decennium lang een dependance had
in Huis ten Bosch: Japanologen konden hier les
krijgen. Helaas werd deze dependance door
gebrek aan Poen afgeschaft.
Attracties
In het park zijn in de verschillende traditionele
gebouwen vele tentoonstellingen te vinden
over de Nederlandse geschiedenis en cultuur.
Zo heb je in het stadhuis van Gouda een
glastentoonstelling en in de Oude Kerk in
Delft een carillontentoonstelling. In het Huis
ten Bosch paleis is een tentoonstelling van
kunst gemaakt door Japanse en internationale
kunstenaars. Er is voor de liefhebbers ook
nog een teddyberententoonstelling in kasteel
Nijenrode.
Naast de grachtentochtjes die je kunt maken,
kun je ook de replica van het schip ‘De Liefde’
bezoeken, waarmee de Nederlanders Japan
bereikten in de 17e eeuw. Je kunt overigens ook
nog fietsen huren en langs de grachten fietsen, je
neemt de pendelbus om langs de verschillende
attracties te gaan of je gaat In een Rijtuigie het
park door.
太狸記・三月号
29
Voor iedereen die wat meer van adrenaline
houdt, is er een kabelbaan en in de touwfabriek
van de VOC een virtuele achtbaan. Andere
attracties zijn onder anderen een reuzenrad,
spiegeldoolhof en reuze doolhof van vijf
verdiepingen en enkele zwembaden.
Toch is niet alles wat je vind in het park typisch
Nederlands: fans van de populaire animeen mangaserie One Piece kunnen hier een
boottocht maken op een enorm One Piecepiratenschip.
In totaal zijn er meer dan dertig attracties naast
alle tentoonstellingen, dus is er voor ieder de
kans om met De Glimlach van een Kind het
park weer te verlaten.
Er zijn elk seizoen verschillende festivals,
zo heb je bijvoorbeeld in de lente het
tulpenfestival, waarin alle duizenden Tulpen
Uit Amsterdam in bloei staan en in de winter
heb je een maskerade festival. Enkele keren per
jaar zijn er vuurwerkshows en er zijn ook met
regelmaat parades.
Naast de vele attracties en gebouwen met
tentoonstellingen, zijn er restaurants, enkele
hotels, theaters, bioscopen en winkels.
Overigens kun je in deze restaurants wel
Nederlandse gerechten bestellen, maar op de
menukaart zal je toch meer Japanse lekkernijen
tegenkomen dan Nederlandse.
30
Het bezoek
Voor 6,100 yen kun je een hele dag door het
park van 152 hectare struinen, voor 11,300
yen kan dit voor twee dagen. Als je na vier uur
’s middags komt en een ‘Moonlight Passport’
koopt van 4,600 yen , kun je tot laat van het
park dat door elf miljoen lampjes en er door
laserlichten wordt verlicht, genieten. Deze
Kingdom of Lights is ’s werelds grootste
lichtshow en is al drie keer op rij gekozen als
meest populaire lichtfestival in Japan.
Jaarlijks komen er rond de 5 miljoen mensen
Huis ten Bosch bezoeken, waarvan de meesten
natuurlijk Japanners zijn. Het park is echter ook
populair bij Koreanen, Chinezen en toch ook
wel de nieuwsgierige Nederlandse toeristen die
benieuwd zijn hoe Yoshikuni Kamichika erin is
geslaagd om Nederland na te bouwen.
Het park is handig voor Nederlandse studenten
met heimwee, maar soms ook toch wel een
bizarre gewaarwording: foto’s lijken net
gewoon in Nederland te zijn genomen, alleen
de bergen op de achtergrond verraden dat dit
toch niet het geval is! Voor meer informatie
bekijk de Engelse park gids met alle faciliteiten:
http://english.huistenbosch.co.jp/traveler-en/top.
html - Annemieke Kapaan
太狸記・三月号
Kwallen en de Indiase staalindustrie
In 2010 verschijnen in de internationale media
berichten over bizarre kwallenplagen die de
zeeën tussen Japan en China teisteren. National
Geographic spreekt van “Japan’s Nomura
Invasion”, en in een artikel van Live Science
wordt opgemerkt hoe berichtgeving over de
talloze kwallen voor de Japanse kust iets weg
heeft van horrorverhalen. Deze mysterieuze
kwallen, de echizen kurage (エチゼンクラ
ゲ : nemipolema nomurai), die behoren tot de
op één na grootste soort ter wereld zouden
de visstand bedreigen en de visserij ernstige
schade toebrengen.
Echter, hoewel er te weinig zekerheid is over de
omvang van de reproductie van deze kwallen
en de verhouding hiervan tot eerdere plagen en
de staat van het ecosysteem, lijken rapportages
het eens te zijn dat de plotselinge plagen een
toenemende frequentie en intensiteit hebben.
Het is een alarm van moeder natuur zelf,
stellen de artikels, de mens moet nu iets gaan
veranderen in zijn gedrag of deze kwallen
maken een einde aan de gebruikelijke gang van
zaken.
Aan het einde van datzelfde jaar maken de vier
grootste staalproducenten van Japan officieel
bekend dat zij zich nu ook gaan vestigen in
India. Opvallend omdat dit voor Japan, een land
dat zelf niet over voldoende rauwe ijzererts en
goedkope steenkool beschikte, een terugkeer
naar de roots is, zo merkt het tijdschrift Forbes
op. “Tot China’s staalsector opkwam rond
het einde van het millennium belandde meer
dan drie kwart van de uit India geëxporteerde
ijzererts in Japan.”
Het artikel legt uit waarom dit niet vreemd
is, immers in Japan worden de bedrijven
weggeconcurreerd
door
buitenlandse
reuzen uit Korea en China, maar door
samenwerkingsverbanden
met
gestaag
groeiende Indiase staalproducenten aan te
gaan versterken zij hun eigen marktaandeel
en beschermen zij zichzelf tegen concurrentie
met deze nieuwe partners. Als om deze zucht
naar voortbestaan te bevestigen kondigden
Nippon Steel en Sumitomo Metals een fusie
aan waardoor zij samen ’s werelds op één na
grootste staalproducent zouden vormen
.
Op dit punt zul je denken: “ok, dat is allemaal
leuk en zo, maar wat hebben deze twee verhalen
in hemelsnaam met elkaar te maken?!” En dat
ga ik je nu dus verklappen, het sleutelwoord
is: “klimaatverandering”. Gaat dat te snel?
Als het goed is wel, maar hier volgt waarom
klimaatverandering dan toch deze twee
verhalen verbindt.
Japan en klimaatverandering.
Als het gaat om klimaatverandering en Japan
verschuift de focus van het gesprek al snel
naar de onmenselijkheid van walvisvaart
of het gevaar van kernenergie. Soms weet
je gesprekspartner zelfs iets interessants te
melden over verstedelijking of natuurrampen.
En zoals zo vaak in de media wordt al snel een
kritische blik verruild voor een cynische, maar
wat doet Japan dan eigenlijk goed en waar zou
zij als voorbeeld kunnen dienen?
太狸記・三月号
31
Hoewel wij slechts lezen over hoe wij het klimaat
dusdanig verziekt hebben dat kwallenplagen de
Japanse kust teisteren wordt voorbijgegaan aan
het feit dat wij de meeste van onze kennis over
de echizen kurage aan ene Prof. Dr. Shin-Ichi
Uye (上真一 : Ue Shinichi) te danken is. Deze
onderzoeker aan de universiteit van Hiroshima
(広島大学 : Hiroshima Daigaku) neemt actief
deel aan het nationale STOPJELLY Project dat
problemen door kwallenplagen met praktische
oplossingen bestrijdt.
“Ja”, zul je denken, “en investering in de
vervuilende staalindustrie van India, is de
keerzijde van de medaille zeker?” Maar niets is
minder waar, want deze investeringen worden
genoemd als voorbeeld van duurzaam beleid
door Japanse vertegenwoordigers bij de 20ste
“Conference of the Parties to the United
Nations Framework Convention on Climate
Change” (COP 20) in 2014. Dat is dezelfde
UNFCCC waarvan de missie uitgestippeld
staat in het beruchte Kyoto-protocol dat de
uitstoot van broeikasgassen door deelnemende
staten officieel aan banden legt.
Beide gevallen zijn kenmerkend voor de koers
die Japan in de internationale politiek vaart,
Japan is zelfs door sprekers van de UNFCCC
onthaald als toonaangevend in de strijd tegen
klimaatverandering.
dat plaatselijke gemeenschappen vanuit
de internationale gemeenschap moeten
worden geholpen zich aan te passen aan het
veranderende klimaat.
Dit houdt bijvoorbeeld in dat betere gegevens
over de impact van klimaatverandering en de
mate van klimaatverandering beschikbaar
moeten worden; maar ook dat ontwikkelende
landen geholpen worden zich duurzaam te
ontwikkelen; of dat landen geholpen worden
om te gaan met de directe gevolgen van
klimaatverandering. Op deze drie gebieden
loopt Japan als hulpverlenend land voorop, en
Uye Shin-ichi of investeringen in de Indiase
staalindustrie zijn slechts een greep uit de
verschillende internationale oplossing-gerichte
instituten, organisaties, en onderzoekers die
Japan rijk is.
Groen Japan?
Betekent dit dat Japan in alle opzichten voorop
loopt in het omgaan met klimaatverandering?
Dat zeker niet. Een kritische blik blijft
opnieuw van groot belang, misschien nog wel
des te meer wanneer politiek, economie en
klimaatverandering probleemloos in elkaar
over lijken te lopen.
Dit is niet gek want alleen al in 2014 zegt Japan
op de COP 20 toe 1.5 miljard dollar aan het
Green Climate Fund (GCF) bij te zullen dragen,
dat is de op één na grootste bijdrage door een
enkel land aan het fonds en de helft van wat de
Verenigde Staten bijdraagt, of zelfs vijftien keer
zoveel als wat Nederland bijdraagt.
Deze
politiek
werd
door
Japanse
vertegenwoordiging aan de COP 20 uiteengezet
middels presentatie in hun “Japan Pavilion” en
borduurt voort op het “Aanpassingsinitiatief”
dat Shinzo Abe de klimaattop in New York
datzelfde jaar voorlegde.
In
plaats
van
een
project
dat
klimaatverandering ongedaan probeert te
maken – iets wat volgens critici niet eens
mogelijk is – stelt het aanpassingsinitiatief voor
32
太狸記・三月号
Het eerste dat opvalt aan de aanpak die Japan
voorstelt is dat het nauwelijks gaat over de
situatie in Japan zelf. Het enige dat kort ter
sprake komt is het belang van regen voor –
nadrukkelijk – iedereen en gevolgen voor de
Japanse rijstoogst wanneer niet goed met
klimaatverandering wordt omgegaan. Sterker
nog, in het Kankyou kihon keikaku (環境基本
計画 : basis milieu plan), dat voor het eerst
opgesteld wordt door het kabinet in 1994,
spreekt men pas in 2012 van het belang van
aanpassing aan klimaatverandering en het
bevorderen van dit aanpassen.
In september 2012 wordt in de nasleep
van de milieuramp in Fukushima door de
energie-en-milieuraad het plan opgesteld om
door innovatie en verregaande maatregelen
een einde te maken aan afhankelijkheid
van kernenergie en een groene revolutie te
ontketenen in de energie-industrie. In juli
2014 wordt vervolgens door de Central
Environment Council of Japan – een
adviesorgaan voor het ministerie van milieu
– een subcommissie aangewezen die zich
moet richten op “schatting van de impact van
klimaatverandering”. Dit alles was op zijn
beurt nodig voordat komende zomer een ‘plan
van aanpassing’ door het kabinet kan worden
goedgekeurd.
Ook bij het Joint Crediting Mechanism dat
Japan hanteert kunnen vraagtekens worden
geplaatst. Samen met elf andere landen heeft
Japan dit mechanisme opgezet dat betrokken
landen in staat stelt om
emissierechten, het recht een bepaalde
hoeveelheid broeikasgas uit te stoten zoals
dat is bepaald in het Kyoto-protocol, te
verhandelen voor duurzame ontwikkeling van
de plaatselijke industrie.
Japanse staalproducenten investeren dus
in het ‘groener maken’ van de offshore
investeringen in bijvoorbeeld India en deze
industrieën, die op hun beurt over extra
emissierechten beschikken, omdat zij zich in
een ontwikkelend land bevinden staan een
deel van de vrijgekomen rechten af aan hun
Japanse investeerder zodat die het quotum
kunnen halen dat in de eisen van het Kyotoprotocol is vastgelegd. Voor investeerder
Sumitomo Metals dat 40% van de Bhushan
Steel installatie in West-Bengalen bezit lijkt
dit scenario een win-win situatie.
Ook in het geval van de aanpak-gerichte
professor Shin-ichi kunnen wij ons afvragen
of er sprake is van belangenverstrengeling.
Tenslotte
bestaan
programma’s
als
STOPJELLY Project – opgezet met
subsidies van het Ministerie van Landbouw,
Bosbeheer, en Visserij – ook juist bij gratie
van de mogelijkheid dat de voor de economie
schadelijke kwallenplagen door mensen
teweeg worden gebracht. De internationale
klimaataanpak van Japan en de regionale
aanpak die er langzaam achteraan hobbelt
laten zo vooral zien hoe de groeiende
belangstelling
voor
klimaatverandering
een verboden vrucht blijkt te zijn nu grote
economische en politieke spelers hun grip op
het strijdtoneel verstevigen. - Vincent Meijer
太狸記・三月号
33
Valentijsdag in Japan
14 Februari was het weer zover: Valentijnsdag.
De dag waar de een reikhalzend naar uitkijkt en
de ander zich kreunend en steunend doorheen
worstelt. Op deze dag verklaren paartjes elkaar
massaal de liefde door voor de ander rozen,
chocola of andere cadeautjes te kopen terwijl
de singles stilletjes in een hoekje afwachten tot
het allemaal voorbij is en de chocolade in de
aanbieding wordt gegooid. Over de hele wereld
wordt deze dag gevierd en dus ook in Japan.
Maar hoe wordt deze dag daar beleefd? Wordt
het op dezelfde manier gevierd als hier?
Hoe het allemaal begon
Laat ik het maar meteen zeggen: in Japan is
Valentijnsdag (バレンタインデ―) net zo’n
gecommercialiseerde feestdag als dat het hier
is. Al vanaf half januari kun je nergens meer
lopen zonder chocola te zien in alle soorten en
maten. De dag is in Japan ook oorspronkelijk in
het leven geroepen door een chocoladebedrijf.
Gedacht werd dat Japanse vrouwen te timide
waren om hun liefde verbaal kenbaar te maken
aan de man waar ze van houden. Het geven van
een cadeautje (in dit geval chocola) op deze dag
zou kenbaar maken aan een man dat de gever in
hem geïnteresseerd is.
Zelfs als de verlegenheid te groot is om de ware
eigenhandig het cadeautje te geven, kan het
pakje altijd nog op slinkse wijze in diens kluisje
of jaszak worden gestopt met een lief briefje
erbij. Door succesvolle reclamecampagnes van
zoetwarenbedrijven zoals Nestlé of Lotte werd
het gebruikelijk om op Valentijnsdag chocolade
te geven aan degene van wie je houd. Als gevolg
hiervan wordt er begin februari meer chocolade
verkocht dan normaal in een half jaar over de
toonbank gaat.
Deze chocolade is vaak verdeeld in categorieën
op basis van hoe goed je degene kent. Japanse
vrouwen voelen zich vaak verplicht om aan
iedere man in hun omgeving chocolade te
geven. Daarom bestaat er zoiets als giri-choco
(義理チョコ verplichte chocola).
Giri-choco wordt vaak gegeven aan collega’s
of oppervlakkige kennissen waar de vrouw
in kwestie geen hechte band mee heeft. Dit
is vaak goedkopere, kant en klare chocolade.
Aan vrienden wordt tomo-choco (友チョコ
vriendenchocola) gegeven. Deze is vaak beter
van kwaliteit dan giri-choco. Tomo-choco
wordt niet exclusief aan mannelijke vrienden
gegeven, vaak ontvangen goede vriendinnen
ook een zakje. Als laatste is er de honmei-choco
( 本命チョコ ware gevoelens chocolade) voor
degene waar je verliefd op bent. Deze bestaat of
uit dure chocolaatjes van hoge kwaliteit of uit
handgemaakte bonbonnetjes.
Door er veel geld en moeite in te stoppen
laat je de ontvanger zien dat je echt om hem
geeft. Dankzij dit systeem krijgt bijna elke
man in Japan iets en wordt er vrijwel niemand
buitengesloten. Maar omdat je vaak niet echt
het verschil kan zien tussen giri-choco of
honmei-choco, weet je nooit echt wat voor
gevoelens er achter zitten, iets wat soms kan
leiden tot gênante situaties.
All you need is chocolate
Anders dan in Nederland worden er in Japan
op Valentijnsdag bijna uitsluitend cadeautjes
gegeven door vrouwen aan mannen. Waar
hier in het westen ook vaak kaarten, rozen
of knuffeldieren worden gegeven, geven de
Japanners elkaar bijna alleen maar chocola.
34
太狸記・三月号
De mannen geven iets terug
Velen van jullie zullen zich nu waarschijnlijk
afvragen hoe het met de vrouwen zit. Krijgen
zij dan geen cadeautjes? Het antwoord daarop
is: jawel, maar alleen een maand later. Op 14
maart is het White Day (ホワイトデ―)
in Japan. Op deze dag geven de mannen iets
terug aan de vrouwen, vaak iets met een witte
kleur (vandaar de naam White Day). Dit kan
witte chocola zijn, maar ook marshmallows,
bloemen, sieraden of zelfs lingerie zijn
populaire geschenken.
Op White Day wordt meestal de regel sanbai
gaeshi (三倍返し driemaal terug) gehanteerd.
Dit houdt in dat hetgeen wat gekocht wordt
voor een vrouw minstens drie keer zo duur
moet zijn als wat zij aan de man heeft gegeven
op Valentijnsdag. Als het cadeau minder waard
blijkt te zijn, wordt dit gezien als een teken van
het willen verbreken van de relatie. Dit legt
een grote druk op mannen om maar vooral
dure dingen te kopen, om zo hun vriendin
niet te beledigen. Hierdoor kan het cadeau het
romantische tintje verliezen omdat het teveel
aanvoelt als een verplichting jegens de vrouw
in kwestie.
In gevaar?
Hoewel het vaak een heel gedoe is om een
geschikt cadeautje te vinden voor iedereen en
het vooral heel veel stress met zich meebrengt,
blijft Valentijnsdag een zeer populaire feestdag
die vooral goed is voor de portemonnee van de
grote chocoladeverkopers. Maar hoe lang kan
dit zo doorgaan? Er dreigt namelijk een groot
tekort aan cacao te komen, waardoor chocolade
straks onbetaalbaar dreigt te worden.
Cacaoplantages kunnen de stijgende vraag
naar cacao niet meer aan en andere gewassen
zijn voor de boeren winstgevender. Alleen door
ingrijpende modernisatie van de landbouw
kunnen de plantages gered worden, maar de
vraag is of dit op korte termijn wel lukt.
Als over een paar jaar de chocolade echt
onbetaalbaar is geworden, moeten de Japanners
op zoek naar andere middelen om romantisch
mee te doen. Misschien kunnen ze gewoon het
beste eens een keer ouderwets een lief kaartje
schrijven. Scheelt ook weer een heleboel geld.
-Hannelieke Soppe
太狸記・三月号
35
Vechten om een plek in een
Zuid-Koreaans bedrijf
Lopend over de Mapo Brug (마포 대교 : mapo
tekyo) in Seoul zal je zo’n 2,200 stuks LED
verlichting tegenkomen die Samsung Life
Insurance in samenwerking met het bestuur
van Seoul heeft geplaatst. De lichten gaan
aan op het moment dat er iemand langsloopt
en er worden audiobandjes afgespeeld. De
inhoud van deze korte boodschappen gaat van
aanmoedigende woorden tot leuke moppen. Er
zitten ook zinnen tussen als ‘Laten we samen
lopen.’, ‘Gaat het goed met je?’ en ‘Voor je
kinderen.’ Waarom? Gedurende 2007 en 2012
zijn er meer dan honderd pogingen geweest
van inwoners van Seoul die hun leven wilden
beëindigen.
Het zal voor vele leden van Tanuki een bekend
thema zijn. Vooral Japan staat bekend om zijn
hoge zelfmoordcijfers ten opzichte van andere
1e wereld landen, maar in de vorm van een
treurige wedstrijd onder moderne landen staat
Zuid-Korea op de eerste plaats. Gegevens vanuit
de Koreaanse regering geven een dodental van
14,160 mensen door zelfmoord in 2012. Een
rekensom hiermee geeft aan dat er elke dag
39 mensen zichzelf van het leven beroven. Als
voornaamste oorzaak voor deze cijfers wijst
men met de vinger naar sociale druk. Druk om
het goed te doen op vele vlakken, voornamelijk
werk en scholing. Centraal in de discussie staat
de zogeheten “specs cultuur”.
Wanneer een Zuid-Koreaan het heeft over specs
dan praat hij niet over de hardware van zijn
gloednieuwe laptop, maar over aanvullingen
op het CV. De meest voorkomende van dit
soort aanvullingen zijn certificaten te behalen
in een van de dure privé instellingen genaamd
hagwon (학원). Deze specs worden op het CV
geplaatst of het nou iets te maken heeft met een
toekomstige baan of niet.
Ze worden echter steeds belangrijker om
jezelf te onderscheiden van de rest van de
beroepsbevolking zodat alle beetjes helpen.
36
Deze noodzaak voor schijnbaar nutteloze
aanvullingen op het CV lijkt voort te komen
uit het feit dat meer dan 90% van de ZuidKoreaanse bevolking doorstroomt naar de
universiteit.
Naast deze vraag naar CV aanvullende specs
is er echter in de laatste paar jaar nog een
trend ontstaan in Zuid-Korea. Plastische
chirurgie voor het verhogen van de kansen op
de arbeidsmarkt. Bij het opsturen van het CV
wordt in Zuid-Korea iets gedaan wat in Europa
amper voorkomt, een foto wordt meegestuurd.
Dit heeft ertoe geleid dat Zuid-Koreaanse
werkzoekenden in steeds grotere aantallen
kleine aanpassingen laten maken aan hun
gezicht om aantrekkelijker over te komen voor
hun potentiele werkgevers.
De meest voorkomende ingreep is de bekende
“double eyelid surgery”. Een behandeling
van zo’n 40 minuten om die Westerse ogen
te krijgen. Opvallend hierbij is dat ingrepen
voor mannen ook steeds vaker voorkomen.
Het uiterlijk wordt steeds belangrijker geacht,
voornamelijk voor banen waarbij veel contact
is met cliënten.
Zuid-Korea heeft in haar ontwikkeling
onderwijs hoog in het vaandel staan. De
gevolgen hiervan zijn dat de geletterdheid een
van de hoogste ter wereld is, maar dit heeft als
keerzijde dat een samenleving van moordende
concurrentie voor jonge afgestudeerden wordt
gecreëerd. De stress en druk uiten zich in
de vele zelfmoorden die voornamelijk Seoul
kwellen en het is niet waarschijnlijk dat deze
cijfers zullen gaan dalen zonder ingrijpen, van
wie dan ook. Zo lijkt de Mapo Brug in ieder
geval wel van zijn tragische functie af te zijn.
De zelfmoordpogingen van de brug zijn sinds
de aanpassingen gedaald met 85 procent. Sander Breeuwer.
太狸記・三月号
Veel Japans (en een beetje Koreaans)
op het IFFR
Hoewel het IFFR jaarlijks een vaste selectie aan
nieuwe Japanse films toont, was dit de eerste
editie in jaren met weer een flink aantal weirde,
vreemde en eigenzinnige komedies op het
programma. Genieten dus!
トウキョウトライブ Tokyo Tribe (2014,
Sono Sion)
Na een paar mindere jaren greep Sono met Why
Don’t You Play in Hell (2013) weer terug naar
z’n gekke komedies die hem eerder festivalsucces hadden bezorgd. In Tokyo Tribe doet
hij er nog een klein stapje bovenop: een ware
yakuza hip-hop musical, waarin toekomstig
Tokyo is verdeeld in rivaliserende bendes die
elk hun eigen stijl hebben (van een op Snoop
Dogg geïnspireerde bende tot een knuffelige
hippie love&peace tribe), met een cast die deels
bestaat uit echte rappers en deels uit acteurs.
Helaas net niet zo sterk als Sono’s beste films
(Cold Fish, Love Exposure) - de film is wat
aan de lange kant en lijdt aan een overdreven
hoeveelheid uitleg - maar erg leuk en ontzettend
origineel. Sono heeft 2 nieuwe projecten in de
planning staan, dus volgend jaar waarschijnlijk
weer in Rotterdam.
飾女Kuime / Over Your Dead Body & 神さ
まの言うとおりKamisama no Iu Tôri / As
the Gods Will (2014, Miike Takashi)
2 eigenzinnige en geslaagde films van Miike
dit jaar. In Kuime, een herinterpretatie van het
klassieke Yotsuya Kaidan, zijn de personages
uit het stuk en de echte persoonlijkheden van
de acteurs langzaam niet meer van elkaar te
onderscheiden. Door de constante spanning en
het uiterst vernuftig ronddraaiende podium dat
fantastisch word belicht, is de film vooral erg
fascinerend om te volgen.
De andere Miike, manga-verfilming Kamisama
no Iu Tôri, is ongegeneerd vermaak. Vanaf de
eerste seconde zitten we middenin een spel
dat een ongedefinieerde antagonist d.m.v. een
daruma-pop met de hoofdpersonages speelt.
Verschillende
(kinder)spelletjes
moeten
vervolgens worden gewonnen, waarbij
slechts een handvol leerlingen elk spel kan
overleven. De tegenstanders zijn stuk voor stuk
ontzettend grappig, maar de film lijdt onder een
overdaad aan uitleg en zit iets te vol overbodige
flashbacks. Helaas, anders had dit zomaar een
van Miike’s allerleukste films kunnen zijn.
Over Your Dead Body
野火 Nobi / Fires on the Plain (2014,
Tsukamoto Shinya)
Nieuwe verfilming van de klassieker Nobi
(1952, Shôhei Ôka), waarin we 1 Japanse
soldaat volgen in de Filipijnen. Het boek is
eerder verfilmd door Kon Ichikawa in 1959
(in mijn ogen zijn beste film) en deze versie
haalt helaas niet dat niveau. De verfilming is
een heel persoonlijk project dat Tsukamoto 20
jaar geleden ook al van de grond probeerde te
krijgen. Het vooronderzoek onder de laatste
nog levende soldaten ten spijt, voegt de film los
van een paar erg geslaagde en intense scenes
uiteindelijk te weinig toe aan de verfilming van
55 jaar eerder, waar de intensiteit en waanzin
van de oorlog ook al enorm voelbaar was.
太狸記・三月号
37
3泊4日, 5時の鐘 Sanpaku Yokka, Goji no
Hitomi / Chigasaki Story (2014, Misawa
Takuya)
한여름의 판타지아 Han Yeo-reum-ui Panta-ji-a / A Midsummer’s Fantasia (2014,
Jang Kun-Jae)
Grotendeels opgenomen in de ryokan waar
Ozu tussen 1947 en 1953 zijn scripts heeft
geschreven. Een mooi, klein (romantisch)
drama en een overtuigend debuut. Richting het
eind neemt het drama iets te veel de overhand,
maar de uiteindelijke climax is subtiel en
ingetogen, wat de film een meer dan waardige
Ozu-ode maakt. Regisseur Misawa, die nog
niet eens is afgestudeerd aan het Japan Institute
of the Moving Image, is absoluut iemand om in
de gaten te houden de komende jaren. De film is
geproduceerd door Kiki Sugino, die vorig ook
al als producent met het uitstekende Au Revoir
l’Été in Rotterdam te gast was en toen ook in
de jury zat.
Een van de hoogtepunten van het festival.
Op uitnodiging van Naomi Kawase en het
filmfestival van Nara trekt een jonge Koreaanse
regisseur naar Gojô, waar hij mensen
interviewt en de omgeving verkent. Eerste
deel, in zwart/wit, is een documentatie van dit
proces, het tweede deel is de film die hij daar
maakt. Een prachtig tweeluik dat ontzettend
goed werkt door alle kleine, persoonlijke
details die de bewoners aan de film toevoegen.
Na het eerdere Inori (2012) van de Mexicaanse
regisseur González-Rubio is dit de tweede
ontzettend geslaagde film van een buitenlandse
regisseur die door Naomi Kawase naar Japan is
gehaald. Net als die film ademt A Midsummer’s
Fantasia Kawase’s invloed, maar voelt het toch
eigen en oprecht aan. Dit jaar haalt ze de jonge
Cubaanse regisseur Carlos Quintela (wiens
tweede film, La Obra del Siglio (2015), net een
Tiger award heeft gewonnen in Rotterdam)
naar Nara voor een film. Nu al iets om naar uit
kijken dus.
Chigasaki Story
渇き。 Kawaki. / The World of Kanako
(2014, Nakashima Tetsuya)
Verfilming van 果てしなき渇き Hateshinaki
Kawaki (Fukamachi Akio, 2004), een boek
dat lang onverfilmbaar werd geacht in Japan;
te duister en zwartgeestig. Maar Nakashima
haalt het beste in zichzelf naar boven met dit
project: ontzettend strak geëdit, zwarte humor
die de hele film door werkt en een werkelijk
fantastisch eerste uur. Er volgt nog een erg
geslaagde climax op het dak, maar de laatste 15
minuten hadden er integraal uitgeknipt mogen
worden; ze voegen niks toe en zijn ook een stuk
minder geslaagd dan de rest van de film. Toch,
een bijna-meesterwerk, Yakusho Kôji in een
van de beste rollen uit zijn carrière en wat mij
betreft de beste Japanse film deze editie.
38
The World of Kanako (boven)
A Midsummer’s Fantasia (onder)
太狸記・三月号
春子超常現象研究所
Haruko
Chôjô
Genshô Kenkyûjo / Haruko’s Paranormal
Laboratory (2015, Takeba Lisa)
La La La at Rock Bottom
Vorig jaar was ze te gast met The Pinkie (2014),
dit jaar schopte ze het zelfs tot de competitie.
Een lekker gekke poppy lo-fi sci-fi komedie,
waarin een meisje haar TV tot leven ziet
komen en er vervolgens maar een relatie mee
begint. Lollig, maar Lisa Takeba heeft nog
wel wat te leren. Niet alle grappen zijn even
geslaagd, en het ziet er allemaal nog steeds
vrij amateuristisch uit (zowel bedoeld (de tv)
als onbedoeld (timing/editing)), maar met z’n
75 minuten een prima tussendoortje. Toch
vrij knap hoe ze onafhankelijk van de grotere
studio’s haar eigen ding doet. Als ze per film
beter blijft worden komt er nog wel eens een
echt goede film van haar hand.
味園ユニバースMisono Universe / La La
La at Rock Bottom (2015, Yamashita
Nobuhiro)
Haruko’s Paranormal Laboratory
Na enkele enorm fijne films op zowel het IFFR
(Tamako in Moratorium, Ramblers) als Camera
Japan (A Gentle Breeze in the Village, The
Drudgery Train, My Back Pages), is Yamashita
inmiddels een vaste klant op de Rotterdamse
festivals. Helaas valt z’n meest recente film wat
tegen. In z’n minste film van de afgelopen 12
jaar volgen we een zanger met geheugenverlies
die in aanraking komt met een bandje dat
toevallig op zoek is naar een zanger. De film
is soms lollig, soms aandoenlijk en heeft een
aangenaam tempo, maar de ontwikkelingen
zijn allemaal vrij cliché en flauw. Popster
Shibutani Subaru was meegereisd naar
Rotterdam om na de première op te treden, en
een boel fangirls waren hem achterna gereisd.
Leuk, maar hopelijk is Yamashita volgend jaar
weer in Rotterdam met een wat eigenzinnigere
film. - Koen de Rooij
太狸記・三月号
39
De jongen die katten tekende
Er zijn veel verschillende fabels in Japan, de
één bekender dan de ander. De jongen die katten
tekende is niet erg bekend, maar maakt wel deel
uit van de anime ‘Folktales from Japan’ (ふるさ
と再生 日本の昔ばなし: furusato saisei nihon
no mukashibanashi) en is door de striptekenaar
Luke Pearson verwerkt in een korte strip in het
boek: Fairy Tale Comics: Classic Tales Told by
Extraordinary Cartoonists. Mocht het verhaal
interesse wekken is het zeker de moeite waard
om deze versies van het verhaal op te zoeken.
‘Er was eens een jongetje dat Joji heette. Joji
groeide op in een boerenfamilie met veel broers
en zussen. Zijn ouders verlangden van hem
dat hij net zoals de rest van de familie mee zou
helpen op het land, maar dat ging niet. Joji deed
namelijk maar één ding: het tekenen van katten.
In het zand tekende hij grote katten, kleine
katten, sierlijke en rossige, alleen maar katten.
Joji deed zijn best om zijn ouders te helpen,
maar telkens wanneer hij een kat zag lopen
kon hij het niet laten om weer te beginnen met
tekenen.
Op een gegeven moment had zijn vader er
genoeg van gehad. ‘’Hij zal nooit een boer
kunnen worden! Misschien dat hij beter af is
als priester.’’ Dus nam vader Joji mee naar de
tempel van het dorp en zei tegen de priester:
‘’Mijn jongen is niet geschikt om boer te
worden. Ik hoop dat u hem in de leer kunt
nemen.’’ De priester knikte zijn hoofd en
antwoordde: ‘’Ik begrijp het. Hij is welkom in
deze tempel en ik zal proberen hem tot een
priester te maken.’’
Joji begon zijn leven in de tempel. De priester
probeerde hem, samen met een aantal andere
studenten, te leren lezen en schrijven. De
andere studenten werkten ijverig aan hun
karakters, maar Joji gebruikte zijn papier
en inkt alleen om katten te tekenen. Hij
deed zijn best om zich te concentreren op
lezen en schrijven, maar telkens wanneer
hij een kat zag lopen kon hij niet anders
dan tekenen. Dikke katten, dunne katten,
wilde en schattige katten. Hij gebruikte
papier, en ging geleidelijk aan ook over op de
kamerschermen.
40
太狸記・三月号
De priester wist niet wat hij met hem aanmoest.
Overal waar hij keek zag hij slechts katten. Hij
vertelde Joji: ‘’Joji, je zal nooit priester worden.
Het beste kun je naar huis terugkeren. Beperk je
tot nauwe ruimtes in de nacht, dan zal je behoed
worden voor de duisternis.’’ Bij deze woorden
verliet Joji de tempel, maar hij durfde niet naar
huis te gaan uit angst voor wat zijn ouders
zouden zeggen. Hij herinnerde zich dat er in de
buurt een andere tempel was, en besloot daar
om onderdak te vragen.
Wat hij niet wist was dat de tempel al jarenlang
verlaten was omdat een Rattendemon zo
groot als een paard er in huisde. Vele soldaten
hadden geprobeerd de demon te verdrijven,
maar geen van hen was ooit teruggezien.
Nietsvermoedend klopte Joji aan en sloop
naar binnen toen hij geen antwoord kreeg. Het
was al donker geworden. In afwachting van de
terugkerende tempelpriester stak hij een lamp
aan en nam plaats in een van de ruimtes. Hij
merkte op dat de plek stoffig was en bedekt
met spinnenwebben, en voelde zich niet op zijn
gemak.
Plotseling hoorde Joji iets achter zich bewegen.
Hij draaide zich uit schrik om, maar zag niets.
Op dat moment merkte hij op dat er achter hem
onbeschreven kamerschermen stonden.
Hij pakte zijn inkt en kwast en begon langzaam,
en toen steeds sneller steeds meer katten op de
schermen te tekenen. Terwijl hij dit deed werd
hij langzaam kalmer en slaperiger. Misschien
moet ik maar eens gaan slapen, dacht hij.
Denkend aan de woorden van de priester blies
hij de lamp uit en trok hij zich terug in een kast.
Diep in de nacht schrok hij wakker bij het horen
van felle geluiden, het was alsof er een gevecht
gaande was. Doodsbang bleef hij in de kast
zitten zonder geluid te maken, hopend dat de
deur van de kast niet ineens open zou vliegen.
Het gevecht ging voor een lange tijd door, maar
zelfs nadat de geluiden stopten durfde Joji niet
te bewegen. Pas toen de zon opkwam deed hij
voorzichtig de deur van de kast open en kwam
behoedzaam naar buiten.
Op de vloer van de tempel trof hij het
onbeweeglijke lichaam van de Rattendemon
aan. Joji schrok zich dood en deed een stap
naar achter. De katten die hij op de schermen
had getekend stonden niet meer zoals hij ze
had getekend, en hun bekken waren bloedrood.
‘’Hoe...’’ stamelde hij. De katten leken hem aan
te staren alsof ze hem gerust wilden stellen.
太狸記・三月号
41
Toen het nieuws van de dood van de
Rattendemon verspreidde werd Joji vereerd
als een held. Dankzij hem konden de oude
bewoners van de tempel weer in vrede
terugkeren. In ruil voor zijn daad boden de
priesters hem aan om zo lang in de tempel te
blijven als hij wilde. Ook werd hem aangeboden
om de leerling van een Samoerai te worden.
Maar Joji weigerde dit aanbod en werd een
kunstenaar. Een kunstenaar die alleen maar
katten tekende.’
In dit volksverhaal spelen twee dieren een grote
rol: de rat en de kat. Het feit dat de rat de rol
speelde van de kwade demon en de kat de held
van het verhaal is eigenlijk heel grappig. In de
Japanse mythologie is het namelijk zo dat de rat
gezien werd als de gezant van de Shinto (神道)
God van welvaart en beschermer van de grond,
Daikoku-ten (大黒天), en als symbool van
voorspoed en vruchtbaarheid. In de jongen die
katten tekende werd de Rat ook wel de Nezumi
mamono (鼠魔物 : Rattengnoom) genoemd,
wat een stuk minder positief overkomt dan de
brenger van voorspoed.
42
Aan de andere kant staat de Kat in de Japanse
mythologie niet zo goed bekend. Katten
werden voornamelijk bestempeld als demonen,
vanwege de manier waarop ze bewegen en hoe
hun pupillen van vorm konden veranderen.
Enkele voorbeelden van vrij bekende
Kattendemonen zijn de Nekomata (猫また)
en de Bakeneko (化け猫). Deze demonen
waren oorspronkelijk huiskatten, maar laat in
hun leven zouden hun staarten in tweeën zijn
gesplitst en zouden ze getransformeerd zijn in
demonen. In deze fabel werden de katten dan
wel bloeddorstig neergezet, uiteindelijk hadden
ze wel Joji gered en zijn dus de helden van de
fabel geworden.
Wat een mogelijke boodschap van dit verhaal
zou kunnen zijn is dat het volgen van je hart
uiteindelijk zal leiden naar geluk. Joji probeerde
zich wel te gedragen als boer en priester, maar
hij ging altijd weer terug naar het tekenen van
katten. Juist deze eigenschap van hem heeft
hem gered van de Rattendemon en ervoor
gezorgd dat hij werd vereerd als een held.
Geef je dromen dus nooit op, ook al proberen
mensen je van je pad af te leiden! - Dorien
Heerink
太狸記・三月号
Kalafina
In deze rubriek laten we jullie kennismaken met Japanse muziek van verschillende genres. Deze keer
schenken we aandacht aan de Japanse neoklassieke, orkestrale popgroep Kalafina.
Is er muziek die jij nu echt met de Journalco zou willen delen, of waarvan jij wilt dat wij proberen er iets
zinnigs over te schrijven, spreek dan één van ons aan of mail dan jou idee naar: journal@tanuki.nl
Deze keer in de muziekcolumn de muziekgroep
Kalafina, een niet zo zeer bekende band uit Japan
maar zeker een met kwaliteit. De groep heeft
een contract met Sony Music Entertainment
(SME) en werd in 2007 opgericht door Kajiura
Yuki, een bekend componiste van soundtracks
voor animatiefilms.
Kalafina bestaat uit drie zangeressen: Outaki
Wakana, Kubota Keiko en Masai Hikaru, nadat
in 2009 Toyoshima Maya als vierde lid afscheid
van de groep nam. Wakana en Keiko zijn naast
Kalafina ook deel van de groep FictionJunction
dat eveneens een geesteskind was van Kajiura
Yuki.
Kalafina zingt geen specifiek genre. De genres
waar de groep wordt ingedeeld is bij de genres
neoklassiek, orkestrale pop en barok pop.
Verder is er op hun albums ook rock en zelfs
opera te vinden. Kalafina zelf omschrijft hun
genre als de ‘Kalafinastijl’, zonder een precies
genre te noemen.
Het sterkste punt van het engelenkoor ligt
vooral bij de harmonie: de mix van de drie
hogere en lagere stemmen samen zorgen voor
veel emotie in hun nummers. Een ander sterk
punt is de liveoptredens; de zang is even goed
als op de studioalbums.
Alle nummers werden overigens geschreven
door de producer en componiste, Kajiura Yuk,
zelf.
Al snel volgde het eerste album, Seventh
Heaven en werden vooral de singles Fairytale
en Magia goed verkocht.
In 2014 kwamen The Best Blue en The Best
Red uit: twee compilatiealbums van zes jaar
Kalafina. Ondertussen heeft Kalafina sinds hun
debuut in 2008 acht albums en zestien singles
uitgebracht.
Jammer is alleen dat er vooral nadruk gelegd
wordt op de soundtracks en niet op de andere
nummers die op de albums staan. De andere
tracks verdienen ook zeker om gedraaid te
worden.
De groep mag dan niet super bekend zijn, maar
dit zegt niets over kwaliteit. Het is zeker de
moeite om een keer Kalafina op youtube op te
zoeken. – Annemieke Kapaan
Kalafina werd in eerste instantie opgericht
om soundtracks voor anime te zingen,
voornamelijk de serie Kara no Kyoukai (The
Garden of Sinners). In januari 2008 kwam
de debuutsingle uit met de naam Oblivious
en deze behaalde de 8e plaats op de Oricon
Weekly Singles Chart. Door de unieke mix van
muziekstijlen en vocale harmonie groeide de
populariteit van de groep.
太狸記・三月号
43
Ergens in de concrete jungle van Osaka liggen
6 stratenblokken die samen min of meer
‘Amerika-Mura’
(アメリカ村 : America
Village) vormen. Waar ik net al verwees naar
die concrete jungle was Amerika-Mura voor
mij beslist de plek ‘where dreams are made of’.
Wat begon als een wijk waar al dan niet legale
Amerikaanse import werd verhandeld is nu een
centrum van intense diversiteit.
In America Village is alles te vinden dat
mainstream Japan niet te bieden heeft en meer.
De wijk is een bolwerk van alternatievelingen
en mensen die popcultuur net iets serieuzer
nemen dan anderen. Centraal zijn een plein
waar de nieuwste buitenlandse hits 24/7 van
een enorm scherm spatten en je kan kiezen uit
allerlei kledingwinkels, massagesalons, vintage
zaken, vreemde eettentjes, en clubs – in de
Japanse knusse zin van het woord uiteraard.
Alle subculturen hebben in America Village
een eigen stek, en dat is geen overdrijving. Van
lolita tot neo-nazi, van rastafari tot preppy, en
zelfs oranje gespoten Japanse dames zijn terug
te vinden in deze louche onderbuik van Osaka.
Louche, want niet alles wat hier gebeurt is voor
een Japanner bewonderenswaardig, zo zijn er
tal van massagesalons met uitdagende namen,
een soapland (ソープランド : soupurando) of
twee, en genoeg tattooshops om op één dag
tientallen dan niet honderden klanten te helpen.
Eind februari kwam er einde aan een zes
decennia oude wet waarin overspel kon leiden
tot celstraf. Al is het nog zo immoreel, werd
beargumenteerd, het ging tegen de vrijheid
van keuzes in die Zuid-Koreanen mochten
maken in het leven. Het feit dat er sinds 2008
maar 22 mensen door middel van deze wet de
gevangenis in zijn gestuurd mag daar niet aan
af doen. De regel was oorspronkelijk bedacht
ter bescherming van vrouwen die in het
traditionele Koreaanse huwelijk weinig rechten
en bescherming genoten. Destijds werkten
vrouwen vaak niet en zat (en zit) er een groot
sociaal stigma op het concept van scheiding.
Het maakte dus niet uit hoeveel een immorele
snoepert aan het rondscharrelen was, de vrouw
stond er machteloos tegenover.
Maar het past niet meer in de huidige
maatschappij, luidde het vonnis. De regel werd
afgeschaft en zou enkel op morele en sociale
gronden veroordeeld moeten worden in de
maatschappij. Nu deze regel is afgeschaft zijn
er echter problemen voor sommige bedrijven
ontstaan, het aanbod kan de gigantisch
gestegen vraag naar condooms niet meer aan.
Of dit negatieve morele gevolgen met zich mee
zal brengen is te bezien, maar het lijkt erop
dat Korea zich vooralsnog geen zorgen hoeft
te maken voor een stijgend geboortecijfer, de
nieuwe ladingen condooms staan alweer in de
schappen. - Sander Breeuwer
De tattooshops hier zijn overigens uitstekend,
en de mensen die er werken zijn net als het volk
in de rest van America Village excentriek maar
sociaal en vriendelijk. Ik raad dan ook eenieder
met een avontuurlijke geest aan om hier heen
te gaan en tussen de uit Portal weggewandelde
lantaarnpalen gewoon te ontdekken. – Vincent
Meijer
44
太狸記・三月号
Ask Anky
Ask Anky is een adviescolumn speciaal voor de problemen van Japanologen
en Koreanisten. Heb je een probleem waarover je niet kunt of durft te schrijven naar
een algemeen adviescolumn, schrijf dan naar journal@tanuki.nl met als onderwerp
“Ask Anky”, of leg je brief in het postvakje van Tanuki. Hier zal door een deskundige
antwoord worden gegeven op al je vragen. Schaam je niet en mail vandaag nog.
Lieve Anky,
Beste Anky,
in anime zie je vaak dat meisjes hele grote
glimmende ogen hebben. Ik zou ook graag
zulke ogen willen hebben, omdat ik zeker weet
dat ik dan populair word en onweerstaanbaar
voor jongens. Ik heb alles al geprobeerd:
oogklemmen, zielige films kijken, uien snijden,
maar mijn ogen worden maar niet mooi groot
en glimmend. Wat moet ik nu doen? Help me
Anki, je bent mijn enige hoop!
Japan is natuurlijk in de eerste plaats het land
van jongensliefde en het is niet verwonderlijk
dat de heren van Japan Studies zo broederlijk
met elkaar omgaan. Maar ik vraag me dus af
waarom er nog geen nosebleed-ontlokkende
fanfiction is over al deze bishonen boys. Wie
ship jij Anki? Alvast bedanki.
Veel liefs,
KawaiiMeganekko007
Liefs,
Shonen Aoi
Lieve Shonen Heaumeaux,
Lieve IkbenMeervanHonden007,
Dat zijn twee vragen.
In anime zie je ook kleine meisjes van 12 tussen
roltrapleuningen gehezen worden terwijl ze
hijgend en zwetend een tentakelmonster aan
het fileren zijn met hun roodgloeiende ketsdijen.
Laat dit beeld even een tot je doordringen en
besef jezelf dat niet iedereen gemaakt is om
anime karakter te worden. Behalve als je Naruto
wilt worden natuurlijk, maar dan moet je wel
zwartharigemannenmetrodeogen-geaard
zijn
jammer genoeg.
Voor zover ik weet is de onderlinge mannenliefde
inderdaad nog niet gedocumenteerd in de vorm
van 4-panel action manga. Ik denk ook niet dat de
wereld klaar is voor de geweldigheid van Arsenaal
lekkertjes die elkaar over vatten heenbuigen om de
roerbakgroenten van gisteren te proeven. Laten
we daarom maar geduldig wachten op de dag
dat de wereld klaar is voor de broederliefde van
Japanstudies.
Maar gelukkig is je uiterlijk niet het enige wat
jongens kan aantrekken. Wat in jouw geval dan
voor ‘hoop’ mag spreken is het feit dat je karakter
wel geanimeerd kan zijn. Aan je klotsende vraag te
merken is persoonlijkheid niet een van je sterkste
punten, maar een paar YouTube instructionals
verder en je bent klaar om je te mengen in de
gemiddelde Goukon. Mijn tip voor jou: aanvaard
je uiterlijk, verander je innerlijk!
Liefs en veel bedanky,
Anky
Liefs,
Anky
太狸記・三月号
45
46
太狸記・三月号
CMYK: 20, 100, 90, 0
CMYK: 0, 0, 0, 40
TOKYO IN EEN WEEK!
Verken de bruisende hoofdstad van Japan in de lente!
OP = OP !
Bestemming: Tokyo
Duur: 8 dagen
Reisperiode: 28 april – 6 mei
Prijs: 1100 € pp
7 overnachtingen
in hartje Tokyo
+ Retourvlucht met Finnair
1100 € pp
Laat je overweldigen door deze hypermoderne,
lichtgevende en fascinerende metropool die
nooit slaapt. Tokyo is de ultieme combinatie
van futuristisch en traditioneel en heeft vele
Retourvlucht met Finnair
gezichten. Verken binnen een week het drukste
vanaf
kruispunt ter wereld in Shibuya, shop de nieuwste
trends in Harajuku en Omotesando, kijk je ogen uit
in ‘electric-anime’ city Akihabara, probeer de
verse sushi op de Tsukiji vismarkt, geniet van de
indrukwekkende skyline vanaf Tokyo Skytree, bezoek
vele traditionele tempels zoals de Meiji Schrijn of Senso-ji
of geniet van het heerlijke lokale eten in Asakusa. Kortom,
je zult je geen moment vervelen in deze superster der steden!
598€ pp
Inclusief:
• 7 overnachtingen in hartje Tokyo in het Shiba Park Hotel of soortgelijk (tweepersoonskamer*)
• Retourvlucht met Finnair met een overstap in Helsinki
* Indien 1 persoon deze kamer inneemt, dan geldt een additioneel bedrag van 100€.
* De internationale vluchten van en naar Japan zijn gemaakt voor tickets met de meeste restricties en
kunnen niet gewijzigd worden nadat wij ze hebben uitgegeven. Tevens zijn de tickets non refundable.
* Het aanschaffen van alleen het vliegticket is mogelijk (t/m 27feb 598€ pp vanaf 01mar 620€ pp).
JTB Japan Specialist
Eurocenter II, Barbara Strozzilaan 384, 1083 HN AMSTERDAM | Tel: 020-570-9810 |
E-mail: informatie_nl@jtb-europe.com | www.jtbjapanspecialist.nl |
太狸記・三月号
47
‘s avonds een man...
...‘s ochtends een man
Een Tanuki Activiteit is geen geldige reden om een college te
skippen of te laat te komen.
Wees verstandig! Wees een man!
Of een vrouw...
48
太狸記・三月号