TaTanukiKi 2013-2014--6

Media

Part of 2013-2014 | 6

Titel
TaTanukiKi 2013-2014--6
extracted text
太狸記

LVSJK Tanuki / 三十二周年 / 七月

太狸記・七月号

1

社説

Colofon
JOURNALCOMMISSIE
Voorzitter:
Arthur Hinsch
wnd.:
Anoma van der Veere
Secretaris:
Carmen Loh
Eindredactie:
Wester Wagenaar
Leden:
Myrthe Prins
Simone Felix
Vincent Meijer
REDACTIELEDEN
Hoofdredacteur:
Arthur Hinsch
Vormgeving:
Anoma van der Veere
Eindredactie:
Wester Wagenaar
BESTUUR VAN TANUKI
Praeses:
Albert Tiemersma
Quaestor &
Vice-Praeses:
Arco Oliemans
Assessor
Communicatie:
Anoma van der Veere
Assessor
Eerstejaars:
Fred Dillmann
Assessor
Koreanistiek:
Flora de Greef
COMMISSIEVOORZITTERS
Eerstejaarscommissie:
Fred Dillmann
Feestcommissie:
Gise van den Wildenberg
Jaarboekcommissie: Marente de Vries
Journalcommissie: Arthur Hinsch
Kampcommissie:
Tina Dermois
Koreacommissie:
Flora de Greef
Kunst- en
cultuurcommissie: Jessy Willemsen
Reiscommissie:
Colin Casey
RAAD VAN TOEZICHT
Robert Beers
Martijn Heule
Carmen Loh

2

Editorial van de hoofdredacteur
Onder het genot van iets dat zeker geen
stukje walvis is, kijk ik naar de hemel
en zit met mijn gedachten al heel ver
hier vandaan. Het onweer van laatst
deed mij denken aan scènes uit een
film met daarin een heel groot, door
mensenhand in het leven geroepen,
dier, maar ook aan de lawaai uit Japanse
arcadehallen. Ik zit in een smalle zijstraat
en kan niet anders dan de harmonische
versmelting van oud en nieuw in
dit land steeds weer op te merken.
Het duurde even voordat ik mij zelf
hier terecht kon vinden. Ik hoor het
geluid van verkiezingscampagnes en
zie vrouwelijke samoerai rondlopen.
Ze houden bordjes omhoog een
schreeuwen: “Voor een beter milieu!”.
Ik schrik wakker. Voor mij een laptop
met de artikelen voor deze journal.
De zomerse hitte gaf mij TaTanukiKi
dromen.
Heb je zelf nog ideeën voor artikelen of wil je
volgend jaar deel uitmaken van dit effectieve
team, mail dan naar journal@tanuki.nl Arthur Hinsch

太狸記・七月号

目次
Op de voorkant

Inhoud

Op het voorblad van de TaTanukiKi is dit
keer een foto van kunstfotograaf Fred Rohde
te vinden. De foto is gemaakt in Kyoto op
een brug over de rivier Kamo. Zoals de
karakters op zijn tas aangeven, is de monnik
vertegenwoordiger van de Shingon sekte,
ofwel het ware-woord-boeddhisme. Let
vooral op hoe alles aan de monnik als nieuw
lijkt, terwijl de omgeving aangetast is door de
tand des tijds.

TANUKI SHINBUN

Wil je jouw fotografisch talent ook delen
met iedereen? Stuur ideeën voor een cover
naar journal@tanuki.nl en wellicht siert
jouw werk de volgende TaTanukiKi!

Tanuki Korea-week

4

Dinner at the Movies

5

Tanuki Feest: Spring Break

6

maimai GreeN PLUS

8

JAPAN & KOREA

Japan Now & Then: Fred Rohde

9

Strijdende vrouwen

11

Milieubewustzijn in Japan

13

Japanse Walvisvaart

16

De Apocalyps nadert

19

MEDIA
Final Fantasy XIV: A Realm Reborn

21

Gojira

22

COLUMNS
Jullie man in de Faculteitsraad

24

De Perikelen van de gaijin

25

福岡暮らし、飲んで死ぬかも。。

27

Ask Anky

28

Groetjes uit Fukuoka!

29

“Je moet niet zo op
me spetteren.”
- Charlotte Buskermolen

“Ik heb mezelf onder
gespetterd.”
- Angelique Ardjoen
太狸記・七月号

3

De Tanuki Korea-week!

Na het lange wachten, en misschien een nog
wel langere voorbereiding, werd van 7 tot 11
april de Korea-week georganiseerd, een week
met diverse evenementen die voor zowel
Koreakenners, alsmede voor mensen die meer
over Korea wilden weten, geschikt was. Of
je nou actief bent als lid, of liever achteruit
hangt op een armoedig Lipsius-stoeltje, voor
iedereen was er wel wat wils.
Om de grap er nog maar eens bij te halen die
al vaak genoeg is gemaakt: Tanuki trapte de
week af met een Taekwondo-cursus. Drie
Taekwondo-meesters wilden ons wel even
met slag en stoot bijbrengen wat ‘de weg
van de handen en voeten’ inhield. De cursus
werd gekenmerkt door een zaal dansend in
het zweet, verstikkende deo en geschreeuw
dat menigeen bang maakte, maar een totaal
onverslagen groep kwam na de cursus
samen om nog een keer, voor het reiken naar
waterflesjes en hulplijnen, even sterk te staan
voor een groepsfoto. Spierpijn volgde die
volgende dag. Een paar mensen kon je voorbij
zien hinken: hét teken van volledige inzet.
Gelukkig was diezelfde dag een heerlijk rustige
afleiding: een filmavond met als film: Miracle
in Cell Number 7. Hierbij werden de emoties
eens even op de proef gesteld; was het wel een
komische film zoals de recensies beloofden?
Of zagen we wellicht wat meelevende leden
toch even in de ogen wrijven? Een ontroerende
film werd afgespeeld met het zachte tikken van
de regen op de achtergrond.

4

Alhoewel tranen van verdriet altijd mooi zijn
om te zien, gaat er niets boven het sadistisch
genot van huilende mensen die dachten dat ze
wel ‘even’ de eetwedstrijd van de volgende dag
zouden kunnen overwinnen. Met de bekende
Koreaanse Firenoodles en de hulp van de beste
vriend/vijand Sriracha-saus, zijn er twaalf
dappere leden getest op hun sterke maag en
smaakpapillen. Een spannende wedstrijd,
waarbij vele mensen kwamen kijken voor het
leedvermaak. Uiteindelijk is Anlong Vuong
er met/dankzij zijn half-Vietnamese roots als
winnaar uitgekomen.
Om ook nog even iets inhoudelijk krakends
in de week te gooien, waren op donderdag
twee lezingen aan bod. Derdejaars Koreaniste
Maaike de Vries begon met een lezing met vele
adviezen waar je rekening mee moet houden
als je voor langere tijd naar Zuid-Korea
gaat om te studeren. Hierna nam Koreaans
professor Koen de Ceuster het over om onze
blik over Korea te laten bekritiseren met de
‘Vervlogen droom van hereniging’.
Na alle spierpijn, emotie, kapotte magen en
krakende hersenen, sloot Tanuki de Koreaweek af met het langverwachte K-pop feest.
Super Junior en Girls Generation schalden
door de boksen, mensen zagen er volgens
thema allemaal even Single, Fout, maar
natuurlijk vooral ook Sexy uit. Met twee top
K-pop DJ’s die alles met goede beats soepeltjes
lieten overlopen, werd dit feest een knallende
afsluiting van een mooie week.

太狸記・七月号

Tanuki Dinner at the movies:
Tampopo

Eten en films kijken blijven twee van mijn
favoriete bezigheden. Gelukkig maakte
Tanuki het afgelopen maand mogelijk om
deze activiteiten te kunnen combineren door
film te kijken onder het genot van een diner.
De keuze om Tampopo voor te schotelen
was al snel gemaakt; het gaat over eten, bezit
de nostalgiefactor voor ouderejaars en de
eerste en tweedejaars wilden nu ook wel eens
de beruchte film te zien krijgen. Het was
moeilijker om een geschikte keuze te maken
qua voedsel, maar uiteindelijk werd besloten
sushi maki, kip tempura, wokschoteltjes en met
als toetje ijs met matchapoeder te bereiden.
Voor degenen die er niet bij konden zijn, of die
graag een opfrisser wil hebben: Tampopo is een
Japanse film geregisseerd door Juzo Itami in
1985. Wanneer twee vrachtwagenchauffeurs
op een praktisch verlaten ramen restaurantje
stuiten, namelijk die van Tampopo! Nadat de
ervaren Gorou advies geeft aan Tampopo hoe
ze haar ramen wél lekker kan maken, wordt hij,
op verzoek van Tampopo, haar ramenmentor.
Na veel trucjes en tips van Gorou is de

ramenshop van Tampopo de beste in de streek
en is deze elke dag vol klanten.
Niet alleen Tampopo leert echter van Gorou
want elke aanwezige die de film bekeek, heeft
van de kennis van de ramenmeester mogen
proeven. Zo hebben we bijvoorbeeld geleerd
dat als je ramen eet, je niet zomaar in één
keer aan mag vallen. Nee, je moet het eerst
voorzien van een klein beetje aanranding.
Het stukje varkensvlees aaien, omdraaien,
optillen, onderdompelen, strelen enzovoorts:
we kennen nu de verfijnde technieken! Ook
hebben we, tot de schrik van de meesten,
geleerd dat Japanse filmmakers in de jaren ’80
niet per se terugdeinsden voor dierenleed. Als
na deze film een ‘red de schildpad’-beweging
is voortgekomen, zou het niemand van ons
verbazen.
Al met al een leuke avond met lekker eten,
leuk gezelschap en een gezamenlijk trauma
voor seksuele handelingen met eigeel.
Jacqueline Schaepman

太狸記・七月号

5

Tanuki Feest: Spring Break

Wat was het een mooie avond. Op 2 mei
2014 vond alweer het laatste reguliere
Tanukifeest plaats in De Kroon. Dit feest
had het zinderende thema “Spring Break:
See You Soon In Cancun!”, een thema dat
speciaal is bewaard door de feestcommissie
als afsluiter van alle mooie feesten die zij dit
jaar georganiseerd hebben. Extra bijzonder
aan deze editie was de samenwerking met
SVS die eerder met ons dit jaar deelde in de
feestvreugde op het gala.
De stranden waren aangelegd, de palmbomen
opgeblazen, de sombrero’s hingen klaar en
de Tequila Sunrise was er ten overvloede.
Deze ingrediënten konden natuurlijk niets
anders betekenen dan een zwoele zomeravond

6

onder invloed van een niet kleine hoeveelheid
aan lekkere drankjes zoals dat alleen kan
bij Tanuki (en SVS). Ook deze avond kende
als hoogtepunt weer een zenuwslopende
wedstrijd. Wanneer je denkt aan Spring Break,
dan hoort daar natuurlijk een gruwelijke
atwedstrijd bij! Zowel Tanuki als SVS was
eerlijk vertegenwoordigd in deze competitie,
maar helaas voor Tanuki was het aan SVS om
de overwinning binnen te slepen. Daarna kon
het feest pas echt losbarsten. Er werd gedanst
en gesjanst, en er gebeurden zoals altijd weer
dingen die het daglicht niet konden verdragen.
Maar nadat de lampen aangingen en de laatste
dronkenlappen weer huiswaarts keerden, was
het laatste indoor-feest van het jaar 2013-2014
alweer ten einde. Robert Beers

太狸記・七月号

太狸記・七月号

7

maimai GreeN PLUS

Kom je voor een bezoekje aan een Japanse
arcadehal voor de vele ritmespellen, dan is
het allang niet meer Dance Dance Revolution
(DDR) dat de klok slaat. We kunnen ons
namelijk al langere tijd een drummeester
wanen met Taiko no Tatsujin en ons tijdelijk in
de digitale huid van Hatsune Miku verplaatsen
om onze innerlijke idool naar buiten te laten
komen. Sinds een tweetal jaar geleden is het
echter ook mogelijk om je te wagen aan maimai,
een verslavend ritmespelletje dat inmiddels
een vaste plaats heeft veroverd in vrijwel elke
arcadehal in Japan.
Bij maimai lijkt het in de praktijk alsof je
naar een wasmachine aan het kijken bent,
maar gelukkig bedriegt de schijn. Rond een
cirkelvormig scherm bevinden zich een achttal
knoppen, waar op de maat op moet worden
gedrukt, terwijl wordt afgebeeld wanneer je
welke zult moeten indrukken. Tevens krijg je
ter afwisseling pijlen die aangeven in welke
richting je over het scherm moet vegen. In
de basis is het principe erg eenvoudig en dat
maakt het bijzonder verslavend. Echter geldt
zeker wel: easy to play, difficult to master.
Hoewel maimai verscheen in 2012, zijn we
inmiddels alweer toe aan de maimai GreeN
PLUS-editie. Deze heeft onder andere een
reeks nieuwe nummers toegevoegd aan het
spel, kent enkele extra’s zoals de mogelijkheid
om geluidseffecten aan te kunnen passen
en heeft de moeilijkheidsgraad verder
opgeschroefd. Vooral interessant is het dat
sinds de GreeN-editie er in-game geld is

8

toegevoegd, dat verdient kan worden door
goed te presteren. Hiermee kunnen onzinnige
nieuwigheden gekocht worden, zoals een
nickname in het spel, maar veel interessanter
is het om meer nummers te kunnen kopen. In
tegenstelling tot veel concurrenten, is er in dit
ritmespel een duidelijkere reden om verder te
spelen.
Met een gigantische lijst nummers heeft
maimai overigens sowieso al een flinke basis
staan. Het is bijvoorbeeld mogelijk om aan de
slag te gaan op animehits, zoals het introlied
van Attack on Titan, maar je kunt je ook wagen
aan onder andere populaire tracks, muziek uit
games of composities die speciaal voor het spel
zijn gemaakt. Daar moet echter wel bij gezegd
worden dat het merendeel van de nummers
vooral flirt met electronica, waardoor er
wellicht niet voor iedereen genoeg tracks
aanwezig zijn.
Ik heb zelf in mijn jaar in Japan opvallend vaak
een reden gezocht om toch eventjes naar de
arcadehal te kunnen om maimai GreeN PLUS
te kunnen spelen. En dat hoeft niet eenzaam
te zijn, want je kunt gewoon met een vriend
tegelijkertijd op hetzelfde nummer knoppen
drukken en vegen. Als je in Japan bent, schuif
dan ook beslist honderd yen in een maimai
GreeN PLUS-machine om de verslavende
factor van het ritmespelletje eens te ervaren.
Bereid je er echter wel vast op voor om
wanhopig in je portemonnee te zult zoeken
naar meer van die zilverkleurige muntjes...
Wester Wagenaar

太狸記・七月号

Japan Now & Then:
een interview met Fred Rohde

Tegenover mij zit Fred Rohde. Vijftig jaar
geleden nam hij zijn eerste foto en deze zomer
blikt het Leids kunstgenootschap Ars Aemula
Naturae terug op zijn werk door een selectie
van zijn tienduizenden foto’s tentoon te
stellen. Verspreid over verschillende exposities
in Leiden, is zijn werk te bewonderen aan de
hand van uiteenlopende thema’s: van Herman
Brood tot vergankelijkheid.
Hoewel hij op zijn vijftiende begon met het
maken van foto’s, zegt Rohde dat ‘fotografie’
voor hem pas rond zijn dertigste haar huidige
betekenis kreeg. “Dat was het moment waarop
ik leerde ontwikkelen en afdrukken”. Rohde
maakte destijds wel foto’s voor linkse bladen
en werd niet lang daarna beroepsfotograaf
voor De Leidse Stadskrant, De Leidse Courant
en het Leidsch Dagblad. De opdrachten eisten
echter hun tol en leidden ertoe dat Rohde de
fotografie tijdelijk naast zich neer legde.
Het zou uiteindelijk de ontmoeting met Molly
Ackerman zijn die hem terug bracht bij de
fotografie. De kunstenares uit New York werd
zelfs zijn vrouw en hielp Rohde om zijn plek
in de kunstwereld te vinden. Bovendien was
het Molly die hem voor het eerst mee zou
nemen naar Japan, waar hij vervolgens zijn
schitterende beelden vast kon leggen. Japan
kreeg zo in het oeuvre van Fred Rohde een
speciale plaats. Bovendien hebben zijn foto’s
van Japan nu zelfs hun eigen expositie in het

eet-, drink- en kunstlokaal Vooraf en Toe.
Als ik Fred Rohde terloops vraag naar de
motivatie voor zijn werk, legt hij me uit dat
het voor hem “een middel is om onderzoek
mee te verrichten”. Wanneer hij in Japan een
foto maakt, brengt hij zichzelf naar Japan; de
beelden worden zijn verhalen waarin Rohde
ons vertelt over individuen en menselijkheid in
Japan. De kijker zelf wordt net als de fotograaf
deel van het onderzoek wanneer hij de speelse
composities en bovenal karaktervolle beelden
ingetrokken wordt.
Enthousiast laat Rohde mij zijn favoriete
foto uit de reeks zien: De Trompetters van het
Obon Festival. De foto wordt op speelse wijze
doorkruist door lijnen en het is in de compositie
dat het inzicht van een afgestudeerde
wiskundige terug te vinden is. Schaduwen
die over het festivalterrein geworpen worden
van buiten de foto, verdelen het grindveld in
horizontale balken van licht en donker, met
aan de horizon glooiende, felgroene heuvels.
Voor een staand scherm bedekt in verticale
rode en witte strepen, staat een man met
blaasinstrument bijna onzichtbaar door zijn
eveneens rood met witte kleding. Verder naar
voren, in het licht dat over het festivalterrein
valt, staat een jongetje. Ook hij draagt een
blaasinstrument, maar deze trompetter is
wél scherp afgetekend. Tenslotte is op de

太狸記・七月号

9

voorgrond het publiek te zien, maar naar welke
trompetter staan zij zo aandachtig te luisteren?
De fotograaf vertelt hoe hij met zijn vrouw
bij monniken verbleef en hoe een van de
monniken hen om de paar dagen voorstelde
aan een nieuwe gids. Elke gids was een kennis
van de monnik die Rohde en zijn vrouw zou
helpen zich te onderscheiden van de alledaagse
toerist. De introductie door een monnik
verzekerde hen namelijk van een plek binnen
de kringen van de mensen die zij ontmoetten.
Rohde was zo niet langer een complete outsider
en kreeg de kans om beelden vast te leggen
die voorbij gaan aan het Japan dat miljoenen
toeristen elk jaar gretig komen consumeren.
Ook de betrokkenheid van Fred Rohde en zijn
vrouw bij herdenkingen van de atoombom
in Hiroshima en van de bombardementen
in Fukuyama, dragen bij aan hun bijzondere
positie. Zo worden zij door de burgemeester
van Fukuyama uitgenodigd om te komen
kijken naar een parasoldans, uitgevoerd door
een danseres die dit verder alleen in lessen aan
geisha laat zien. Ook hiervan zijn in Vooraf en
Toe een reeks foto’s te bewonderen. Verder
wordt werk van zowel Molly Ackerman als
Fred Rohde in Hiroshima City Museum
tentoongesteld.
Na geïntrigeerd te hebben geluisterd naar
verhalen over hoe kunst telkens weer de
universele taal blijkt die zelfs communicatie
mogelijk maakt tussen een Japanner die geen
woord Engels kan en kunstenaars die slechts
een paar woorden Japans spreken, bedenk ik
me opeens dat ik hier tegenover deze fotograaf
zit om vragen te stellen. “Japan Now & Then
heet de tentoonstelling, het eerste waar ik deze
titel in terug zie, is bij de foto’s van Harajuku
meisjes die tentoongesteld worden tegenover
die van geisha.”
Fred Rohde licht mij echter al te graag toe
dat dit thema in alle foto’s terug komt. Of het
nu gaat om de foto’s van de herdenking in
Hiroshima, of die van een riksja in Tokio. “Nu
en toen zijn allebei tegelijk,” legt Rhode mij
uit. Wat Rohde in Japan het meest opviel was

10

precies dat, die verwevenheid van toen, nu, en
dan. Op een schitterende manier komt dit naar
voren in zijn foto’s van verschillende klokken
in een tempel.
Voorzichtig vraag ik Rohde of dit wel uniek
is voor Japan, waarop hij antwoord dat het
allicht ook te maken heeft met die kringen
en groepsdynamiek waarin hij en zijn vrouw
waren doorgedrongen. Samen filosoferen
we vervolgens over de mogelijkheid dat
collectivisme een medium kan zijn voor het
bewaard blijven van geschiedenis die in westers
individualisme verloren zou gaan. Wat volgens
Rohde toch in ieder geval van belang is in de
unieke Japanse mix van heden en verleden, is
een soort holistische kijk op het leven.
Kortom, Japan Now & Then is een
tentoonstelling
die
ons
schitterende
composities van Japanse landschappen laat
zien, die niet alleen een bijzonder intieme
westerse blik op de Japanse samenleving
werpen. Japan Now & Then laat zien dat Now
& Then niet elkaars tegenpolen zijn, dat zij –
soms volledig – kunnen overlappen en hoe dit
in Japan bijdraagt aan een unieke cultuur die
nog steeds de interesse van tientallen miljoenen
mensen buiten Japan weet te trekken.
Ben je na het lezen van dit artikel
geïnteresseerd geraakt in het werk van
Fred Rohde, ga dan zeker eens langs bij een
van de tentoonstellingen die dit jaar voor
zijn werk georganiseerd worden. Ben je
geïnteresseerd in de tentoonstelling Japan Now
& Then, ga dan gratis langs bij eet-, drink- en
kunstlokaal Vooraf en Toe op Botermarkt 9.
Vincent Meijer

太狸記・七月号

Strijdende vrouwen

In de tijd dat samoerai nog meer waren dan een
geromantiseerd beeld uit het verleden, vochten
deze mannen met name voor de Tokugawaperiode voor hun meester in talloze oorlogen.
Het gevecht bracht hen vaak ver van huis
en er was een grote kans dat ze niet meer
terugkeerden. Terwijl de mannen ergens in
een verre provincie aan het vechten waren,
bleven de vrouwen en kinderen alleen achter.
Dit was dan ook een uitgelezen kans voor de
vijand om een samoeraifamilie om te brengen.
Een samoerai zonder familie kon immers niet
gewroken worden en de vrouwen en kinderen
waren weerloos achtergelaten. Of toch niet?
Het was eerder regel dan uitzondering dat
een samoeraifamilie het op een gegeven
moment zonder de bescherming van de man
moest doen. Het was dan ook logisch dat
samoeraivrouwen zich voorbereidden op
eventuele aanvallen. Dit deden zij door zich
krijgskunst eigen te maken, onder andere
door 短刀術 : tantoujutsu (mestechnieken) te
trainen. Een mes was handiger om binnenshuis
te gebruiken, aangezien een katana te lang was
om ermee rond te zwaaien. 薙刀: naginata
(stok met een gebogen mes) en 懐剣: kaiken
(dolk) werden overigens ook vaak als wapens

gebruikt. De vrouwen zelf werden 女武芸者:
onna bugeisha (meesteres van de krijgskunst)
genoemd.
Als de man weg was, moest de vrouw zorgen
dat de eer en veiligheid van de familie bewaard
bleef. Deze twee gingen niet altijd goed samen.
Vrouwen waren niet altijd opgewassen tegen
wat er in het huis binnen wilde dringen en
als het erop leek dat de eer van de familie niet
bewaard kon worden, was het de taak aan de
vrouw om de dood te verkiezen boven een
leven zonder eer.
Er zijn ook enkele gevallen waar vrouwen hun
krijgskunst niet alleen voor het goed van hun
familie gebruikten. Echtgenotes, weduwes,
dochters en rebellen uit de samoeraiklasse
vochten in zekere gevallen zij aan zij met
mannelijke samoerai in oorlogen. Enkele
van deze weinig voorkomende vrouwen zijn
vereeuwigd in verhalen en prenten.
Een van de vrouwen die haar vechtkunst actief
gebruikte was keizeres Jingu. Veel van de
verhalen over haar neigen meer naar legende
dan naar harde feiten, maar het is zeker dat ze
een van de meest legendarische onna bugeisha

太狸記・七月号

11

en andere taken die de vechtende mannen
ondersteunden. In het geval van Nakano
Takeko niet.

was, die zelfs in 1881 als eerste vrouw op een
Japans bankbiljet stond. Haar verhaal begint
na het overlijden van haar man, keizer Chuai.
In de periode vanaf zijn dood zou ze hebben
geregeerd als regent tot haar zoon Ojin de
troon besteeg in 269.
Het verhaal gaat dat ze, samen met een paar
goddelijke juwelen waarmee ze het getij kon
controleren, in 200 een succesvolle inval in
Korea deed, naar zeggen zonder een druppel
bloed te vergieten. Het wordt echter vanuit een
historisch oogpunt niet geloofd dat er een inval
in Korea heeft plaatsgevonden in deze periode.
Wel zijn er aanwijzingen dat Japan tegen de
vierde eeuw enige controle had over zuidelijke
delen van Korea. Keizeres Jingu zou ook drie
jaar zwanger zijn geweest van Ojin, omdat
hij geboren was na haar terugkomst in Japan
in 203. Volgens de legende was haar zoon
eigenlijk de oorlogsgod Hachiman en hij zou
vrijwillig drie jaar in haar buik hebben gezeten,
zodat zij haar doel kon bereiken.

Om de vrouwen van Aizu levend gevangen
te nemen werd het bevel gegeven het vuren te
staken. In die tijd vocht een groep vrouwen
onder leiding van Nakano Takeko, de
娘子隊: joushitai (vrouwenleger), gewapend
met naginata tegen de imperialisten. Het
verhaal gaat dat Takeko rond de vijf mannen
versloeg voordat ze zelf neergeschoten werd.
Stervende vroeg ze haar zus haar hoofd af te
hakken, zodat het niet als trofee meegenomen
kon worden. Er wordt gezegd dat haar
hoofd begraven is onder een boom bij de
Houkai-tempel . De belegering van het Aizu
Wakamatsu-kasteel faalde kort daarna.
Hoewel het ongewoon was en tegen het
heersende beeld van vrouwen in ging, speelden
onna bugeisha in enkele grote oorlogen een
prominente rol, die zelfs doorslaggevend kon
zijn. De meeste samoerai vrouwen hielden
het echter bij het verdedigen van de familie, al
slaagden zij daar helaas lang niet altijd in. Zeker
is in ieder geval wel dat het een misconceptie
is dat samoeraivrouwen weerloos waren als
hun man weg was. Integendeel, ze waren zelfs
getraind om de vijand van het leven te beroven.
Simone Felix

Een later, en iets realistischer, voorbeeld is
Nakano Takeko. Ze was geboren in 1847 als
lid van een samoeraifamilie in de Aizu-regio
die trouw was aan het Tokugawa shogunaat en
groeide op met vechtkunst. Tijdens de Japanse
burgeroorlog werd het Aizu Wakamatsukasteel belegerd. In het algemeen waren
de taken van vrouwen in tijden van oorlog
beperkt tot koken, verzorgen, kogels maken

12

太狸記・七月号

Milieubewustzijn in Japan

Wie tegenwoordig een blik werpt op de Japanse
samenleving, zal al snel geconfronteerd worden
met een aantal fundamentele problemen
die de samenleving bedreigen. Denk hierbij
bijvoorbeeld aan de snel toenemende
vergrijzing van de Japanse maatschappij, de
extreme afhankelijkheid van Japan van het
buitenland als het gaat om de import van
voedselgoederen, maar ook om het duidelijke
tekort aan eigen grondstoffen die noodzakelijk
zijn om de op twee na grootste economie van
de wereld te blijven voeden. Om de enorme
vraag naar consumptiegoederen en diensten
te stillen, importeert Japan 96 procent van zijn
energiebehoeftes. Het grootste deel hiervan
bestaat uit de import van olie uit het Midden
Oosten, een regio die beslist niet bekend staat
om haar politieke stabiliteit. Als gevolg, wordt
er dus veel gespeculeerd over hoe men met dit
problemen om moet gaan om te voorkomen
dat toekomstige generaties te maken krijgen
met een afhankelijk Japan.
Onder het kader van “sustainability”, oftewel
duurzaamheid, zoekt men naar technologische
of maatschappelijke manieren om de Japanse
samenleving aan te passen tot een samenleving

die het welzijn van toekomstige generaties
waarborgt. In de loop van de afgelopen
twintig jaar heeft men op dit gebied ook sterke
vooruitgang geboekt en is Japan inmiddels
een van de sterkste landen op het gebied van
energie efficiency en milieubescherming (zie
ook de Environmental Performance Index
door de Universiteit Yale).
Ondanks het feit dat Japan tegenwoordig veel
heeft gedaan aan de bescherming van het
milieu in het land zelf, maar ook in andere
Aziatische landen doormiddel van financiële
steun, wijst het verleden van Japan veel zwakke
punten aan met betrekking tot de omgang
van het milieu. Als gevolg van een zeer snelle
industrialisatie, vooral door westerse invloed,
heeft Japan vanaf de Meiji-periode snelle
economische vooruitgang geboekt. Dit had
veel consequenties voor het landschap.
Mede door het ophemelen van industriële
voorzieningen zoals de kopermijnen Aisho,
Besshi, Hitachi en Kosaka, zijn er veel
schadelijke stoffen in de lucht, de grond en
het water geraakt. Het vervuilen van het
revierwater had zware implicaties voor de

太狸記・七月号

13

biodiversiteit en de boeren kregen te maken
met een toename van slechte oogsten,
omdat vuil water kostbaar landbouwgebied
overspoelde.
Als reactie op een steeds groter wordende
vervuiling van het milieu, begonnen steeds
meer mensen te protesteren tegen het steeds
intensievere gebruik van deze kopermijnen.
Desalniettemin, hadden deze eerste protesten
niet veel succes. De ambitie van de Japanse
overheid om Japan internationaal op de
kaart te zetten door middel van het creëren
van een modern leger en het stimuleren van
internationale handel, zorgde ervoor dat
protesten tegen een sterke industrialisering
geen kans van slagen zouden hebben. Ook
tijdens de Tweede Wereldoorlog werd er
weinig gehoor gegeven aan protesten tegen de
voortschrijdende vervuiling en uitbuiting van
het milieu.
De Peace Preservation Law uit 1925, die
eigenlijk bedoelt was om linkse en radiale
groepen in Japan te onderdrukken om zo het
dominerende politieke stelsel te waarborgen,
werd zelfs gebruikt als manier om tegen
milieuactivisten in te gaan.
Ook nadat Japan als verliezer uit de oorlog was
gekomen, hield de verwoesting van het milieu

14

niet op. In plaats van het creëren van een groot
en machtig legger, verschoof de focus naar
het reïncarneren van de Japanse economie
op grote schaal. De groei was van ongekende
snelheid en eiste veel van mens en milieu.
Het waarschijnlijk meest bekende voorbeeld
hiervan waren de gebeurtenissen omtrent de
Minamata-ziekte in de jaren vijftig.
Nadat het lokale bedrijf Chisso begon met
het verwerken van kwik in zijn productie
van plastic, begon men in het dorp vreemde
gedragspatronen bij katten en later ook bij
mensen op te merken. Pas in 1959 werden
de resultaten van een belangrijk onderzoek
omtrent deze dodelijke ziekte gepubliceerd
en het zou nog jaren duren voordat sommige
van de slachtoffers compensatie van Chisso
zouden ontvangen.
Toch boekten protesten en rechtszaken eind
jaren zestig succes tegen sterke vervuiling
door grote industriële coöperaties zoals
de Kamioka-mijnen en tegen het openen
van sterk vervuilende voorzieningen in
Yokkaichi, maar ook de protesten omtrent
het oprichten van meerdere stuwdammen
hebben de milieubewuste oppositie in Japan
de nodige media-aandacht gegeven. Door
de stijgende hoeveelheid protesten tegen
milieuvervuiling, maar ook door sterke druk

太狸記・七月号

3 maart 2011, lijkt het erop dat de regerende
LDP (Liberal Democratic Party) weer een
nucleair koers op wil. Desalniettemin, blijkt
de tolerantie voor deze technologie onder
de populatie drastisch verminderd en is 78
procent van de Japanse bevolking er tegen
om de nucleaire centrales weer te herstarten.
Ook al is het niet direct te zien, de vervuiling
die verbonden is aan nucleaire energie zou een
net zo zware impact kunnen hebben als andere
grote milieurampen in de afgelopen decennia.

vanuit het buitenland, werden er in 1970
maar liefst dertien wetten met betrekking tot
milieubescherming geïntroduceerd.
De handhaving van deze wetten had een
sterke vermindering van het uitstoten van
giftige stoffen tot gevolg. Tegenwoordig
staat Japan ook internationaal bekend om
zijn lage gehalte aan vervuiling in stedelijke
gebieden in vergelijking met andere landen.
Daarnaast heeft de Japanse overheid gemerkt
dat milieuvervuiling niet beperkt is tot de
grenzen van het eigen land. Als reactie op een
sterke luchtvervuiling in China, zet de Japanse
overheid zich ook in voor het ondersteunen
van milieubeschermende projecten in dat land.

De uitgestoten radioactiviteit heeft een
gezamenlijke factor met het kwik of de gassen
die bij voormalige rampen zijn uitgestoten:
ze zijn allemaal onzichtbaar en zonder
speciale apparaten niet op te sporen. Door die
reden bestaat er uit de bevolking een sterke
behoefde aan duurzame energievoorzieningen
en duurzame oplossingen voor een veilige
samenleving. Het is nog maar de vraag in
hoeverre de regerende partij in Japan zal
luisteren naar de stem van een toenemend
milieubewustzijn
onder
de
Japanse
samenleving in plaats van de industrie gehoor
te blijven geven. Arhur Hinsch

Een andere vorm van milieuvervuiling
die in de laatste tijd veel aandacht heeft
ontvangen is nucleaire energie. Desondanks
de verschrikkelijke ervaringen met nucleaire
technologieën aan het eind van de Tweede
Wereldoorlog, koos de Japanse overheid, met
significante steun vanuit de industrie, voor
een sterke implementatie van een pro-nucleair
beleid en het oprichten van 54 nucleaire
reactoren die tot 2011 verantwoordelijk
waren voor dertig procent van de Japanse
energieopbrengst.
Vanuit de industriële sector wordt er veel
gepleit voor de kleine uitstoot aan schadelijke
stoffen en ondanks de ramp van Fukushima op

太狸記・七月号

15

Japanse walvisvaart:
(G)een stukje Moby Dick

31 maart jongstleden heeft het Internationaal
Gerechtshof in Den Haag de Japanse
‘wetenschappelijke’
walvisvaart
in
de
Zuidelijke IJszee ongegrond verklaard.
Hoewel Japan zich aanvankelijk bij deze
uitspraak neerlegde, kondigde een paar weken
later Yoshimasa Hayashi, de Japanse minister
van agricultuur, bosbouw en visserij, aan dat
Japan het onderzoeksprogramma zodanig zal
aanpassen dat het in lijn is met de internationale
wetgeving. Hierdoor verwacht Hayashi
dat Japan volgend jaar verder op walvissen
in de zeeën rond Antarctica kan blijven
jagen, ondanks de internationale kritiek van
verschillende landen en milieuactiegroepen.
Maar waarom blijft Japan eigenlijk doorgaan
met de walvisvaart terwijl het jagen op
walvissen in de meeste westerse landen taboe
is?
Net als veel westerse landen heeft Japan een
geschiedenis met het jagen op walvissen.
Echter, in tegenstelling tot bijvoorbeeld
Nederland en de Verenigde Staten, joeg
Japan niet alleen op walvissen vanwege de

16

olie, maar was het eten van walvisvlees ook
een belangrijke inkomstenbron. Vooral na
de Tweede Wereldoorlog maakte Japan op
grote schaal jacht op walvissen vanwege de
hongersnood. Hierdoor was de consumptie
van walvisvlees tussen 1947 en 1949
bijna de helft van het totaal gegeten vlees.
Tegenwoordig is de consumptie van walvis in
Japan beperkt, hoewel walvisvlees wel af en toe
verkrijgbaar is in verscheidene supermarkten
en restaurants.
Gedurende de jaren ‘60 nam de jacht op
walvissen op internationaal niveau af,
vooral onder westerse landen. Vanwege de
beschikbaarheid van goedkopere substituten
voor walvisproducten, was de walvisvaart voor
veel bedrijven niet meer economisch rendabel.
Daarnaast ontdekten wetenschappers dat
sommige walvispopulaties met uitsterven
werden bedreigd vanwege de walvisvaart. Dit
had tot gevolg dat milieuorganisaties zoals
Greenpeace internationaal campagne voerden
om de walvis te redden. In veel westerse
landen waren zij succesvol in het overtuigen

太狸記・七月号

van de publieke opinie dat het jagen op de
bedreigde walvissen barbaars en wreed is.
Deze ‘walvismythe’, zoals die door critici ook
wel wordt genoemd, is echter niet aangeslagen
in Japan, omdat daar walvissen eerder als
vis wordt gezien in plaats van een intelligent
zoogdier.
De veranderende publieke opinie over de jacht
op walvissen in veel landen had uiteindelijk
tot gevolg dat er een internationale norm
ontstond waarin de walvisvaart taboe is.
Mede vanwege de ‘red de walvis’-campagnes
van milieuorganisaties, werden steeds meer
westerse landen lid van de Internationale
Walvisvaartcommissie (IWC) met het doel
om de jacht op walvissen op globaal niveau te
verminderen. In 1982 stemde de benodigde
drie vierde meerderheid van de IWC lidstaten
voor een moratorium op walvisjacht met
ingang van 1986. Dit moratorium houdt in
dat lidstaten die op walvissen willen jagen
een quota ontvangen, zodat de terugloop van
walvispopulaties wordt beperkt.
Japanse tegenstanders van het moratorium
bekritiseren de dubbele moraal van de westerse
IWC leden. Inheemse bevolkingen, zoals
bijvoorbeeld de Eskimo’s in Alaska, krijgen
namelijk wel een quota om op walvissen te
jagen, terwijl Japanse gebieden met een rijke
traditie in de walvisvaart hierin niet worden
voorzien. Deze critici vinden het vooral
hypocriet dat het mogelijk is voor inheemse
bevolkingen om op bedreigde walvissoorten als
de Groenlandse walvis te jagen, terwijl Japan

niet eens het gevraagde quota krijgt om op
dwergvinvissen te jagen waarvan de populatie
aanzienlijk groter is. Sommige tegenstanders
gaan zelfs zo ver dat ze het IWC zien als vorm
van westers cultureel imperialisme dat Japan
de norm van anti-walvisvaart wil opleggen.
Het IWC beargumenteert echter dat de
quota voor ‘aboriginal whaling’ vaak erg laag
zijn en dat deze inheemse bevolkingen veel
afhankelijker zijn van de walvisvaart om hun
cultuur in stand te houden dan voor Japanse
regio’s het geval is.
Japanse walvisvaarders legden zich echter
niet neer bij het IWC moratorium, maar
besloten op walvissen te blijven jagen
voor wetenschappelijke doeleinden. Japan
krijgt internationaal veel kritiek vanwege
deze ‘wetenschappelijke’ walvisvaart. De
publicaties van de onderzoeksresultaten zijn
namelijk zeer beperkt, gezien het grote aantal
walvissen dat jaarlijks wordt gedood. Verder
wordt het vlees van de gevangen walvissen
op grote schaal verkocht op de Japanse markt
en wordt de opbrengst ervan gebruikt om de
walvisvaart te financieren. Milieuorganisaties
verwerpen de wetenschappelijke bijdrage van
de Japanse walvisvaart en veroordelen Japan
vanwege het jagen op bedreigde diersoorten.
De Japanse overheid lijkt zich echter weinig
aan te trekken van de internationale druk om
de walvisvaart op te geven. Vanwege de sterke
invloed van de Japanse walvisvaartlobby op
de overheid, krijgt de Japanse walvisindustrie
subsidies om de walvisvaart voort te
kunnen zetten. Verder is de invloed van de

太狸記・七月号

17

walvislobby ook duidelijk zichtbaar in het
ontwikkelingshulpbeleid van het Ministerie
van Buitenlandse Zaken. Japan belooft
namelijk financiële steun aan arme landen
in de Caribische Zee en West-Afrika, in
ruil voor politieke steun in de Internationale
Walvaartcommissie. Hierdoor zijn er steeds
meer lidstaten in de IWC zonder een verleden
in de walvisvaart en is er grotere verdeeldheid
ontstaan tussen voor- en tegenstanders van de
walvisvaart.
De Japanse walvislobby heeft ook als doel om
de walvisvaart onder de eigen bevolking te
promoten. Hoewel de walvisvaart door veel
Japanners als een traditie wordt gezien, daalt
de consumptie van het vlees van de grote vis
in Japan. Uit verschillende onderzoeken is
gebleken dat walvisvlees namelijk niet populair
is in Japan en meer dan twintig procent van
de jongeren heeft zelfs nog nooit walvis
gegeten. Door lezingen te geven op scholen
en het organiseren van kookcursussen met
walvisvlees, probeert de Japanse walvislobby
de consumptie van walvisvlees te stimuleren.
De afgelopen jaren is Japanse walvisvaart
internationaal steeds meer onder druk komen
te staan. Een van de grootste oorzaken hiervan
zijn de protestacties van de milieuactiegroep
Sea Shepherd. Geert Vons, algemeen directeur
Sea Shepherd Nederland, beargumenteert
dat Sea Shepherd zich houdt aan het VNmandaat ‘World Charter for Nature’ uit 1982,
dat stelt dat individuen het recht hebben om
internationale milieuafspraken te handhaven
wanneer nationale overheden hier niet in
slagen. Sea Shepherd is in het algemeen tegen
elke vorm van walvisvaart is, maar hun acties
zijn vooral gericht tegen de Japanse walvisvaart
in internationale wateren, omdat het VNmandaat niet geldig is in de territoriale wateren
van bijvoorbeeld Noorwegen en IJsland.

gebruik van Australische havens. Er is echter
onder beide landen weinig bereidheid om Sea
Shepherd te vervolgen. Sterker nog, Australië
verzet zich ook tegen de Japanse walvisvaart en
had Japan voor het Internationaal Gerechtshof
gedaagd. Hoewel het Internationaal Hof
van Justitie de Japanse ‘wetenschappelijke’
walvisprogramma’s heeft veroordeelt, is Japan
nog niet bereid om te stoppen met het jagen op
walvissen. Sea Shepherd heeft al aangekondigd
zich te blijven verzetten tegen de walvisvaart
op internationale wateren en de komende
jaren zullen dus belangrijk zijn voor de verdere
ontwikkeling van de Japanse walvisvaart.
Overigens is het eten van walvisvlees voor de
avontuurlijke eter, tijdens een bezoekje aan
Japan af te raden. Dit is niet alleen vanwege
morele redenen, maar ook omdat walvisvlees
ongezond is. Walvissen staan namelijk aan het
einde van de voedselketen en hebben daardoor
meer schadelijke stoffen in zich opgenomen.
Uit onderzoek is gebleken dat het kwikgehalte
in Japans walvisvlees gemiddeld 2,5 tot 25
maal hoger is dan het maximum kwikgehalte
van 0,4 microgram per gram vlees dat door de
Japanse overheid als limiet wordt gehanteerd.
Voor mij geen stukje ‘Moby Dick’ dus in het
land van de rijzende zon. Marnix Viergever

De Japanse overheid heeft niet alleen de
acties van Sea Shepherd veroordeeld, maar
verwijt landen als Nederland en Australië
ook nalatigheid om deze ‘eco-terroristen’ te
vervolgen. De schepen van Sea Shepherd varen
namelijk onder Nederlandse vlag en maken

18

太狸記・七月号

De Apocalyps nadert!
namelijk ook voor zorgen dat de wereld zoals
wij kennen ophoudt en een nieuwe wereld
ontstaat.
Hoewel Japanse religie niet dichtbij het
Christendom ligt, hebben veel Japanse
(animatie)films en series als thema de
Apocalyps. Dat er overeenkomsten zijn, is
wellicht toeval, maar hieruit blijkt dat visies
op het einde van de wereld overal vergelijkbaar
zijn. Ook Amerikaanse animatie heeft de
verwoesting van de wereld als thema, zij
het in mindere mate. Dit komt omdat de
animatieproducties daar vooral is gericht
op kinderen en het dientengevolge niet te
beladen kan zijn voor de jongere telgen van de
samenleving.

In het jaar 1988 werd Tokio verwoest door
een explosie, waarna de Derde Wereldoorlog
begon. In 199X was er een kernoorlog die werd
overleefd door slechts dertig procent van de
mensheid en tegenwoordig moeten kinderen
in biomachines vechten tegen monsters.
In de afgelopen jaren is het thema van een
Apocalyps steevast populairder geworden.
Zo is het thema van een zombie apocalypse
tegenwoordig veelvoudig terug te vinden in
fictie en heeft zelfs het Pentagon een plan van
aanpak voor een zombie-aanval.

Japan werd na de Tweede Wereldoorlog zeven
jaar lang bezet door Amerika. Hoewel Japan
zichzelf weer wist op te bouwen, is het nooit
meer hetzelfde geworden; de verschrikkingen
van de atoombommen zijn in de collectieve
herinnering gegrift. Daarom is dit thema vaak

Apocalyptisch hoeft nog niet te betekenen
dat de wereld verwoest zal worden, hoewel
het woord “apocalyps” hier voornamelijk mee
geassocieerd wordt. Het woord komt van het
Griekse woord “apokalypsis (αποκαλυψις)”,
de originele titel van de Openbaringen van
Johannes. Dit is het laatste boek van het Nieuwe
Testament en vormt het enige profetische boek
in de Bijbel. Het betekent iets in de richting van
“ontdekking of openbaring van mysteriën”, of
“de ware aard van iets”. Een Apocalyps kan er

太狸記・七月号

19

in de popcultuur van het land terug te vinden.
In Japan was na de oorlog een verbod om het
er in het openbaar over te hebben, laat staan
om het in films, manga of anime te laten zien.
Hoewel dit verbod bestond, werd het toch
gedaan, maar dan verhuld in de vorm van
monsters uit de ruimte of de diepe zee.
Recentelijk is een vernieuwde film over
Godzilla uitgekomen van Amerikaanse
makelarij. Deze film is gebaseerd op het
origineel uit 1954 waarin het monster
nog de naam Gojira draagt. Niet alleen
symboliseert het monster Gojira de gevolgen
van atoombommen, maar het ontstaan ervan
wijst ook op het dreigende Amerika met de
kernproeven. Gojira was het begin om een
taboe symbolisch af te beelden.
Sommige activisten en mensen die de
atoombommen overleefden, weigerden te
zwijgen over het bombardement. Ze schreven
erover, maar woorden waren niet genoeg.
Dit probleem deed zich telkens voor en een
oplossing ervoor was om het in beelden te
kunnen laten zien. De beschrijvingen van de
verwoesting van een stad en de uitbeeldingen
ervan in manga vielen niet altijd in smaak bij
het publiek. De schokkende beelden van de
bommen en de gevolgen ervan waren en zijn
nog steeds onvergetelijk. Er werd getwijfeld of
het wel acceptabel was, maar zulke vragen en
kritieken werden weggewuifd, omdat manga
en anime steeds meer werden beschouwd
als kunst of als middel om kritiek of een
boodschap te kunnen overbrengen.

dat je begint met een held en een slechterik die
de wereld wil vernietigen. Dan komt het plan
en de held moet dat plan zien te dwarsbomen
om de wereld te redden. Het lukt de held net
op het randje om de wereld te redden met nog
maar een paar seconden te gaan. Dan is er nog
een les te leren uit alle gebeurtenissen, waarna
het verhaal is afgelopen. Bij Japanse anime en
manga is een happy end niet gegarandeerd, te
zien in bijvoorbeeld Grave of the Fireflies van
Studio Ghibli (1988), een van de bekendste en
aangrijpendste historische vertellingen over de
Tweede Wereldoorlog.
Na de kernramp van Fukushima is ook hierover
een manga verschenen: “1F: The Labor Diary
Of Fukushima No. 1 Nuclear Power Plant”.
Doordat mensen die hier werken niet met
de media mogen praten, is deze manga een
zeldzaam inzicht over hoe het is om daar
te werken. Waar veel van de apocalyptische
verhalen beginnen met kernrampen, gaat deze
manga slechts over de werkervaringen in de
Fukushima kerncentrale. Laten we hopen dat
dit verhaal, in de manga en in de echte wereld,
een beter einde heeft dan een dystopische
toekomst. Carmen Loh

Ook buiten Japan was te zien dat men
onderwerpen aansneed die als taboe werden
beschouwd. Zo had Art Spiegelman een roman
in de vorm van een stripverhaal (Maus (1986))
getekend over de Holocaust. De Holocaust
was, net als het bombardement, een taboe in
die tijd.
In westerse vertellingen eindigt het zelden fout.
De dreiging van de vernietiging van de wereld
is er, maar het wordt altijd op een of andere
manier net op het nippertje voorkomen door de
held van het verhaal. Meestal is de volgorde zo

20

太狸記・七月号

Final Fantasy XIV: A Realm Reborn

Hoewel de meesten van jullie wellicht denken
dat Final Fantasy XIV: A Realm Reborn de
tweede MMORPG (Massive Multiplayer
Online Role Playing Game) is uit de serie,
vormt het spel technisch gezien de derde.
Dit komt omdat A Realm Reborn een
herlancering is van het geflopte Final Fantasy
XIV. Het genummerde vertiende deel van
de spellenreeks werd een nachtmerrie voor
Square Enix; niet alleen verscheen de ene na
de andere slechte recensie op het internet, ook
een stabiele, grote basis aan abonnees bleef uit.
Nadat Yoshida Naoki het project overnam,
zag hij in dat de game niet meer te redden viel
en besloot hij er de stekker uit te trekken. Hij
wou echter niet het vertrouwen van de fans
verliezen en besloot daarom om verder te gaan
met nummer XIV, maar dan onder de nieuwe
titel A Realm Reborn. Tot op de dag van
vandaag wordt Yoshida gezien als iemand die
van een falend project een enorme hit wist te
produceren.
A Realm Reborn speelt zich af in het mooie
Eorzea, een uitgestrekt land dat is opgedeeld in
drie grote rijken. Na meer dan twee uur bezig
te zijn geweest met het uitgebreide character
creation-menu, zet ik dan eindelijk mijn eerste
stap in het rijk van Ul’dah. De graphics zijn
kristalhelder, het verhaal sleept je mee en
zoals we gewend zijn van componist Uematsu

Nobuo is de soundtrack episch. Voor ik er
erg in heb, ben ik alweer level vijftig en ben
ik druk bezig met raids, trials en andere leuke
bezigheden waarbij je de healers de schuld
geeft wanneer je dood gaat.
Maar wat maakt deze game anders dan al die
andere duizenden MMORPG’s? Wat voor mij
het grote verschil maakt, is dat je als elke klasse
van het spel kunt spelen door simpelweg een
ander wapen aan te klikken. Ben je het zat om
met je boogschutter te spelen? Dubbelklik op
je zwaard en je bent een gladiator, klaar om alle
klappen op te vangen. Ook voor de mensen die
meer van craften en verkennen houden, biedt A
Realm Reborn een uitgebreid scala aan klassen
en vaardigheden. Tot slot is de herziene versie
van Final Fantasy XIV uitdagend. Waar in
de meeste MMORPG’s je uitrusting een
belangrijke rol speelt, draait het bij deze
game vooral om vaardigheden en tactieken.
Sommige gevechten zijn zelf zo ontworpen
dat ze zonder programma’s als TeamSpeak of
Skype onmogelijk zijn.
Of je een doorgewinterde gamer bent of slechts
iemand die af en toe van een spelletje houdt: A
Realm Reborn is een aanrader voor iedereen
die zich wil verliezen in de mooie wereld van
Final Fantasy. Farah Nasri

太狸記・七月号

21

Gojira:
de diepere laag van het monster

Godzilla, nog altijd een van de meest bekende
iconen binnen de populaire cultuur van Japan,
heeft in 2014 een tweede Amerikaanse remake
gekregen. De meeste reacties variëren tussen
‘vette actiefilm’ en ‘langzaam gedrocht’, terwijl
er veel minder vaak een vergelijking wordt
gemaakt tussen de hedendaagse productie en
het originele Gojira uit 1954. Een artikel van
Foreign Affairs heeft echter wel op duidelijke
wijze de nieuwe Godzilla van commentaar
voorzien en vertelt dat in de nieuwe film
de wereld het militaire speelveld is van de
Verenigde Staten, maar ook dat Godzilla alle
veroordelingen en boodschappen van het
origineel wegveegt. Amerika treft geen blaam,
Japan is onzichtbaar en het monster is in feite
een Amerikaanse patriot. Erg pijnlijk voor een
remake waarvan het origineel ons ook vandaag
de dag nog veel kan vertellen.

die vertelt over een eeuwenoud monster dat
wordt wakker geschud door nucleaire proeven,
draait namelijk om Japan na de atoombommen
van augustus 1945. Gojira vormt bovenal een
naoorlogse tragedie; naast de bommen wordt
ook gerefereerd naar andere gebeurtenissen.
Een van de interessantste shots vormt de
openingsscène van de film, waarin we zien
hoe een kleine vissersboot vernietigd wordt.
Met deze scène wordt onmiskenbaar verwezen
naar de 第五福龍丸: daigo fukuryuu maru,
ofwel de Lucky Dragon 5, een schip dat in 1954
te dicht bij een testgebied voor de grootste
waterstofbom van dat moment kwam. Door
de test ervaarde de bemanning de resultaten
van blootstelling aan de grote hoeveelheid
straling. De Verenigde Staten hadden echter
geen waarschuwingen afgegeven voor deze
proef.

Het wordt als algemene kennis veronderstelt
dat Gojira draait over een gigantisch monster
dat Tokio poogt te verwoesten. Het werk uit
1954 bevat echter veel diepere lagen dan deze
in eerste instantie doet vermoeden. De film,

Ook kan Godzilla’s uiteindelijke dood
geïnterpreteerd worden op een veelzeggende
manier. Dit zou namelijk het lijden kunnen
aanduiden van de hibakusha, een term
voor de overlevende slachtoffers van de

22

太狸記・七月号

atoombommen op Hiroshima en Nagasaki die
na de inslag van de bom nog steeds slachtoffer
bleven door onder andere nucleaire straling.
Het beest werd namelijk wakker geschud
door atoomwapens en daarmee is het in feite
al gelijk een hibakusha. Godzilla wordt van
alle kanten aangevallen, wat in principe de
discriminatie van deze slachtoffers zou kunnen
aanduiden. Wanneer Godzilla dan uiteindelijk
wordt gedood, sterft hij door de gevolgen van
de atoombom, die hem immers in de eerste
plaats al wakker schudde. Hetzelfde gold voor
de slachtoffers van de bom, die onder andere
door stralingsziekte later vaak alsnog kwamen
te overlijden.
In Gojira wordt echter niet alleen naar de
atoombommen en -proeven verwezen, want
de film bevat letterlijk een waarschuwing voor
dergelijke activiteiten. Godzilla is uiteindelijk
verslagen door de sterkste bom van dat
moment in te zetten, tot grote spijt van de
uitvinder hiervan. Nadat Godzilla het heeft
moeten afleggen tegen het destructieve wapen,
wordt de film niet voor niets met de eenduidige,
melancholische
boodschap
afgesloten:
“I can’t believe Godzilla is the only survivor of its
species. If we continue testing H-bombs, another
Godzilla will one day appear again, somewhere

in the world”. De mens heeft verschrikkelijke
vernietigingswapens gemaakt en de natuur, in
de vorm van Godzilla, zou wraak nemen. Het
dier Godzilla werd namelijk enkel ontwaakt
door destructieve wapens en is daarmee in
feite onschuldig, maar de bedreiging moet wel
worden opgelost. Het monster kan daardoor
gezien worden als een metafoor voor de mens
die zichzelf verwoest; vernietiging brengt
slechts meer vernietiging voort. Immers: de
problemen die de ene atoombom voortbrengt,
moeten worden opgelost met een volgende.
Regisseur Ishiro Honda vertelde destijds dat
hij had gehoopt dat er met Gojira een einde aan
de nucleaire proeven gebracht kon worden.
Hoewel de monsterfilm die niet heeft bereikt,
heeft het beslist een sterke impact gehad
door de gruwelen van 1945 te laten zien en
een waarschuwing te bieden ten aanzien van
nucleaire activiteiten. Dat de remake van 2014
niet respectvol met deze boodschap omgaat is
helaas niet verwonderlijk, maar daarom niet
minder jammer.

太狸記・七月号

23

Jullie man in de Faculteitsraad

De stemmen zijn geteld en het resultaat is
binnen: ik zit erbij! Nee, niet het Europees
parlement...dat moet nog maar even wachten.
Ik heb het hier over de faculteitsraad van de
faculteit van Geesteswetenschappen. De
faculteitsraad is het medezeggenschapsorgaan
binnen de faculteit en heeft daarmee
instemmings- en adviesrecht over verschillende
zaken die betrekking hebben op de faculteit. In
plaats van uitleggen hoe dit theoretisch werkt,
is het interessanter om een blik te bieden op
hoe het er in de praktijk aan toe gaat binnen de
faculteitsraad.
Ik heb als Praeses van LVSJK Tanuki ons zo goed
mogelijk geprobeerd te vertegenwoordigen.
Hierdoor ben ik op veel SLOF- en SOGvergaderingen geweest (denk je bij deze
woorden aan iets anders dan aan vergaderingen
met bijna alle studieverenigingen van de
Faculteit, dan kan ik je zeggen dat dit na een
jaar van het bezoeken van deze vergaderingen
niet veel anders is). Op deze vergaderingen
konden de studieverenigingen zich laten horen
richting afgevaardigden van de faculteitsraad
en het faculteitsbestuur. Soms ging dit over de
te dure broodjes in de kantine of dat de koffie
te niet de drinken en te duur was. Er werden
echter ook grote vraagstukken behandeld,
zoals hoe wij de drukte in de studieruimte
in de Universiteitsbibliotheek kunnen doen
afnemen, wat te doen is met de ruimte in het
Vrieshof wanneer de koffiekamer eruit gaat of
wat de faculteit van plan is met de ruimte die de
Faculteit Archeologie achterlaat. Uiteindelijk
zit je er toch voor je studievereniging en

24

probeer je zoveel mogelijk gedaan te krijgen
voor je eigen achterban.
Het SLOF en SOG is er ook om duidelijkheid
te creëren voor de studieverenigingen
over de faculteitsbestuur plannen en het
beleid. Het faculteitsbestuur klonk in mijn
ogen groots en onaantastbaar, net zoals
het Tanukibestuur voordat ik er deel van
uitmaakte. Toen ik hoorde dat je als publiek
aanwezig mocht zijn bij de vergaderingen van
de faculteitsraad met het faculteitsbestuur,
ging ik hier ook gelijk naartoe. Hier zijn mijn
ideeën over de grootsheid van het bestuur
wel iets aangetast toen de drie maanden in
Fukuoka voor de tweedejaars als vergaderpunt
aan werd gesneden. In mijn optiek vonden
ze de Aziatische studies maar een beetje het
rare eendje van de Faculteit., Toen ik hoorde
dat Fukuoka verblijf eigenlijk al voor mijn
studiejaar was bedoeld, was ik zeer bedroefd
dat ik niets mocht zeggen of schreeuwen
als publiek zijnde. Graag zou ik komend
jaar een goed beeld willen geven aan het
faculteitsbestuur van de Aziatische studies
aan onze faculteit en hier ook voor op willen
komen. Ik mag dan komend jaar ook nog
eens meebeslissen over de begroting van de
faculteit, meehelpen met het algehele beleid
van de faculteit en opkomen voor de belangen
van de student aan deze faculteit. Kortom een
zeer spannend jaar voor de boeg! Maar eerst
nog maar even het strandfeest, het Commisieuitje, de Tanuki Japanreis, de El Cid en het
Tanuki kamp overleven.....
Albert Tiemersma

太狸記・七月号

De Perikelen van de gaijin

Daar sta je dan op het vliegveld van Fukuoka,
het moment waar je die anderhalf jaar naartoe
hebt gewerkt (naast dat je studeert om jezelf
intellectueel te verreiken met allerlei soorten
kennis en vaardigheden met betrekking tot
de Japanse taal en cultuur.). Het is eindelijk
zover: de drie maanden Japan gaan beginnen!
We worden opgewacht door twee mensen van
de taalschool die keurig in pak met een bordje
in de hand staan te wachten. Voorzichtig
probeert één van de twee ons te benaderen
en gesprekken te starten in de categorie
van “lekker weertje hè” en “hoe was jullie
vlucht”, maar het gespannen sfeertje blijft
licht aanwezig. Waar ik dacht dat dit een
leerzame tijd voor mij zou worden om Japans
en Japanners te leren, is degene die ik eigenlijk
het meest leer kennen mezelf; wat ben ik toch
ook een Nederlander.

beetje te wennen aan het leven in dit verre land.
Of niet? Want al gauw worden we allen bijeen
geroepen voor een spoedberaad omdat we te
luidruchtig zijn, onze afwas laten slingeren en
te laat gaan slapen. Na deze nederlaag nemen
we ons voor het leven te beteren. We komen
op tijd naar elke les, gaan op fatsoenlijke tijden
slapen en we vervangen de alcohol voortaan
met een blikje C.C. Lemon. Dit lukte niet
helemaal.
Inmiddels gaan de geruchten al rond in Ijiri
dat er een groep buitenlanders is aangekomen.
En het duurt dan ook niet lang voordat hier
de lokale televisie bij komt kijken. Hoewel

Vooral in het begin worden we hard met elkaar
geconfronteerd. We komen de eerste dag al
meteen te laat, er worden lopend boterhammen
gegeten en een zeker persoon (die toevallig dit
stuk schrijft) vraagt zich wonderbaarlijk af
waarom al die edamame niet wordt opgegeten.
Hij wordt vervolgens nog net gered om niet
een lege peul op te eten.
Dan verstrijken de dagen en we beginnen al een

太狸記・七月号

25

iedereen hier min of meer slachtoffer van
wordt (alhoewel het goed te ontwijken is als je
het graag genoeg wilt) zijn drie mensen in het
bijzonder het doelwit van de camera. Ik noem
ze voor het gemak maar Asor, Rik en Steffen.
Ook al geniet de één meer van de roem dan de
ander, kunnen we toch tot een gezamenlijke
conclusie komen na de uitzending op de
lokale zender Asa Desu: we zijn beroemd!
En het duurde dan ook niet lang voordat de
eerste groupies zich om ons heen begonnen te
verzamelen.
Toch wordt het leven hier steeds gewoner
naarmate de tijd verstrijkt. We gaan naar school,
krijgen telkens weer hetzelfde soort huiswerk
en er is ondertussen een aantal winkels waar ik
bijna dagelijks even een maaltijd kom nuttigen.
De overlast wordt inmiddels al niet meer door
ons veroorzaakt, maar is overgenomen door de

26

lokale zwerfkatten die ’s nachts nog wel eens
de Slag bij Nagashino nabootsen.
Maar dan zitten we daar bij de (gebruikelijke)
izakaya en de heimwee begint bij iedereen een
beetje op te borrelen, want ineens galmt ‘Het
is een Nacht’ van Guus Meeuwis door het
hele gebouw. En hoezeer die Japanse dames
achter ons hun best doen om er een sing off
van te maken, er is niet veel in te brengen tegen
dit stukje vaderlandse liefde. Hoe geweldig
deze ervaring ook is op allerlei manieren,
uiteindelijk zijn we toch van binnen die
Nederlanders die gewoon even met hun vieze
schoenen door het huis willen lopen. Steffen
de Jong
P.S.: de hele uitzending omtrent Nederlanders
in Fukuoka is te vinden op YouTube door te
zoeken op ‘Universiteit Leiden in Fukuoka’.

太狸記・七月号

福岡暮らし、飲んで死ぬかも

。。。

福岡に着いたばかりのころは大変だった。道を知らず学校を見つけるこ
とや、スーパーで買い物をすることなど。福岡での生活は最初は大変だ
ったが、だんだんこの生活に慣れてきたら、「福岡は本当に住みやすい
な~」と思うようになった。大きさという面から言えば、福岡は日本で
四番目の都市だ。港もあるし、空港もあるので、外国からの観光客は最
近増えてきたそうで、確かに国際的な感じがする。実は私たちも観光客
のようなものだ。大学生であると同時に観光客のように福岡と福岡の周
りを観光しているので、私たちも「うわ、観光客だ」と言われたら、否
定することはできないよね。
しかし、私たちは観光客のように福岡を回っても、この3ヶ月間の間に
福岡についてすごく詳しくなった。一番心地いい場所や一番安い居酒
屋、一番おいしい焼肉屋なども分かるようになった。皆は知らず知らず
のうちにもう居酒屋マスターになった。毎週末出かけて、天神や博多に
行って、居酒屋で食べたり飲んだりするのはもう当たり前のことだ。毎
週居酒屋に行くのはいけないことだと思うが、安くて、面白くて、つい
出かけてしまう。もはや習慣と言っても言いすぎではないと思う。
それにしても、私たちライデン大学の皆にとって一番大切なのはやはり
勉強して、日本語能力をアップすることだ。先生の言う通りに勉強や宿
題をして日本語を上手く使えるようになるのは本当に大切なことだと思
う。会話の練習はあんまりしないが、漢字や文法の練習は毎日のこと
だ。毎週作文一枚を書いて、毎日宿題2~3枚をしないといけない。努
力しなければならないが、日本語能力をアップするためなら、私たちは
頑張る。アノーマ・ヴァン・デル・ヴェール (Anoma van der Veere)
太狸記・七月号

27

Ask Anky

Ask Anky is een adviescolumn speciaal voor de problemen van
Japanologen en Koreanisten. Heb je een probleem waarover je niet kunt
of durft te schrijven naar een algemeen adviescolumn, schrijf dan naar
journal@tanuki.nl met als onderwerp “Ask Anky”, of leg je brief in het
postvakje van Tanuki. Hier zal door een deskundige antwoord worden
gegeven op al je vragen. Schaam je niet en mail vandaag nog.
Lieve Anky,

Lieve Anky,

Sinds Godzilla nieuw leven is ingeblazen
in de vorm van een nieuwe film, kan ik
niet meer slapen. Niet dat ik bang ben
geworden dat Godzilla zelf is herrezen,
maar door de onzekerheid over welke
film als volgende naar de filistijnen
geholpen zal worden. Hoe kan ik mijn
angsten temmen, of anders dit proces van
artistieke verkrachting doen ophouden?

Ik ga over vier weken naar Japan en ik ben
van plan om daar mijn gaijin-status ten
volste te benutten om hiermee zo veel
mogelijk aandacht te krijgen. Ik ben
namelijk een beetje aandachtsgeil en
hier in Nederland vinden ze alles maar
normaal, dus niemand kijkt naar mij.

Alvast bedankt,

Kan jij me leren hoe ik zo buitenlands
mogelijk kan doen zodat ik genoeg
aandacht krijg?

gojiralives

Kusjes,

Beste gojiralives,

xxGordonxx

Wat je niet blijkt te begrijpen is dat de
nieuwe film over Godzilla geen reboot
is van de oude versie maar dient als een
waarschuwing voor de toekomst. Godzilla
leeft en hij komt richting Tokio.

Lieve Gordon,

Net als elke goede propagandacampagne
zijn de Godzilla films enkel herhalingen van
dezelfde voorspelling: de wereld zal vergaan.
En hoe? Natuurlijk door een opgeblazen
Duitse voetbalfan die door nucleaire radiatie
getransformeerd is in een gigantische reptiel
die Engelse les wilt geven in Tokio.

Liefs, Anky.
28

Enkele tips:
1. Eet niet met stokjes als je in Japan bent, neem
vanuit huis altijd je eigen vork en lepel mee en
vraag aan Japanners waarom ze met primitief
eetgerei eten.
2. Als je in de metro staat moet je altijd met een
zo luid mogelijke stem telefoneren en met je
vrienden praten, Japanse meisjes raken hier zeer
opgewonden van.
3. Probeer niet al te lelijk te zijn. Ja, dat is een
keuze.

Heel veel bedanky,
Anky

太狸記・七月号

Groetjes uit Fukuoka!

Drie maanden lang hebben de Leidse studenten
in Fukuoka les mogen krijgen van Japanse
docenten. De hoofddocent 甲斐先生: Kai-sensei,
hier afgebeeld, was daar een van.

Het uitzicht op de stad Nagasaki vanaf
稲佐山:inasayama. Het uitzicht vanaf deze
berg staat op de derde plek op de wereldranglijst
van beste nachtuitzichten.

Fukuoka is de thuisbasis van een van de grootste
en tevens bekendste honkbalteams van Japan, de
ソフトバンクホークス:Softbank Hawks.
Het teammotto: 俺がやる!

In Fukuoka werden de Leidse studenten
opgesplitst in twee groepen; de ochtend- en middaggroep. Op de foto zie je drie ochtendstudenten en hun docent, 宮原先生:Miyahara-sensei.

太狸記・七月号

29

‘s avonds een man...

...‘s ochtends een man
Een Tanuki-activiteit is géén geldige reden om een college
te skippen of te laat te komen!
Wees verstandig! Wees een man!

30

太狸記・七月号

...of een vrouw.