2013-2014 | 3

Object

Titel
2013-2014 | 3
Collegejaar uitgave
2013 – 2014
Nummer
3
extracted text
太狸記

LVSJK Tanuki / 三十一周年 / 十二月

太狸記・十二月号

1

社説

Colofon
JOURNALCOMMISSIE
Voorzitter:
Anoma van der Veere
Secretaris:
Arthur Hinsch
Eindredactie:
Wester Wagenaar
Leden:
Myrthe Prins
Sabine Jacobs
Simone Felix
Stephan Jonkers
Vincent Meijer
REDACTIELEDEN
Hoofdredacteur:
Anoma van der Veere
Vormgeving:
Anoma van der Veere
Eindredactie:
Wester Wagenaar
BESTUUR VAN TANUKI
Praeses:
Albert Tiemersma
Ab-actis:
Thomas Zijtveld
Quaestor &
Vice-Praeses:
Arco Oliemans
Assessor
Communicatie:
Anoma van der Veere
Assessor
Eerstejaars:
Fred Dillmann
Assessor
Koreanistiek:
Flora de Greef
COMMISSIEVOORZITTERS
Eerstejaarscommissie:
Fred Dillmann
Feestcommissie:
Robert Beers
Jaarboekcommissie: Anoma van der Veere
Journalcommissie: Anoma van der Veere
Kampcommissie:
Thomas Zijtveld
Koreacommissie:
Flora de Greef
Kunst- en
cultuurcommissie: Steffen de Jong
Reiscommissie:
Colin Casey
RAAD VAN TOEZICHT
Robert Beers
Martijn Heule
Guan van Zoggel

2

Editorial van de hoofdredacteur
Je vraagt of ik zin heb in een slaaptablet
Het is twee uur ‘s nachts, een verlichte iPad
Aan een bureau in een stad
Waar niemand ons hoort
Waar niemand ons kent
En niemand ons stoort
Op de vloer ligt een lege fles wijn
En Red Bulls die van jou of mij kunnen zijn
Een schemering, mijn ogen ontkracht
En deze nacht heeft alles
Wat ik van tentamenweek verwacht
Het is een nacht
Die je normaal alleen in Leiden ziet
Het is een nacht
Die wordt bezongen in elk studentenlied
Het is een nacht waarvan ik dacht dat ik ‘m
Uitstellen zou
Maar vannacht moet ik wel
Met jou, oh.
Heb je zelf nog ideeën voor artikelen, mail dan
naar journal@tanuki.nl. Heb je geen ideeën?
Dat kan, iedereen is op zijn of haar eigen
manier speciaal. - Anoma van der Veere

太狸記・十二月号

目次
Op de voorkant

Inhoud

Een
traditionele Shinto bruiloft
wordt voltrokken in een tempel
in Kamakura, Japan. De vrouw is
gekleed in een
'打掛:uchikake' en
de man draagt een '紋付:montsuki'
met '帯:obi' en een '袴:hakama.'
Wil je jouw fotografisch talent ook delen
met iedereen? Stuur ideeën voor een cover
naar journal@tanuki.nl en wellicht siert
jouw werk de volgende TaTanukiKi!

TANUKI SHINBUN
Tanuki Feest: Happily Never After

4

Filmavond: ‘Pom Poko’

6

The World of Manga

7

Filmavond: ‘Noroi’

8

Kimchi Etentje

9

JAPAN & KOREA
In Memoriam: F.B. Verwaijen

10

Land van de rijzende stalkers

11

Don’t stop the dance

13

Racisme is niet Japans

15

Interview: Prof. dr. Remco Breuker

18

Anti-yakuza wetten en Mizuho

21

Het behoud van de jungle-economie

24

Ondergewaardeerd: stemacteren

26

Het Minamataverdrag

29

De veertiende & liefde

31

MEDIA
Failan

33

Tales of Xillia

34

Camera Japan 2013

35

COLUMNS
Van platteland naar podium

36

Lichting 2013-2014. Aangenaam!

38

Leidse sushi op de proef gesteld

39

Anky

42

“Als de hand er eenmaal in
zit kan je er weinig meer aan
doen.”
Myrthe Prins
太狸記・十二月号

3

Tanuki Feest: Happily Never After

Een massa macaber verklede feestgangers
die dansen op griezelig goede muziek: het is
Halloween en dus weer tijd voor een feestje!
Het tweede feest van Tanuki dit jaar vindt
wederom plaats in de Kroon. Aangezien zij
de avond ervoor al een eigen Halloweenfeest vierden, was de bar zo vriendelijk de
versieringen voor ons te laten hangen. De
feestcommissie had het niet beter kunnen
doen: in de ruimte prijken pompoenen,
spinnenwebben en een heus kerkhofje onder
de trap, waar wat losse handen en voeten uit de
grond steken.
Natuurlijk heeft de feestco zelf ook niet stil
gezeten. De eerste vijftig gasten mogen kiezen
uit twee welkomstdrankjes. Het ene is een
gifgroene drank, die volgens verschillende
bronnen smaakt naar afwasmiddel, het andere
is een bloederig goedje dat – nogmaals volgens
verschillende, betrouwbare bronnen – niet
te zuipen is. Het afwasmiddel is binnen notime verorberd en een paar glazen van de rode
vloeistof blijven een aantal uur onaangetast op

4

太狸記・十二月号

de tafel bij de ingang staan.
Altijd is het weer een genot om te zien
hoe fanatiek onze leden met de dresscode
omgaan. Happily Never After is het thema,
dus het publiek varieert van de schattigste
prinsesjes tot de meest huiveringwekkende
stiefmoeders. Sneeuwwitjes en roodkapjes,
wolven en varkentjes, vampiers en piraten,
niets ontbreekt op dit feest. Een aantal figuren
zijn ook wat moeilijker binnen het thema te
plaatsen – zoals die gozer met de blauwe afro
of de Zwarte Piet – maar hey, iedereen heeft
zijn best gedaan en ziet er tof uit.
Natuurlijk is een Tanuki-feest niet compleet
voordat er iemand een prijs heeft gewonnen
en dit feest staan de gasten weer voor een
unieke test: de scream off. Dat gedans hebben
we inmiddels wel gezien; voor Halloween
willen we de engste schreeuwen horen van
onze deelnemers. De best verklede mensen

worden naar voren geroepen om hun gebrul te
laten horen: Ilse als horror-sneeuwwitje, Gydo
als Ice King van Adventure Time, Jacqueline
als zombieroodkapje en oude bekende Amiet
als het konijn van Alice in Wonderland. Eén
voor één proberen ze de jury, de rest van de
feestgangers, ervan te overtuigen dat hun
gekrijs het engste is. Hoewel Gydo en Amiet
beide een overweldigend applaus krijgen, is
het toch Amiet die (met één decibel meer) de
meter bier in ontvangst mag nemen.
De rest van de avond wordt er onophoudelijk
gedanst en gedronken. Naast de vele
Tanukianen die hun beste moves laten zien, is
er ook een tevredenstellend aantal SVS’ers dat
de dansvloer bezet. Het is ongeveer half vijf
wanneer de feestcommissie de laatste griezels
met geweld de Kroon uit moet trappen om
zelf ook weer thuis in bed te kruipen en naar
dromenland (of nachtmerrieland?) te kunnen
gaan. Myrthe Prins

太狸記・十二月号

5

Tanuki Filmavond: ‘Pom Poko’

Het begon in het verkeerde lokaal, de eerste
Tanuki filmavond van het jaar. Na twintig
minuten in dit lokaal te zitten werd ons
verteld door een groep avondstudenten dat
we moesten vertrekken, het was namelijk tijd
voor hun college. Na het controleren van het
lokaalnummer bleek inderdaad dat we met
bijna vijftig mensen een fout hadden gemaakt.
Verhuizen naar het juiste lokaal was een
aardige onderneming, maar het lukte.
De film kon beginnen. Voor de lezers die
Pom Poko nog niet hebben gezien: het is een
aanrader. De film gaat over een groep tanuki,
ofwel wasbeerhonden, die langzaamaan
verdreven worden uit hun natuurlijke habitat.
Dit levert logischerwijs frictie op tussen
de tanuki en de mensen. In een poging hun
leefomgeving te beschermen, halen ze truukjes
uit op de mensen die zich in de omgeving
begeven, van bouwvakkers tot zakenlui.

6

Deze tanuki zijn echter geen gewone
wasberen. Gebaseerd op oude Japanse folklore
zijn deze ondeugende wezens in staat om te
transformeren in allerlei vormen, van theepot
tot mens. De stapsgewijs escalerende capriolen
van deze groep wasbeerhonden leverde een
goed aantal lachmomentjes op. Een mooie
scène in de film was dan ook die van een wijze
oude Tanuki die zijn transformeerkunsten laat
zien door het tapijt waar iedereen zich op heeft
begeven terug te veranderen in zijn testikels.
Alhoewel de film een humoristische insteek
had, was het ook duidelijk dat de boodschap
van de film minder grappig was. De ontbossing
en de bouwprojecten van de moderne Japanse
samenleving beïnvloedt de leefomgeving
van veel dieren en planten. De film bevat dan
ook een redelijke portie propaganda tegen de
voorgenoemde trends waar Japan en andere
landen mee worstelen. Anoma van der Veere

太狸記・十二月号

The World of Manga

Het was donderdag 17 oktober, half twee
‘s middags. Vol goede moed stapten de
negen mensen die het aandurfden om deel
te nemen aan het eerste evenement van
de eerstejaarscommissie op de trein naar
Rotterdam. Ondanks het feit dat deze trein
uitpuilde van de mensen die dezelfde kant
op wilden, bleef de sfeer goed. Ons doel: de
tentoonstelling ‘The World of Manga’ in het
Wereldmuseum.
Kennelijk was onze opgewektheid aanstekelijk,
want nog voordat we onze tour door het
museum begonnen, hielp een medewerkster
ons met het maken van een fotoshoot, met een
brede lach op haar gezicht. Eén van ons moest
hierna echter weer weg, dus bleven we met
zijn achten over. Na een dramatisch afscheid
betraden we de expositie.
Kleurige platen en wonderlijke kunstwerken
begroetten ons. We begaven ons in een wereld
van pracht en praal, een wereld van sierlijk en
indrukwekkend. De elektronische tour guide
wees ons de weg door verleden en heden. We
startten bij een ruimte waar adembenemende
tekeningen die het leven aan het Keizerlijk hof
beschreven aan de muren hingen.
Toen we doorliepen kwamen we aan in een

ruimte die gewijd was aan de kunst van goden
en demonen. Geluidseffecten en beelden
maakten dit een erg indrukwekkende ervaring.
Aan het eind van dit onderdeel belandden we
in de wereld van mecha. Dit houdt in: robots
en machines. Strakke kunst die niet alleen
populair bleek onder de jeugd en veel ogen
trok. In tegenstelling tot deze harde tekenstijl
was de zaal ernaast gericht op de fijnere
kunst. Veel mooie, oude taferelen kwamen je
tegemoet.
Een verdieping hoger toonde meer moderne
stijlen. Vooral de hoeveelheid detail in elke
tekening was prachtig. Ten slotte kwamen we
aan in een zaal die gewijd was aan bekende
anime. Vooral ‘’Ookami no kodomo Ame to
Yuki’’ kwam volop aan bod.
Niemand heeft ook maar iets overgeslagen en
met open monden zijn we langzaam overal
langsgelopen. De expositie was goed ingedeeld
en was erg boeiend, ondanks het feit dat het te
kort was. Toen we er eenmaal doorheen waren,
smachtte iedereen van ons naar meer. We zijn
dan ook tot sluitingstijd in de museumwinkel
blijven hangen. Hier konden we ons uitleven
met tekenen op een elektronisch bord,
kalligraferen op een speciaal inktbord en door
de rijen souvenirs lopen. Dorien Heerink

太狸記・十二月号

7

Tanuki Filmavond: ‘Noroi’

De tweede filmavond van Tanuki werd
gehouden op 30 oktober en het lag dus voor
de hand dat de kunst- en cultuurcommisie
de leden dit keer een horrorfilm zou
voorschotelen. Een stuk of dertig man is
komen opdagen, de chips (Pom-bär!), spekjes
en drankjes staan klaar en de Halloween-sfeer
hangt in de lucht. Voordat het gegriezel begint,
wordt er eerst nog even een liedje gezongen
voor Christiaan Raaijmakers die, ondanks dat
het zijn verjaardag is, niets beters te doen had
dan de filmavond bezoeken.
Dan begint ‘ノロイ: noroi’ (The Curse): een
Japanse film uit 2005 van regisseur Shiraishi
Kouji. De film is gemaakt in documentairestijl
: Kobayashi Masafumi, de ‘documentairemaker’, doet verslag van een aantal
paranormale gebeurtenissen die uiteindelijk
allemaal met elkaar te maken blijken te hebben.
Hoewel dit klinkt als de juiste ingrediënten
voor een horrorfilm die nekharen overeind
doet staan, wordt er tijdens de film meer
gelachen dan gegild.

voorspelbare plottwists, een bezetene die een
duif grijpt, een zwakzinnige paranormaal
begaafde man met een stuiptrekkend handje
en als klap op de vuurpijl de terugkerende
schaapachtige
blik
die
hoofdpersoon
Masafumi regelmatig in de camera werpt – en
die onmiddelijk een eigen leven begint te leiden
op WhatsApp.
Ook al was het waarschijnlijk niet de bedoeling
van Shiraishi om mensen zo aan het lachen te
maken en hadden sommige leden misschien
op iets meer spanning gehoopt, was het al
met al weer een goedbezochte en vermakelijke
filmavond. Dat is immers het belangrijkste,
toch? Wie weet wordt er een volgende keer
dan eens een komedie gedraaid die de mensen
stuipen op het lijf jaagt. Myrthe Prins

De film had waarschijnlijk eng kunnen zijn
voor wie hem in zijn eentje zou bekijken, maar
temidden van een melig publiek, wordt alles
ineens een lachertje.Talloze geestigheden
passeren de revue. De verschikkelijk

8

太狸記・十二月号

Tanuki Etentje: Kimchi

Ik moet jullie even iets bekennen: voor 26
november was ik maagd op het gebied van
Koreaans eten. Ik wist alleen van kimchi en
ramyun, en had zelfs dat nog nooit geproefd.
Daar zat ik dan tussen mensen die allemaal
minstens een keer eerder Koreaans hadden
gegeten , waaronder Sumire die vertelde dat ze
nota bene het Koreaanse eten van thuis miste!
Uiteraard vroeg ik haar of ze mij gerechten aan
kon raden.
Ik wist dus echt niet wat ik moest verwachten
toen we aanschoven in het piepkleine Kimchi
House in Den Haag. Het eten bleek gelukkig
een aangename verrassing, om het maar even
zacht uit te drukken en om niet over te komen
als een achtjarige die net een pony voor zijn
verjaardag heeft gekregen.
Eerst werden er kleine voorgerechtjes op
tafel gezet: daikonradijs en spinazie. Na wat
geklungel met de eetstokjes lukte het me om
met aanzienlijk gemak de groenten uit de
bakjes te vissen. Ik liet hier en daar wel dingen
op tafel vallen, dit tot groot vermaak van
Albert overigens, maar over het algemeen ging
het prima.

Wat ik zoal gegeten heb naast de groenten?
Octopus, vlees en bibimbap. Ondertussen
werd er flink gekletst (lees: men kon het niet
laten Albert constant op zijn allergie te wijzen)
en werden er foto’s genomen.
De bediening was erg vriendelijk en gastvrij
en ik heb ook even met een van hen gepraat.
Toen ik hem vroeg een foto van de hele tafel te
maken en aanbood om de camera aan te zetten ,
antwoordde hij: ‘ik ben een Aziaat, ik weet hoe
die dingen werken’. Hier konden wij allemaal
om lachen en dat is ook de reden waarom ik
niet zo flatteus op de foto in kwestie sta.
Naast mijn eerste keer Koreaanse gerechten
te hebben geproefd, was dit voor mij de eerste
keer dat ik deelnam aan een all-you-can-eat
diner. Het klinkt misschien niet zo elegant,
maar ik heb me wel degelijk volgepropt met
de conclusie dat mijn ogen duidelijk groter
zijn dan mijn maag. Gelukkig zorgde dat na
het diner niet voor onsmakelijke taferelen
in de trein naar huis. Al met al had ik dus
een geweldige avond waarin ik heerlijk heb
gegeten en veel nieuwe mensen heb ontmoet.
Tara Sreeram

太狸記・十二月号

9

In Memoriam:
Mr. dr. Frans B. Verwaijen
Onlangs overleed Mr. dr. Frans B. Verwaijen, van 1984 tot 2005 werkzaam als universitair docent
bij de opleiding Talen en Culturen van Japan en Korea.
Na een studie rechten begon Frans in 1979 met de studie Japans. Het was de tijd dat het aantal
studenten langzaam begon te groeien, van een handvol eerstejaars midden jaren ‘70 naar 120
eerstejaars in 1985. Om elkaar wat beter te leren kennen buiten de collegebanken, om gezamenlijk
te overleggen wanneer er vragen of klachten waren over bepaalde colleges of gewoon voor een leuk
feest, was het tijd voor een studievereniging. Samen met drie anderen richtte hij in 1982 Tanuki op
en werd hij de eerste secretaris (tegenwoordig abactis).
Niet lang daarna, nog voor zijn afstuderen als Japanoloog, kreeg hij een aanstelling bij de vakgroep,
zoals dat toen heette, en begon hij met zijn colleges Japans recht. Het was een populair vak bij de
studenten en hoewel hij later promoveerde op een rechtshistorisch onderwerp (Early reception of
western legal thought in Japan, 1841-1868. Leiden 1996) kwam ook het moderne Japanse recht
aan bod in zijn colleges.
Ook als docent en “oude” heer kwam hij nog regelmatig op de feesten van Tanuki en dat de
vereniging ook na ruim dertig jaar nog in volle bloei was, vervulde hem met gepaste trots.
Paul Wijsman (1e voorzitter van de LVSJK Tanuki).

10

太狸記・十二月号

Land van de rijzende stalkers
Niet iedereen is zich ervan bewust, maar
‘stalking’ is een relatief nieuw begrip. Door
de moord op de Amerikaanse actrice Rebecca
Schaeffer in 1989 kwam het woord ‘starstalking’ in beeld. Toen men later ontdekte dat
ook ‘gewone’ mensen wel eens door stalkers
belaagd werden, werd de nu gangbare term voor
het eerst het leven in geroepen. In Nederland
werd stalken dan ook pas in 1998 als misdrijf
in het Strafwetboek ingevoerd. In 2001 werd
zowel in Japan als in Nederland de eerste
specifieke anti-stalkingswetgeving ingevoerd.
Twintig jaar geleden was het fenomeen dus
nog zo onbekend en ongebruikelijk, dat het
wettelijk gezien geen strafbaar feit was.
Een tragische gebeurtenis in oktober heeft
in Japan een heftige discussie doen oplaaien
omtrent stalking. De 18-jarige studente en
beginnend actrice Suzuki Saaya werd op
brute wijze vermoord, nadat zij lange tijd door
de dader (haar ex-vriend) was gestalkt. De
dagen voor de moord ontving het slachtoffer
meerdere malen doodsbedreigingen via de
telefoon en viel haar ex haar lastig door haar
thuis op te wachten.
Er wordt vooral kritiek geuit op de manier
waarop de politie met de zaak is omgegaan,
aangezien Suzuki al verschillende keren bij
hen had aangeklopt om hulp. Hoewel de politie

Suzuki Saaya en haar ex-vriend

nog bezig is met het officiele onderzoek naar
de adequaatheid van haar optreden, zijn er al
een aantal twijfelachtige feiten over deze zaak
en Japanse stalkingswetgeving in het algemeen
aan het licht gekomen.
Nog geen week voor de moord op Suzuki
was in Japan een strengere anti-stalkingswet
ingevoerd. Deze wetswijziging was ingevoerd
naar aanleiding van soortgelijke incidenten
en had dus juist als doel om deze voortaan te
voorkomen. Desondanks blijken er nogal wat
haken en ogen aan de wetgeving te zitten. Zo is
de Japanse politie vooralsnog niet gemachtigd
om in te grijpen bij een stalkingszaak, voordat
zij de dader eerst een orale en vervolgens een
schriftelijke waarschuwing hebben gegeven.
In deze specifieke zaak lijkt het er bovendien
op dat de eerste melding van de geteisterde
studente niet helemaal serieus werd genomen
door de dienstdoenende agent. Pas toen zij
meerdere malen langs het bureau was geweest,
begon de politie langamerhand actie te
ondernemen. Die actie bestond uit berichtjes
sturen en tevergeefs bellen naar het mobiele
nummer van de stalker – wat uiteindelijk het
verkeerde nummer bleek te zijn – en bellen
met Suzuki om haar veiligheid te bevestigen.
Dit gebeurde ook zodra zij ‘veilig’ thuis
was aangekomen, 20 minuten voordat de
moordenaar, die zich in haar kast had verstopt,
haar doodstak.
De discussie die deze zaak ontketende, heeft
verschillende processen in werking gezet.
De efficiëntie van de politie ligt onder vuur,
wat hopelijk zal leiden tot grondige evaluatie
en, waar nodig, hervormingen. Ten tweede
wordt er gekeken naar verdere herziening
en aanscherping van de wetgeving rondom
stalking, om de politie wettelijk ook meer
mogelijkheden te geven om al in een vroeg
stadium in te grijpen. De NPA (National
Police Agency) heeft inmiddels een panel
samengesteld van experts op het gebied van
stalking, waaronder professoren, advocaten,

太狸記・十二月号

11

jongeren van 14 tot 19 jaar oud.

ambtenaren en de ouders van een meisje dat in
1999 door haar stalker werd vermoord.
Met de grote aandacht die de afgelopen tijd in
de Japanse media aan stalking werd besteed,
kwamen er interessante onderzoekscijfers
boven drijven. Het aantal geregistreerde
meldingen van stalking is de afgelopen
jaren bijvoorbeeld flink toegenomen. Of
dit komt door een daadwerkelijke stijging
van incidenten of omdat stalking een meer
bespreekbaar onderwerp wordt en dus meer
mensen aangifte doen, is overigens niet
duidelijk.
Een van de meest bijzondere openbaringen is
toch wel het criminele gedrag van de Japanse
senioren. Japanse bejaarden die zich vervelen
voegden zich tot kort gewoon bij een van de
vele lokale vrijwilligersgroepen, waar zij zich
dan inspanden om parken schoon te maken,
straten veilig te houden of zwerfdieren te
verzorgen. Tegenwoordig lijken de Japanse
oudjes stalken als nieuwe hobby aan dat lijstje
te hebben toegevoegd. Het aantal stalkende
bejaarden in Japan zou de afgelopen tien jaar
namelijk explosief zijn gegroeid. Volgens
cijfers van het NPA is het aandeel van bejaarden
als daders in stalkingzaken de laatste 10 jaar
gestegen van 3 naar 9 procent.

Het toenemende criminele gedrag van
ouderen lijkt vooral te maken te hebben met
de vergrijzing in het land. Omdat het aantal
bejaarden in Japan sowieso al erg hoog ligt,
is het niet vreemd dat de ouderen ineens
statistisch gezien een groter aandeel lijken te
hebben in verschillende verschijnselen. Ook
wordt er steeds minder goed voor de senioren
gezorgd, omdat er steeds minder mensen zijn
om die zorg te betalen en uit te voeren. Dit zou
er dan weer voor kunnen zorgen dat de Japanse
opa’s en oma’s zich verwaarloosd voelen of
zich gaan vervelen en daarom maar anderen
lastigvallen als een schreeuw om aandacht.
In het gros van de berichtgeving over stelende,
stalkende bejaarden lijkt nogal snel de
conclusie te worden getrokken die het mooiste
verhaal oplevert. In de werkelijkheid lijkt
het er echter niet op dat de Japanse ouderen
plotseling massaal samenspannen of een
geheim crimineel netwerk zijn begonnen. Er
kan sprake zijn van een (kleine) stijging in
incidenten, maar de grootste veranderingen van
de afgelopen twintig jaar zijn waarschijnlijk de
rappe vergrijzing van de Japanse samenleving
en het meer in beeld komen en geaccepteerd
worden van stalking als een begrip – en een
daarop volgende toename van aangiften. Die
laatste ontwikkeling zou in ieder geval een
mooie stap zijn om in de toekomst moorden
zoals die op Schaeffer en Suzuki te kunnen
voorkomen. Myrthe Prins

Het criminele gedrag van de Japanse
60-plussers verschijnt hiermee niet voor
het eerst in het nieuws. De afgelopen
jaren verschenen wereldwijd verschillende
berichten over het grote aantal ouderen dat
in Japan aan diefstal doet. Dit aantal zou in
tien jaar verdubbeld zijn, waardoor er nu
meer 65-plussers diefstal zouden plegen dan

12

太狸記・十二月号

Don’t stop the dance

Je bent eindelijk in Japan en je wil alles beleven
wat er te beleven valt. De eerste nacht besluit
je naar een club te gaan en van het Japanse
nachtleven te proeven. Na het nuttigen van een
drankje of twee loop je naar de dansvloer om
een dansje te wagen, maar net als het gezellig
begint te worden, heb je pech en stormt de
politie de club binnen. De club wordt ontruimd
en daar sta je dan. Er leek toch niets illegaals te
gebeuren? Jawel, dansen.
Japan heeft een aantal interessante
wetten en één daarvan verbiedt dansen na
middernacht . Deze wet is onderdeel van
de wetgeving voor controle en verbetering
van amusementsbedrijven, ofwel ‘風営法:
fuueihou’ zoals Japanners het noemen. Om
precies te zijn verbiedt deze wet uit 1948
clubs met een dansvloer om na middernacht,
of uiterlijk één uur s ’nachts, open te zijn. Als
extra regel staat er ook dat een dans club een
ruimte van minimaal 66 vierkante meter moet
hebben die vrij is van obstructies en dat er eerst
een vergunning aangevraagd moet worden.
De eerste wet die danshallen aanging werd
ingevoerd in de Taisho-periode (1912 tot
1926) naar aanleiding van een zaak waarin
een jongen van adel ervandoor ging met een
normaal meisje dat hij in een dans hal had

ontmoet. De ouders van de jongen vroegen een
politiecommissaris om de zaak te onderzoeken.
Het concept van de danshal kwam uit het
Westen en werd in die tijd gezien als een plaats
waar zich seksueel getinte handelingen konden
voordoen tussen vreemden. Het is dus niet
verwonderlijk dat vooral veel conservatieve
mensen vonden dat de publieke moraal
geschonden werd in dit soort plaatsen.
De wet die tot stand kwam in die tijd ontzegde
studenten de toegang tot de dansgelegenheden,
zelfs als ze al volwassen waren. Warenhuizen
verboden hun werknemers ook ernaartoe te
gaan en het werd lastig voor jonge vrouwen
om naar danshallen te gaan. Zo bleef er weinig
over voor de mannen om mee te dansen dus
de hallen introduceerden de zogenaamde
‘taxi dancers’. De mannen kochten tickets,
die ze vervolgens in konden leveren bij de
ingehuurde danseressen. Zij dansten dan
één nummer met de klant en soms, als de
klant het na aanhoudende inspanningen voor
elkaar kreeg, ging zij met hem naar bed. De
dansgelegenheden werden op deze manier
plaatsen voor prostitutie.
Voor de oorlog werd alles wat met amusement
te maken had nog gecontroleerd door
verschillende wetten, maar na de oorlog kwam

太狸記・十二月号

13

invallen en het strenger controleren van de antidanswet was een reeks incidenten gerelateerd
aan het nachtleven, waarbij de dood van een
universitair student tijdens een ruzie in Osaka
als de laatste druppel kan worden gezien.

daar één wet voor in de plaats: fuueihou .
Hoewel de regels soepeler werden, volgden in
latere jaren nog een aantal aanpassingen aan
de wet. Een deel van deze aanpassingen zorgde
ervoor dat de wet een breder bereik kreeg,
zoals het nieuwe doel ‘om een slechte invloed
op de jeugd te voorkomen’ en de controle op ‘no
panties teasalons, fashion health and peep shows’.
Fashion health is een soort massagesalon met
services die net vóór geslachtsgemeenschap
stoppen. Een ander deel van deze aanpassingen
zorgde er juist voor dat de wet meer toeliet,
zoals de goedkeuring van bordelen zonder
fysiek bordeel, die in Japan ‘delivery health’
worden genoemd. Ook de dansclubs mochten
langer open zijn; van elf uur tot één uur.
De anti-danswet is niet bevorderlijk voor de
inkomsten van de clubs. Tot voor kort hielden
clubs zich er dan ook nauwelijks aan en zag de
politie dit over het algemeen door de vingers.
Het is ook een wet die origineel gemaakt was in
een tijd dat dergelijke plaatsen waar het dansen
plaatsvond, werden gezien als bedreigingen
voor de publieke moraal en als bronnen van
prostitutie. De afgelopen jaren lijkt de politie
echter meer invallen te doen en strenger op de
wet te controleren dan voorheen, beginnend
met invallen op grote schaal in America Mura,
een populair commercieel district in Osaka,
in 2010. De gearresteerde eigenaren lieten
klanten dansen terwijl ze hier geen vergunning
voor bleken te hebben. De reden voor deze

14

Een ander belangrijk incident wat de invallen
bij clubs door de politie verder deed toenemen,
vond plaats in 2012 in een club in Roppongi.
Een groep gemaskerde mannen drong het
VIP-gedeelte binnen en sloeg een 31-jarige
eigenaar van een restaurant dood met stalen
pijpen en honkbalknuppels. De daders zijn nog
niet opgepakt. Toen de club enkele weken later
weer opende onder een nieuwe naam, was de
politie er snel bij. De nieuwe eigenaar en zeven
personeelsleden werden gearresteerd voor het
laten dansen van hun gasten na 1 uur.
Dansclubs doen er nu van alles aan om ook
na 1 uur s ’nachts, als ze eigenlijk niet meer
open mogen zijn, door te kunnen draaien
zonder door de politie gesloten te worden.
Er worden bordjes opgehangen die dansen
verbieden, clubs krijgen vage namen als
‘amusementsruimte’ en personeel verzoekt
klanten te stoppen met dansen. Er is veel
protest tegen deze verouderde wet, vooral
onder clubeigenaren en andere mensen die aan
het nachtleven hun brood verdienen. Wegens
onbekende redenen heeft de regering echter
nog geen actie ondernomen om de wetgeving
verder aan te passen, dus vooralsnog geldt:
denk goed na als je na enen in een Japanse club
staat en overweegt de lege dansvloer eens uit te
proberen. Simone Felix

太狸記・十二月号

Racisme is niet Japans

Ja dat hoorde je goed, racisme is niet Japans.
Dat is inderdaad nogal een statement dus ik
zal het even herformuleren. Discriminatie
op basis van etnische groeperingen waarbij
een ongelijke tweedeling wordt gebruikt –
een tweedeling waarbij de ene kant wordt
aangewezen als beter dan de andere kant –
is niet onderdeel van de Japanse identiteit.
“Gebeurt dit dan niet in Japan”, hoor ik je
denken. Jazeker, dit gebeurt in Japan, en in de
rest van de wereld. Racisme is dan ook niet
Japans, maar in het slechtste geval menselijk,
en in het beste geval een wereldprobleem.
Tot mijn grote spijt moet ik bekennen, dat ik
schuld draag voor het bestaan van racisme. Het
gaat om de oorsprong van racisme. Racisme
zoals jij en ik dat kennen is namelijk een
westers begrip, een begrip dat staat voor de
overtuiging dat de mensheid in rassen verdeeld
is en dat sommige van die rassen nu eenmaal
beter zijn dan anderen. De opvatting is echter
ouder dan het racisme, want gelukkig wisten
de oudst bekende gebruikers van dit woord al
dat er iets goed mis mee was.
Het woord racisme, oorspronkelijk racialisme,
is namelijk bedacht door de tegenstanders
van racisme, zo zwak is de definitie die aan
deze term hangt dat geen racist zichzelf ooit
zo zou noemen. Deze term ‘racisme’ stamt

uit de tijd van het verlichtingsideaal en wordt
bijvoorbeeld gebruikt in de Lake Mohonk
Conferences of Friends of the Indian om een
einde te maken aan de ongelijke behandeling
van indianen in Noord-Amerika.
De mensen die zich eind negentiende eeuw
inzetten tegen het racisme beroepen zich
met name op een andere westerse ideologie,
egalitarisme. Volgens het egalitarisme van die
tijd is de natuurlijke staat van de mens een
staat van gelijkheid. Deze westerse opvatting
omvat de ideeën dat alle mensen gelijk geboren
worden, en dezelfde onvervreemdbare rechten
bezitten, en dat racisme dus een misdaad is
tegen de mensheid zelf.
Dit westers vertoog is uiteindelijk ook in Japan
terechtgekomen, allereerst in de privéscholen
van de Edo-periode, maar vervolgens ook op
veel grotere schaal tijdens de Meiji-restauratie
en daarop volgende tijdperken via intense
contacten tussen Japan en de rest van de
wereld.
Ook de voorstanders van racisme kregen
echter de kans hun ideologieën te verspreiden
in Japan, zo is bekend dat naast egalitarisme
ook sociaal darwinisme een belangrijke
rol heeft gespeeld in de nieuwe natiestaat
Japan. Sociaal darwinisme is een ideologie

太狸記・十二月号

15

gebaseerd op Darwins “survival of the fittest”,
deze ideologie claimt dat Darwins wet ook
toepasbaar is op mensen en op hun sociale
en economische interacties. Deze ideologie
is niet alleen berucht om de diensten die
zij de rassenleer heeft bewezen maar zou
ook gebruikt worden als argument voor een
imperialistisch Japan.
De Meiji regering had na het ten val brengen van
het shogunaat namelijk een groot probleem, ze
regeerde een jonge roerige staat, die van alle
kanten bedreigd werd door grote koloniale
machten. Onder invloed van onder andere
het sociaal darwinisme is dus besloten dat
de ‘zwakke kenmerken’ van Japan vervangen
moesten worden door de ‘sterke kenmerken’
van machtige imperia uit die tijd. Zo heeft het
westerse vertoog de belangrijke rol kunnen
gaan spelen in de Japanse samenleving die zij
nu nog steeds speelt en Japan dus wel degelijk
betrokken gemaakt bij ‘het probleem racisme’.
Dat is allemaal goed en wel natuurlijk, maar
wat houdt dat racisme in Japan precies in
dan? Misschien ben je zelf wel eens naar Japan
geweest en is je niks racistisch opgevallen,
of vond je de Japanse mensen vooral heel
vriendelijk, racisme is echter wel degelijk een
issue in Japan. De oorsprong van racisme als
een issue in Japan en meer algemeen als grote
issue in de wetenschap is te traceren naar de
sociale wending van de wetenschappen.
Deze sociale wending is de vrij recente
hernieuwde interesse voor de sociale
mechanismen die achter de wetenschap zitten
die we dagelijks bedrijven. Meer dan ooit
wordt er door deze wending kritisch omgegaan
met de rollen van bijvoorbeeld gender en
etniciteit in de vorming van ons wereldbeeld
en ook herleeft de interesse voor thema’s als
ongelijkheid in de samenleving.

van de praktijk waarin discriminatie wel
degelijk plaats vindt. Pas aan het eind van de
vorige eeuw komt dit beleid van vermeende
Japanse homogeniteit ook in de wereldpolitiek
onder vuur.
In 1997 publiceert Human Rights Watch, een
organisatie gelieerd aan de Verenigde Naties
een rapport waarin hevige kritiek wordt geuit
op het Japanse beleid omtrent discriminatie.
De Verenigde Naties zelf concluderen enkele
jaren later bovendien dat – hoewel de Japanse
grondwet gelijke rechten voor Japanse burgers
garandeert – het ontbreekt aan legislatieve
maatregelen die vervolging mogelijk maken
in geval van discriminatie. Wat deze kritiek
extra gevoelig maakt is dat Japan nog
altijd niet formeel heeft ingestemd met
verschillende conventies aangaande slavernij
en discriminatie.
Laten we nu wel wezen, er is veel veranderd
sinds die sociale wending, en de wereld van
deze eeuw is niet te vergelijken met die van
de eighties en nineties. Toegegeven, we horen
misschien steeds minder mensen die een
slechte ervaring als baka gaijin hadden in Japan,
en de Ainu zijn erkent als een eigen inheems
volk van Japan, daar is ook iets voor te zeggen!
Maar zoals de Verenigde Naties opmerken in
hun rapport van 2008, Japan heeft nog een
lange weg te gaan.
Het is echter niet aan mij om hier een lange
opsomming te maken van de vreselijke wetten
en gebeurtenissen van het Japan van na de

Van ongelijkheid is volgens het Japanse
regeringsbeleid echter geen sprake, zo claimen
zij dat eenieder met de Japanse nationaliteit
een Japanner is en dat alle Japanners voor de
grondwet gelijk zijn. Hoewel deze stellingname
heel nobel lijkt is het eerdere een ontkenning

16

太狸記・十二月号

tweede wereldoorlog, daarom zal ik volstaan
te zeggen dat er in Japan nog altijd etnische
minderheden gediscrimineerd worden, op
zo’n manier dat er sprake is van racisme en dus
een alles behalve bevorderlijk ‘wij-zij’-denken.

van etnische groeperingen waarbij een ongelijke
tweedeling wordt gebruikt”. Deze definitie
maakt racisme een stuk overzichtelijker, niet
alleen omdat het achterhaalde ‘ras’ vervangen
is door het gangbare begrip etniciteit maar
vooral doordat er sprake moet zijn van een
ongelijke tweedeling. Waar een tweedeling
ongelijk is, is er sprake van uitsluiting van een
categorie en dat is wat racisme zo schadelijk
maakt.

Niet-bevorderlijk ‘wij-zij’-denken, dat is waar
ik ten allen tijde kritisch tegenover wil staan.
“Je hebt gelijk,” roept de fatalist, “racisme is een
wereldprobleem, je kan er niet aan ontkomen
het is inherent aan het onderscheiden van
dingen, aan je abrahamitische opvoeding, of
aan de mens zelfs!”

Vergelijkbaar is het onderscheid tussen
buitenlander en Japanner, de categorie die
uitgaat van twee extremen die elkaar uitsluiten
houdt geen rekening met alle categorieën die
niet in deze tweedeling passen, bijvoorbeeld
iemand met een Braziliaanse nationaliteit die
al heel zijn of haar leven in Japan woont, of zelfs
Ainu, of inwoners van de Riukiu-eilanden.
Laat dit onderscheid nu net het beeld zijn dat
de regering in stand probeert te houden met
het idee van Japanse homogeniteit.

En natuurlijk zal ik de fatalist daarin geen
ongelijk geven. Discriminatie in de meest
letterlijke zin, dat is een nuttig werktuig,
sterker nog het is wat de Ainu al die tijd wilden
– een onderscheid tussen hun etniciteit en de
‘Japanse’ etniciteit. Zolang de hokjes waarin
je mensen verdeelt nuttig zijn, en niet ingaan
tegen jou ethiek is er niks aan de hand. Omwille
van mogelijke verschuivingen moet men echter
kritisch blijven, het is niet meer dan redelijk je
hokjes aan te passen aan wat op een gegeven
moment het beste werkt.

Dat dit ‘wij-zij’-denken schadelijk is blijkt
uit hoe makkelijk kinderen de gangbare
genderrollen oppikken, zullen ze tenslotte
niet even makkelijk de gaijin-rollen en
nihonjin-rollen oppikken? Bovendien laat de
Japanse regering zien dat dit soort tweedeling
als argument gebruikt kan worden voor
discriminatie van minderheden wanneer zij
bijvoorbeeld beweert dat er geen sprake is van
discriminatie tegen de burakumin omdat zij
ook Japanners zijn en dus ook als Japanners
behandeld worden.

Zo moeten we kritisch zijn tegenover racisme
in uitingen van cultuur, maar we moeten ons
niet verliezen in een afkeer van elke vorm van
discriminatie. Waar mensen als deel van een
groep behandeld worden is er altijd het risico
dat de persoon in kwestie zich beroept op hoe
uniek hij of zij eigenlijk is, maar het is niet het
individu dat bepaalt wanneer iets racisme is,
dat zou namelijk betekenen dat nooit meer
iemand veilig voor een sollicitatiegesprek kan
worden afgewezen.

Al met al is er dus veel te zeggen voor racisme
als een reëel probleem in Japan, maar wat
kunnen wij daar mee? De vraag die blijft
is: en wat nu? Allereerst is het verstandig
pragmatisch te blijven, en situaties goed in
te schatten, al sta je nog zo in je recht, soms
is het verstandig te weten wanneer je iemand
de andere wang moet toekeren. Het verdelen
van mensen moet tenslotte worden gezien als
een handig werktuig, dat ook misbruikt kan
worden en zal worden, aan de lezer rest de
verantwoording om hier op de juiste manier
mee om te gaan en de morele hoge grond te
bewaren. Vincent Meijer

Om terug te komen op de eerder gebruikte
definitie van racisme, “discriminatie op basis

太狸記・十二月号

17

Interview:
Prof. dr. Remco Breuker
Q: U bent in 1990 begonnen met de studie
Japans en in 1993 met de studie Koreaans
aan de Universiteit Leiden. Wat was uw
motivatie?
A: Ik was voornamelijk geïnteresseerd in
de Japanse literatuur en in het bijzonder
de werken van Mishima Yukio. Daarnaast
deed ik fanatiek aan karate. De studie zelf
beviel mij heel goed en ik zat in een jaar met
120 eerstejaars. Ik ben ook snel in aanraking
gekomen met Korea. In 1993 ben ik dan ook
begonnen met Koreaans als hoofdvak en heb
vervolgens in 1997 beide studies afgerond.
In de tijd dat ik begon met Koreaans was de
opleiding alles wat Japans niet was en was het
aantal studenten daarom ook klein. Een van de
belangrijkste redenen waarom ik ben begonnen
met de studie Koreaans was mijn hoogleraar
Boudewijn Walraven die zowel een heel prettig
en benaderbaar persoon was, alsmede een
zeer goede academicus. Hij was ook de reden
waarom ik uiteindelijk Koreaans als hoofdvak
ben gaan doen. Zijn kijk op de Koreaanse
geschiedenis is iets dat mij wetenschappelijk
sterk gevormd heeft. Daarom heb ik literatuur
op een gegeven moment ook gelaten voor wat
het was en heb ik mij verdiept in geschiedenis.
Toch heb ik mijn liefde voor literatuur nooit
verloren.
Ik heb een eigenzinnige opvatting van
geschiedenis: het is een heel brede manier van
kijken naar het verleden en de rol daarvan in
het heden.Wat mij betreft houdt dit alles in
wat vroeger is gebeurd. Films zijn daar ook een
belangrijk onderdeel van.
Q: U bent onderhand bekend als een
expert op het gebied van Noord-Korea.
Wat is volgens u het fundamentele
probleem met het conflict tussen Noorden Zuid-Korea?

18

A: Ik had al heel vroeg een sterke interesse
in Noord-Korea en dat was al helemaal het
geval toen ik zelf in Zuid-Korea woonde en er

“In het huidige internationale
veld is Noord-Korea het ideale
land om te haten.
Maar het zijn mensen zoals wij, ook al is het regime
moreel verwerpelijk.”
studeerde. Ik ben van mening dat het belangrijk
is om gewoon te praten met Noord-Korea. In
het huidige internationale veld is Noord-Korea
het ideale land om te haten. Maar het zijn
mensen net als wij, ook al is het regime moreel
verwerpelijk. Dat maakt het trouwens niet
minder menselijk. Ik ben geen voorstander van
oriëntalistische omschrijvingen die beweren
dat de Noord-Koreanen onvoorspelbaar en

太狸記・十二月号

gek zijn. Ook al hebben de meesten van ons
het niet in de gaten, Nederlanders zijn eigenlijk
nog steeds heel erg oriëntalistisch.
Ik ben vanuit een interesse voor dit onderwerp
betrokken geraakt bij de discussie. Dit
maakt ook weer eens duidelijk dat het
gebied geesteswetenschappen middenin de
maatschappij staat. Als wetenschapper vind

“Ik ben ervan overtuigd
dat op het moment dat
wij die druk niet meer
uitoefenen, het regime niet
lang meer te gaan heeft.”
ik het belangrijk om mijn stem te laten horen
door aan het publieke debat deel te nemen of
door de overheid en NGO’s te benaderen.
Aan de andere kant vind ik ook dat de
mensenrechtenschendingen in Noord-Korea
niet iets zijn waar wij aan voorbij kunnen
gaan. Daar moet iets aan worden gedaan.
Het paradoxale is hier echter dat hoe harder
wij schreeuwen, hoe repressiever het regime
wordt. Wij houden dus zelf het regime in
stand. Aan de ene kant sympathiseer ik met de
doelen van Amnesty International, die gericht
zijn op het helpen van mensen die door de
staat onderdrukt worden, maar op de manier
waarop het nu gebeurt, maken wij de dingen
alleen maar erger en houden wij de angst in
stand. Door het laten overvliegen van B-52
bommenwerpers geven wij het regime de enige
legitimatie dat het heeft. Ik ben ervan overtuigd
dat op het moment dat wij die druk niet meer
uitoefenen, het regime niet meer lang te gaan
heeft. Het Noord-Koreaanse regime belooft
het volk maar één ding en dat is bescherming
tegen de Amerikanen en ons. Zij beloven
geen eten, geen democratie en geen welvaart.
Op het moment dat wij met het regime gaan
praten, gaan investeren in het land en kunnen
bewijzen dat hun occidentalistische kijk op
het Westen niet van toepassing is, dan is het
einde van het regime naderbij. Dan zouden de

Noord-Koreanen kunnen doen wat zij willen.
Wij moeten geen democratie willen brengen,
maar het aan hen overlaten. Het is hun land,
maar we moeten ze wel de kans geven om zelf
te bepalen wat erin gebeurt.
De mensen in Noord-Korea zijn niet heel
anders dan wij. Het grote verschil ligt in de
manier van opvoeding. Over het algemeen
voelen wij ons prettig als we iets hebben gekocht
en Noord-Koreanen vinden het wellicht fijner
om een portret van hun leider te zien. Ook al
heeft het tweede niet mijn voorkeur, dan nog
kan men wel hetzelfde onderliggende patroon
zien.
Q: In hoeverre kan de Europese Unie een
bemiddelende rol spelen in het oplossen
van het conflict?
A: Door zonder het Amerikaanse standpunt
na te kauwen met Noord-Korea te praten.
Het probleem is dat onze stem politiek
gezien niet sterk genoeg is in vergelijking tot
die van de VS. Wij in Europa hebben echter
wel veel te bieden. Kijk bijvoorbeeld naar
de historische ervaring van Oost- en WestDuitsland. Wij kunnen goed bepalen of het
überhaupt nog verstandig is om na zo’n tijd
te herenigen en hoe men dit dan het beste zou

“De Europese Unie moet
assertiever optreden en van het
calimerocomplex afkomen.
Wij hebben de Nobelprijs voor
de Vrede niet voor niets
gekregen.”
kunnen aanpakken. Ook zouden we kunnen
investeren in Noord-Korea waardoor ook de
gewone man zou kunnen genieten van meer
welvaart. Mijn mening is dat dit de enige weg
is naar een vrijer Noord-Korea. Wij zouden de
Noord-Koreanen de mogelijkheden kunnen
bieden om niet meer alleen aan overleven te
hoeven denken. Mensen die alleen bezig zijn

太狸記・十二月号

19

met zichzelf en aan hoe zij hun gezin in leven
kunnen houden, hebben geen mogelijkheid om
over het omverwerpen van de staat te denken.
De Europese Unie moet assertiever optreden
en van het calimerocomplex afkomen. Wij
hebben de Nobelprijs voor de Vrede niet
voor niets gekregen. Dit betekent niet dat wij
arbeidskampen moeten goedkeuren, maar dat
wij moeten investeren. Natuurlijk verdient het
Noord-Koreaanse regime het om streng te
worden toegesproken, maar dat helpt absoluut
niet. Een militaire interventie zou in ieder
geval verschrikkelijke gevolgen hebben.
Q: Wat zou u als het beste aspect van
Japan of Korea beschouwen?
A: Hoe langer ik als wetenschapper bezig ben,
hoe minder ik denk in dit soort termen. Dit
beschouw ik dan ook als het grote probleem
van de Area Studies, omdat men op nationale
eenhied is geschroefd. Voordat je het weet,

“Ook al zijn wij kritisch over
hoe de geschiedenis
in elkaar zit,
dan nog nemen wij toch veel
over van hoe de staat wil dat
wij het doen.”
ga je mee met Japanse, Chinese of Koreaanse
propaganda over hoe het eruit ziet tussen
die drie staten. Om die redenen ben ik ook
blij met het vak Area Studies, omdat het een
multidisciplinaire verdieping geeft in regionale
bestudering. Ook krijg ik vaak reacties vanuit
de staat met betrekking tot mijn onderzoek.
Ik ben wel een voorstander van die dialoog,
maar volgens mij zitten wij te veel vast aan
de staat. Ook al zijn wij kritisch over hoe de
geschiedenis in elkaar zit, dan nog nemen
wij toch veel over van hoe de staat wil dat wij
het doen. Een verplicht vak over de OostAziatische geschiedenis zou daarom heel
wenselijk zijn.

20

Q: Waarom
aanraden?

zou

u

Koreastudies

A: Daar zijn heel veel redenen voor. Als je nu
naar het Koreaanse schiereiland kijkt, dan
vindt men aan de ene kant democratie en
een welvarend land dat in bepaalde dingen
lichtjaren op ons lijkt voor te lopen. De
stad Seoul is een stad die wellicht iets van
de toekomst laat zien. Aan de andere kant
heb je vijftig kilometer verder een extreem
repressieve dictatuur en een maatschappij
zonder overvloed met weinig eten, politieke
vervolging en zonder vrijheid. Korea is een
van de weinige plekken op aarde waar dit
allemaal samenkomt binnen dezelfde cultuur
en binnen een gemeenschap die historisch
gezien ongedeeld was. Het contrast op het
Koreaanse schiereiland laat goed de menselijke
conditie zien en waar wij, zowel positief als
negatief, toe in staat zijn. Zuid-Korea heeft
zichzelf gedemocratiseerd en heeft zijn
burgerij goed onder controle, terwijl NoordKorea misschien het ongelukkige voorbeeld is
van hoe het niet moet. Dit is heel waardevol
en uniek. Door Korea te bestuderen, kan men
heel veel leren over hoe mensen samenleven.
Zuid-Korea is bovendien een van de leukste
landen om te wonen en om te studeren. Ook
denk ik dat er geen gebrek aan werk zal zijn.
Met de studie Koreaans leer je meer dan alleen
de taal en krijg je ook een goede academische
vorming die je verder zal helpen.
Q: U bent vroeger actief lid van Tanuki
en ook eindredacteur van de TaTanukiKi
geweest. Een groot verschil met nu?
A: De journal is tegenwoordig representatief
voor hoe professioneel Tanuki als vereniging
de dingen aanpakt. Dat is een groot verschil
met vroeger. Tanuki is tegenwoordig ook veel
beter georganiseerd. Ik denk dat als Tanuki op
de manier van vroeger door zou zijn gegaan,
het bestaansrecht van Tanuki in gedrang zou
zijn gekomen. Tanuki lijkt nu een heel levendige
studievereniging te zijn en ik ben ook heel blij
dat Koreaans er weer bij hoort.
Interview door Arthur Hinsch.

太狸記・十二月号

Anti-yakuza wetten
brengen Mizuho in de problemen

Op 27 september 2013 beval de Financial
Service Agency (FSA), die op de stabiliteit
van het financiële systeem in Japan toeziet,
de Mizuho bank te stoppen met het lenen van
geld aan de yakuza en meerdere rapporten en
een plan ter verbetering van zaken in te leveren
voor 28 oktober 2013. In 2007 beval de FSA
de bank van Mitsubishi UFJ Financial Group
Inc. om hun activiteiten gedeeltelijk een week
lang te staken. De aanleiding destijds was het
feit dat een tak van het bedrijf in de Hyougoprefectuur al meer dan dertig jaar zaken deed
met de yakuza. Het is inmiddels zes jaar later
en Mizuho laat zien dat de Japanse politiek nog
steeds worstelt met de Japanse onderwereld.
Mizuho bank, één van de grootste banken
van Japan met takken die ook internationaal
actief zijn, heeft door middel van ongeveer
230 dubieuze transacties voor een totaal van
200 miljoen yen aan leningen verstrekt aan
‘antisociale groepen’. Hoewel ook ‘総会屋:
soukaiya’ (criminelen die, meestal in opdracht
van de yakuza, organisaties of bedrijven
afpersen door intimidatie) en veroordeelde
fraudeurs tot deze groep behoren, kan
de benaming voor het gemak versimpeld
worden naar yakuza. Via Orient Corp., een

kredietbedrijf binnen Mizuho Financial Group
Inc., werden vanaf juli 2010 de betreffende
leningen verstrekt. De FSA is uiteindelijk in
actie gekomen vanuit de overtuiging dat er te
weinig werd ondernomen om de leningen te
verminderen en tegen te gaan.
Als verdediging werd eerder door de
Mizuho bank aangevoerd dat slechts twee
vicepresidenten en twee hoofddirecteurs van
de leningen afwisten. Daar werd echter op
teruggekomen toen bleek dat de leden van het
hoge management al in december 2010 een
rapport hadden ontvangen over de leningen
– al variëren deze data van bron tot bron.
De vorige directeur van het bankgedeelte
van Mizuho, Nishibori Satoru, had wel al
maatregelen aangereikt gekregen, maar die
zijn nooit tot uitvoering gebracht door de
huidige directeur van de Mizuho-groep, Sato
Yasuhiro. Een onderzoekspanel aangesteld
door Mizuho gaf in het eerste verplichte
rapport van Mizuho over het schandaal als
reden hiervoor een onverwachte fout in het
systeem kort na de aardbeving en tsunami
in 2011. Het systeem kon destijds de vele
donaties niet aan en Nishibori stapte op om
verantwoordelijkheid te nemen voor het falen

太狸記・十二月号

21

van het systeem. Volgens het betreffende
onderzoekspanel werden de maatregelen door
Nishibori’s vertrek nooit genomen, ook al
werden het bestuur en andere hoge functies
later nog meerdere keren geïnformeerd.
In het rapport zijn nog een aantal oorzaken
opgenomen voor het niet tijdig nemen van
maatregelen. Er was bijvoorbeeld niet genoeg
bewustzijn van de kwesties onder het bestuur
en het management, waardoor ze niet in actie
kwamen tegen de leningen. Een gedeelte van
het plan van aanpak, dat ook op 28 oktober
bekend gemaakt moest worden, kondigt het
straffen van 54 leidinggevenden aan en belooft
preventieve stappen te nemen om het lenen
aan yakuza tegen te gaan. Ook de voorzitter
van de bank wordt van zijn positie ontdaan,
al behoudt hij wel zijn andere positie als
voorzitter van Mizuho Financial Group.
Er is nog steeds veel ophef over het Mizuhoschandaal waardoor het bijna lijkt alsof er nooit
iets dergelijks gebeurt in Japan. Niets is echter
minder waar. Niet alleen bedrijven, maar zelfs
overheidsinstanties en leden van de regering
hebben lang relaties onderhouden met de
yakuza en veel van deze relaties bestaan nog
steeds. Na het schandaal van Mizuho hebben
verschillende andere bedrijven die leningen
verstrekken, toegegeven aan yakuza te hebben
geleend, zelfs nu er telkens meer wetten komen

die de yakuza tegenwerken en het zaken doen
met yakuza ontmoedigen. Japan lijkt zich
gedwongen te voelen steeds meer actie te
ondernemen tegen de onderwereld, vaak in
samenwerking met buitenlandse instanties,
waarschijnlijk mede vanwege kritiek vanuit
het buitenland. In het International Narcotics
Control Strategy Report (INCSR) van het
Bureau for International Narcotics and Law
Enforcement Affairs uit 2013, wordt gezegd
dat Japan de internationale standaarden voor
het voorkomen van witwassen niet nakomt
en dat de politie beperkt meewerkt met
buitenlandse regeringen. Het rapport uit 2011
zei zelfs dat medewerking van de Japanse
politie minimaal was.
De Japanse regering wordt steeds meer onder
druk gezet door het buitenland om zich in
te zetten tegen de georganiseerde misdaad,
maar andere landen doen zelf ook meer aan
het tegengaan van yakuza-praktijken. De
Verenigde Staten heeft in 2011 een bevel
gegeven aan alle aan de VS gerelateerde
financiële instituties om geld en aandelen
van de yakuza vast te zetten. De Yamaguchigumi, de grootste yakuza-clan, is in februari
2012 bovendien op de zwarte lijst gezet van
de U.S. Treasury, die ook de Sumiyoshi-kai

22

太狸記・十二月号

ook een kans dat de politie de yakuza leden
vervolgt die de leningen aan hebben gevraagd.

en Inagawa-kai, de tweede en derde grootste
families, op zijn lijst heeft staan. Veel leden van
de bende hieven hun rekening op bij financiële
instituties die aan de Verenigde Staten
verbonden waren. Als reactie hierop gaan de
criminelen echter niet bij de pakken neerzitten
en zoeken ze nieuwe bronnen van inkomsten.

Criminelen vinden steeds weer andere wegen
om hun doel te bereiken en in de wereld van
nu kunnen ze dit gemakkelijk via andere
landen doen. De praktijken van de yakuza
zijn niet meer alleen het probleem van Japan,
maar hebben internationaal bereik gekregen.
Andere landen zoals Amerika nemen
maatregelen tegen de yakuza en sporen Japan
aan om meer actie te ondernemen en beter
samen te werken. Hoewel de Japanse regering
haar best doet de wetgeving tegen yakuza te
verbeteren, wordt dit niet makkelijk gemaakt
door vele corrupte politici en bedrijven, zoals
Mizuho, die met de yakuza samenwerken en
hen financieel of politiek steunen. Misschien
is het tijd voor Japan om nog eens kritisch te
kijken naar de wetten en de effectiviteit ervan.
Het is zonder twijfel een lastig pakket, dus als
er al een nieuwe aanpak komt, zal dat zeker nog
een tijdje uitblijven. Simone Felix

Volgens een witboek uit 2010 over
georganiseerde misdaad verplaatsen de
activiteiten van de yakuza zich nu een meer
legaal uitziende kant op, zoals afvalverwerking,
constructie en financiën. Ook hebben zij
dankzij
technologische
ontwikkelingen
meer mogelijkheden om hun criminele
praktijken online voort te zetten. Dit betekent
echter niet dat de activiteiten niet meer
illegaal zijn, de bedrijven worden alleen als
dekmantel gebruikt. Er moet bovendien ook
daadwerkelijk een overtreding plaatsvinden
voordat de politie gemachtigd is bendeleden
op te pakken. Lid zijn van de yakuza is op zich
namelijk niet illegaal, maar het breken van de
regels die ze verbieden zaken te doen met nietyakuza bedrijven en andersom is dat wel. Dit
is de manier waarop Japan de yakuza probeert
aan te pakken. Het is echter de vraag of Japan
hier niet in doorschiet, aangezien yakuza-leden
nu steeds verder van de ‘normale’ maatschappij
worden gedreven. Wat Mizuho betreft, is er

太狸記・十二月号

23

Het behoud van de jungle-economie

Dat de Zuid-Koreaanse bedrijven Hyundai,
Samsung en LG konden uitgroeien tot
wereldwijde huismerken, is voor een groot deel
te danken aan de politieke ingrepen die werden
gedaan in de jaren ‘60. Tijdens het regime van
Park Chung-hee, de man die in 1961 de macht
in Zuid-Korea wist te grijpen, werd besloten
om samen te werken met corporaties om zo
de industrialisatie van het land te kunnen
bevorderen. De selecte groep familiebedrijven
die hierbij door de regering werden gekozen
en gesteund, groeiden uit tot machtige
‘재벌: chaebol’, familieconglomeraten die hun
activiteiten verspreiden over verscheidene
markten en door de verschillende onderdelen
elkaars aandelen te laten bezitten een
verstrengelde jungle vormen. Hoewel
hervormingen zijn doorgevoerd, zijn het nog
altijd chaebol die de Zuid-Koreaanse economie
domineren.
Hoewel het politieke middelen zijn geweest
die chaebol aanvankelijk in het zadel hielpen,
werd vorig jaar veelvoudig beloofd dat het de
politiek is die de macht van de conglomeraten
weer zal inperken. De presidentsverkiezingen

24

van december 2012 werden getekend door dit
gemeenschappelijke thema, waarbij tijdens de
campagnes van zowel de ‘새누리당: saenuridang’ (Saenuri Party, let: New Frontier Party)
als de Democratic Party (destijds Democratic
United Party) veelvoudig werd aangegeven dat
de macht van chaebol ingeperkt moest worden.
Na de overwinning van eerstgenoemde, werd
Park Geun-hye de eerste vrouwelijke president
van Zuid-Korea. De hoop op verandering was
zeker aanwezig
Het leek goed te gaan. Dankzij het tot stand
komen van een herziening van Zuid-Korea’s
wetgevingen met betrekking tot bedrijvigheid,
leken een aantal zaken in het land te zullen
veranderen. De invloed van chaebol op banken
is teruggedrongen, kleinere bedrijven worden
beter beschermd en het werd duurder voor
de conglomeraatfamilies om een groot aantal
dochterondernemingen te onderhouden. Er
zou namelijk extra belasting worden geheven
wanneer een bedrijf meer dan 30 procent van
zijn verkopen doet binnen de corporatie.
Dat de waarheid echter een stuk minder

太狸記・十二月号

rooskleurig is, mag echter duidelijk zijn.
Dat chaebol in Zuid-Korea niet strenger
zijn aangepakt, wordt veelal toegeschreven
aan de grote rol die lobbyisten van de
familieconglomeraten
vervullen.
Zij
beweerden dat een striktere aanpak de
competitiviteit van de Koreaanse reuzen op
wereldniveau zal doen afnemen en dat hiermee
ook de nationale economische groei zal
stagneren. Dat Park al snel aangaf dat de extra
belasting misschien toch even zou moeten
wachten gezien de economische malaise in
de wereld, is daarbij tekenend. Na een jaar is
er dus eigenlijk nog weinig gebeurd aan het
daadwerkelijk terugdringen van de macht van
de chaebol.
Dat de klok begint te dringen, blijkt uit de
groeicijfers van de Zuid-Koreaanse economie.
Deze telt slechts 1,5 procent, waarbij de lonen
stagneren en de huis- en onderwijskosten
louter toenemen. Het resultaat is een immense
toename van de zogenaamde schuldenlast
van de huishoudens in Zuid-Korea, die van
zo’n 416 miljard euro in 2008 inmiddels is
opgehoopt tot meer dan 630 miljard euro.
Voor een economie die jaarlijks slechts 810
miljard euro opbrengt, is het gevaar duidelijk
zichtbaar.
In het afgelopen decennium is het aantal

bedrijven dat verbonden is met de tien grootste
chaebol bovendien haast verdubbeld naar zo’n
600. Die grote tien zijn verantwoordelijk
voor meer dan 70 procent van de winst voor
de bedrijven die in de Korea Exchange zijn
opgenomen. Kleine en middelgrote bedrijven
maken hierdoor weinig kans of worden
opgeslokt door de giganten. Het resultaat is
bovendien dat er weinig nieuwe bedrijven
worden opgericht en dat voor de economie
broodnodige innovatie slechts afneemt.
Wanneer de enige werkoptie in eigen land
voor afgestudeerde studenten werk bij een
van de chaebol is, zal een frisse wind niet te
verwachten zijn in de Koreaanse bedrijvigheid.
Tijdens de verkiezingen van 2012 vormde
Moon Jae-in van de Democratic Party de
grootste concurrent van de huidige president
van Zuid-Korea. Hij beschreef Zuid-Korea
destijds als een ‘jungle-economie’, waar de
conglomeraten oneerlijke privileges genieten.
Dat Park recentelijk heeft aangegeven dat
chaebol de economie van Zuid-Korea weer
moeten doen groeien door meer mensen aan
te nemen en de investeringen te vermeerderen,
is echter een gevaarlijk teken. In plaats van
bomen om te hakken, lijken chaebol het
land enkel verder te zullen overwoekeren.
Wester Wagenaar

太狸記・十二月号

25

Ondergewaardeerd beroep in het
Westen: stemacteren

‘声優:seiyuu’ is de Japanse term voor
stemacteur; een persoon die voornamelijk
geanimeerde personages inspreekt. Over het
algemeen is dit beroep in de Westerse cultuur
niet heel erg bekend en beslaat het niet zoveel
vlakken, tenminste niet in vergelijking tot
Japan waar de industrie juist bloeit. Naast het
inspreken van animatiefiguren doen seiyuu
namelijk nog aan veel meer activiteiten en vergt
deze professie aanzienlijk meer inspanning
dan veel mensen zouden denken.
Japan is een van de weinige landen waar een
beduidend groot aandeel van stemacteurs van
een eigen wereld van faam mogen genieten.
Elders op aarde gaan de personen achter de
stemmen van personages namelijk veelal in
de achtergrond op en raken vaak niet eens
bekend. Neem bijvoorbeeld Nederland, dat in
feite tot de betere landen behoort als het gaat
over stemacteren. De gemiddelde Nederlander
weet dan ook weinig af van het beroep en
zou, op misschien een enkeling na, geen één
stemacteur op kunnen noemen. Dat terwijl
sommige stemmen toch zeker herkenbaar zijn,
zoals de stem van Freddy Gumbs (Sebastiaan
uit De Kleine Zeemeermin), Lex Passchier
(SpongeBob SquarePants), Pierre Bokma

26

(Geest uit Aladdin en Hades uit Hercules) en
Marlies Somers (Misty uit Pokémon maar
ook de vrouwenstem in diverse reclames).
In het Nederlandse taalgebied zijn de
stemacteurs vermeend oververtegenwoordigd
aangezien Vlaanderen ook gebruik maakt van
Nederlandstalige stemartiesten, hoewel het
aantal bekende en regelmatig actieve personen
na de 100 à 150 waarschijnlijk niet ver meer
komt. Maar als de industrie op basis van deze
getallen al als oververtegenwoordigd wordt
bestempelt, wat maakt dat Japan dan?
De grootte van de industrie in Japan is
eenvoudig aan te duiden. Het land telt
namelijk een behoorlijk aantal academies
voor stemacteren en talentenbureaus. Ieder
jaar studeren er meer dan 10.000 mensen
af van zo’n academie, maar slechts een
handjevol mensen wordt geselecteerd voor
een contract bij een talentenbureau. Of je het
als seiyuu gaat maken in Japan ligt aan een
aantal factoren, waarvan de doorslaggevende
natuurlijk het hebben van een aantrekkelijke
stem is. Aangezien dit genetisch is aangelegd
en het biologisch is bepaald welke stemmen
aantrekkelijk worden gevonden, valt hier
weinig tot geen invloed op uit te oefenen. Maar

太狸記・十二月号

zelfs als je deze eis haalt, is talent qua gebruik
van de stem ook van betekenis. De waarde van
een seiyuu is namelijk niet erg groot als diens
stem in vrijwel alle rollen compleet hetzelfde is
en er geen verschil in toonhoogtes kan worden
waargenomen. Voorbeelden van seiyuu die erg
goed zijn in heel variërende stemgeluiden zijn
onder andere Konishi Katsuyuki (Beelzebub,
Tengen Toppa Gurren Lagann, Samurai
Deeper Kyo), Namikawa Daisuke (Axis
Powers Hetalia, Kimi ni Todoke, officiële dubover voor Elijah Wood) en Takahashi Hiroki
(Prince of Tennis, Katekyo Hitman Reborn!,
Hunter x Hunter). Zij zijn zo capabel in het
gebruiken van hun stembanden dat ze twee tot
drie andere stemmen kunnen opzetten, wat
zodoende getuigt van een zeer groot bereik en
vaardigheid. Een tweede belangrijke factor is
auditie doen voor rollen en deze stap is zeker
bepalend in wie bekend wordt en wie niet.
Verder is het een kwestie van geluk: zelfs al
heb je een fantastische stem en doe je dagelijks
auditie ligt de keuze uiteindelijk toch bij het
publiek dat je stem te horen krijgt.
Een aantal Japanse seiyuu die ook bekendheid
buiten Japan hebben verkregen zijn Ootani
Ikue, de stem achter de internationaal geliefde
pokémon Pikachu, Miyano Mamoru door zijn
rol als Yagami Light in Death Note en Hirano
Aya die de excentrieke Suzumiya Haruhi
uit Suzumiya Haruhi no Yuuutsu en eveneens
excentrieke Izumi Konata uit Lucky☆Star
verzorgd. Hen is het gelukt om zich door de
mensenmassa aan ambitieuze seiyuu heen
te banen en een spotlight voor zichzelf op te
eisen. Een knappe prestatie gezien het aantal
jaarlijks afstuderende stemacteurs in Japan.

geval van de tweede methode is de animatie
al gemaakt en moeten seiyuu per fragment
of per scène hun zinnen precies laten
aansluiten op wat de personages zeggen en
doen. Deze laatste techniek wordt ook wel
‘アフレコ:afureco’ ofwel ‘after recording’
genoemd en is een stuk moeilijker dan de
eerste. Een tweede onderscheid is met welke
microfoon stemacteurs werken. Vaak is dat
een standaard professionele microfoon, maar
soms een dummy head microfoon (genereert
voor zowel het linker- als het rechteroor
een aparte toon). In beide gevallen maken
stemacteurs gebruik van een bepaald systeem
van nummers rondom de microfoon waarbij
de bedoeling is dat ze tijdens het inspreken
opletten bij welk nummer ze staan zodat de
stem altijd exact met de menselijke perceptie
van geluid overeenkomt (zie afbeelding).
Het verschil tussen iemand met een vaste
(kantoor)baan en een seiyuu is dat de baan
van de laatstgenoemde eigenlijk bestaat uit
meerdere professionele vlakken waar deze
kleinere baantjes verzorgt. Inspreken is dan
misschien het voornaamste werk, maar het
begrip werk is voor Japanse stemacteurs heel
breed. Naast personages inspreken is zingen
voor velen ook een bron van inkomsten.
Sommigen zaten al in een band en besloten
op het succes van hun muziek voort te
borduren, anderen begonnen later een bandje

Het stemacteren zelf gaat op verschillende
manieren. Ten eerste is er onderscheid tussen
wanneer de stemmen worden ingesproken:
vóór of nadat de animatie is gemaakt. Bij series
met een wat rianter budget wordt nog wel
eens gebruikt gemaakt van de eerste methode.
Hierbij spreken seiyuu voordat de animatie is
gemaakt de zinnen die ze moeten zeggen in en
worden naderhand door het animatiebureau
de bijbehorende mondbewegingen en
gezichtsuitdrukkingen geanimeerd. In het

太狸記・十二月号

27

(zoals Suzuki Tatsuhisa met OLDCODEX)
of besloten solo artiest te worden. Er zijn
ook speciale seiyuu-units, zoals KAmiYU
en Fero☆Men (bestaan respectievelijk uit
Kamiya Hiroshi & Irino Miyu en Suwabe
Junichi & Toriumi Kousuke). De muziek die
door hen wordt uitgebracht krijgt, doordat de
zangers al enige bekendheid als stemartiest
genieten, meer faam en dit komt vaak de
koopcijfers als hun populariteit ten goede. Aan
seiyuu van wie bekend is dat ze kunnen zingen
of een zodanig populaire stem hebben, worden
nadat ze een rol hebben ingesproken nog wel
eens gevraagd of ze een character song willen
zingen. Deze nummers worden vooral door
fans van een bepaald personage gekocht en dit
brengt natuurlijk extra geld in het laatje .
Vergelijkbaar zijn drama cd’s. Deze bestaan
uit verschillende audiofragmenten waarin het
verhaal van een serie kan worden voortgezet
of iets extra aan kan worden toegevoegd.
Drama cd’s worden in vele soorten en maten
geproduceerd en zijn het medium dat het
duidelijkst de kundigheid van seiyuu naar voren
brengt, omdat een dergelijke cd gecentreerd
is rondom de stemmen alleen. Ze omvatten
alle categorieën en zo ook de populaire
genres yaoi, yuri en hentai. Deze genres zijn
allen seksueel van aard en zodoende is het
de taak van de seiyuu die hiervoor gevraagd
worden om hun beste erotische stem voor
de dag te toveren en met alles erop en eraan
voor de fans een gepassioneerd orgastisch
spektakel op te zetten. Ditzelfde geldt voor
de gelijk gethematiseerde games. Aangezien
de gemiddelde Japanner echter vrij verlegen is
wat betreft seks en de bijbehorende geluiden
durft niet iedere seiyuu dit aan. Ook komt
daar nog bij kijken dat kersvers afgestudeerde
stemacteurs soms in de hentai-industrie
beginnen om wat geld te verdienen en eenmaal
populair zijnde dat nog wel eens hun carrière
kan breken. Verder verschijnen redelijk wat
seiyuu in televisie- en radio-uitzendingen.
Sommigen hosten laatstgenoemde nog wel
eens zelf en hebben zodoende voor een tijd
een soort eigen praatshow als gevolg. Ook zal
menig stemacteur af en toe moeten opdraven
op speciale evenementen waar ze bijvoorbeeld

28

live hun personages inspreken en nadoen. Of
ze parodiëren het personage van een collega
voor het vermaak van de honderden fans die
op zo’n event afkomen. Tot slot worden seiyuu
ook gevraagd om documentaires, reclames,
aanwijzingen in bijvoorbeeld de bus en liveaction films in te spreken. Zo behoort de stem
achter de Japanse versie van Edward Cullen
(Twilight) toe aan Sakurai Takahiro.
Nu lijkt het misschien alsof seiyuu overal
verschijnen, door iedereen herkent worden
en een heus Hollywood-leven leiden, maar
niets is minder waar. Dit scenario geldt alleen
voor de echte veteranen en stemacteurs die
naam hebben gemaakt door gevierde series
uit de jaren 70 en 80 zoals Doraemon en Cutie
Honey. De meeste seiyuu, zelfs populaire,
leiden juist een heel normaal leventje en
worden ook door de gemiddelde Japanner
niet snel herkent. Wel is het zo dat, doordat
stemacteurs vaak voor dezelfde series
personages moeten inspreken, ze elkaar
vrij regelmatig tegenkomen en er zo hechte
vriendschappen ontstaan of er zelfs huwelijken
uit voort kunnen komen. Ook krijgen veel
seiyuu door hun fans een liefkozende bijnaam,
die kan variëren van schattige afkortingen en
gelijkenissen van de naam met de Engelse taal
tot inside jokes of simpelweg aangevuld met
beleefdheidsachtervoegsels. Verder hebben
seiyuu vaak een actieve fanclub, worden ze
wekelijks bedolven onder fanbrieven en is
er bij velen zelfs sprake van merchandise.
Als beloning en erkenning voor al het harde
werk zijn er de jaarlijkse Seiyuu Awards waar
natuurlijk niet elke stemacteur zich voor
nomineert, maar een prijs en erkenning altijd
leuk blijven om te ontvangen.
In Japan ziet de wereld van het stemacteren
er zodoende heel anders uit dan in de meeste
landen. In plaats van de personen achter de
stemmen te vergeten, trekken de bedrijven die
verantwoordelijk zijn voor deze industrietak
juist alles uit de kast om ook deze industrie
energie in te blazen en lucratief te laten zijn.
En met honderden bekende seiyuu lukt dat wel
aardig. Sabine Jacobs

太狸記・十二月号

Het Minamataverdrag

Op
10 oktober 2013 werd het
Minamataverdrag getekend in de prefectuur
Kumamoto. De aanleiding was een voorstel
van het VN-milieuprogramma om de globale
kwikuitstoot drastisch te verminderen. De
naam is gebaseerd op een van de vier grote
vervuilingsziektes van Japan, de zogeheten
Minamataziekte, waarbij men overleed of
ernstig ziek werd door zware kwikvergiftiging.
Ruim honderd jaar geleden werd de Chissofabriek opgericht in Minamata, waarbij het
doel was om meststoffen te produceren. Door
de opkomende industriële revolutie werd
de omzet van meststoffen naar chemische
stoffen snel in werking gesteld. Twintig jaar
later begonnen ze met de productie van etha
nal met behulp van een kwiksulfaatkatalysator.
Dit resulteerde in de Minamataziekte in Japan.

symptomen vertoonden zoals spasmen en
spraakgebrek, bleek er sprake van een tot dan
toe onbekende epidemie. Op het eerste gezicht
leek deze ziekte besmettelijk te zijn en werden
de zieken in quarantaine gezet. Uit onderzoek
bleek dat mensen waren vergiftigd door de
vis- en zeevruchtenconsumptie. Pas 25 jaar
later werd de Chisso-fabriek verplicht een
zuiveringsinstallatie te bouwen en geen afval
meer te dumpen in de rivier. De giftige stoffen
kwamen echter door de installatie heen en de
ziekte zette zich nog enkele jaren voort.

Afval van deze fabriek, inclusief kwik, werd
alsmaar geloosd in de baai van Minamata.
Katten begonnen zo veel achter hun staart aan
te rennen totdat ze stierven aan uitputting,
ook wel de neko odori byou (kattendansziekte)
genoemd. Er waren steeds minder honden
op straat te zien, vogels vielen uit de lucht en
vissen bleken zo gemuteerd te zijn dat sommige
geboren werden met meerdere koppen.
Het volk werd gealarmeerd en toen mensen

太狸記・十二月号

29

De reden dat dit in het huidige nieuws weer
tevoorschijn komt is dat de nasleep van de
Minamataziekte nog niet geheel is verdwenen.
Eén van de gevolgen is dat zwangere vrouwen,
gedurende de 35 jaar dat de ziekte heerste,
het kwik in hun systeem doorgaven aan hun
nog ongeboren kinderen, waarbij de vrouw
dus in gezonde conditie verbleef terwijl het
kind geboren werd met mankementen. Ook
in 2013 zijn er dus nog mensen die zwaar
aangetast zijn door de kwikvergiftiging. Naast
lichamelijk leed, ondergingen veel van deze
mensen ook emotioneel leed, omdat zij in deze
lange periode werden buitengesloten van de
samenleving.
Met deze gedachten heeft de Verenigde Naties
besloten om herhaling van een dergelijke
ramp te voorkomen door het voorstellen
van een kwikverdrag, dat later te boek zou
staan als het Minamataverdrag. Met dit
verdrag wil de VN onder andere de volgende
doelstellingen verwezenlijken: het voorkomen
van kwikvergiftiging zoals de ziekte van
Minamata; het verbieden van het produceren
van ethanal door middel van kwik voor 2018;
het verminderen van de internationale handel
van kwik, wat gevolgd wordt door minder
import en export; het verbieden van de

productie van batterijen en ander apparatuur
dat kwik bevat voor 2020; het verminderen van
kwikuitstoot en het gebruik in het algemeen.
Om deze vreselijke ziekte te herdenken
kwamen Keizer Akihito en Keizerin Michiko
op bezoek in Kumamoto. De laatste keer dat
ze Kumamoto bezochten, bleek al meer dan
veertien jaar geleden te zijn. Op de eerste
dag bezocht het keizerlijk paar voor het eerst
het monument voor de overledenen van de
Minamataziekte, gepaard met een bloemetje
en gesprekken met slachtoffers die vandaag
de dag nog steeds zijn besmet met kwik. Na
een buiging bij het monument vertrok het
paar naar het Minamataziekte Museum, waar
verhalen werden verteld over de slachtoffers
die het erg te vertoeven hadden voordat de
ziekte (h)erkend werd.
Aan het einde van de reis van de keizer en de
keizerin werden zij op komische wijze begroet
door Kumamon, de populaire mascotte van
Kumamoto. Toen de Keizerin aan de zwarte
beer vroeg of hij single was, antwoordde
de gouverneur van Kumamoto: “Om
kinderdromen niet te verpesten: Kumamon is
gewoon Kumamon”. Met deze woorden was
de reis van het paar ten einde, maar het zal
nog lang duren voordat het verhaal omtrent
de Minamataziekte werkelijk zal eindigen.
Stephan Jonkers

30

太狸記・十二月号

De veertiende & liefde

Er zijn maar weinig landen die zoveel
feestdagen hebben gerelateerd aan en
gebaseerd op de liefde als Zuid-Korea. Elke
veertiende dag van de maand is er in Korea
namelijk een feestdag gericht op koppels en
deze dagen hebben allemaal een eigen thema.

iets anders: alleen meisjes geven chocolaatjes
of cadeautjes aan de jongens op wie ze verliefd
op zijn of die belangrijk zijn in hun leven. Deze
chocolaatjes zijn vaak zelf gemaakt. De jongen
kan meteen zeggen of het gevoel wederzijds is,
of er een maand over nadenken.

Januari Dagboekdag/Kaarsdag
Deze dag wordt gevierd door zowel koppels
als vrienden, die elkaar een blanco dagboek
geven. Verjaardagen, jubilea en andere speciale
momenten worden bijgehouden in deze
dagboeken. Met jubilea wordt een bepaalde
dag gevierd. Niet een maand, een half jaar of
een jaar zoals we dat in Nederland gewend
zijn, maar het aantal dagen. De honderdste
dag is bijvoorbeeld een jubileum. Elke
volgende honderdste dag is dan ook weer
belangrijk. Koreaanse bedrijven hebben zelfs
apps ontwikkeld voor koppels om jubilea,
verjaardagen en speciale momenten bij te
houden.

Maart Witte dag
Witte dag is de dag voor Koreaanse jongens om
de gevoelens van het meisje te beantwoorden.
Volgens een gebruik moet de jongen iets
geven dat drie keer zoveel waard is als wat hij
de maand daarvoor heeft ontvangen. Witte
rozen, witte chocolade, wit snoepgoed, zolang
het maar wit is.

In sommige delen van het land worden echter
kaarsen gegeven in plaats van dagboeken.
Deze kaarsen zijn vaak speciaal versierd voor
de ander.
Februari Valentijnsdag
Deze dag lijkt qua viering op Valentijnsdag
zoals we die in Nederland kennen, maar is net

April Zwarte dag
In de cultuur van Korea is het gebruikelijk
om vroeg te trouwen en staat er dus veel druk
op jonge mensen om een partner te vinden.
Zoveel druk dat koppels die langere tijd samen
zijn continu wordt gevraagd wanneer ze van
plan zijn te trouwen. Als je geen partner hebt,
is dat iets om over te treuren. Zo erg dat het een
eigen feestdag heeft.
Zwarte dag is de dag dat vrijgezellen
jjajangmyeon gaan eten, een zwarte bonenpasta gerecht dat een fusie is van de Chinese en
Koreaanse keuken, en wensen dat ze iemand
zullen ontmoeten. Ondanks de schaamte die

太狸記・十二月号

31

rust op het vrijgezel zijn, maken sommige
mensen hier een groot feest van en verzamelen
zich in grote groepen om samen jjajangmyeon
te eten. Het idee hierachter is dat iemand die
vrijgezel is zo anderen kan ontmoeten die
ook vrijgezel zijn, zodat ze voor de volgende
koppelfeestdag niet meer eenzaam zijn.

fotohokjes en maken foto’s met en voor elkaar.
In Korea is de karaokecultuur heel groot. Dit
uit zich in noraebang’s (let: ‘liedkamer’) waar
mensen geregeld te diep in hun glazen kijken
en tot zes uur ’s ochtends doorgaan met
zingen. Dit gebeurt overigens niet alleen op
deze feestdag.

Mei Gele dag/ Rozendag
De bedoeling van Gele dag of Rozendag is
vrij makkelijk uit te leggen aan de hand van de
naam. Koppels kleden zich in het geel en geven
elkaar rozen. Voor mensen die nog steeds
eenzaam zijn of eenzaam zijn geworden,
is dit een dag om gele curry te eten en het
liefdesleven pit te geven.

Oktober Wijndag
Een dag om een glas of een fles wijn te delen
met je geliefde, gedurende een romantisch
diner onder de sterren. Natuurlijk gebruiken
mensen die vrijgezel zijn de wijn ergens anders
voor.

Juni Kusdag
Ook een dag die redelijk voor zich spreekt.
Het is traditioneel gezien een dag waarop
je met een kus je gevoelens voor iemand kan
opbiechten. Zelfs van deze feestdag weten
Koreaanse bedrijven winst te maken door
speciale aanbiedingen op bepaalde producten,
van lippenstift tot kauwgom. Liefde is heel
winstgevend.
Juli Zilverdag
Zilverdag is een dag voor koppels om zilveren
ringen uit te wisselen en trouwplannen te
bespreken. Deze zilveren ringen worden
belofteringen genoemd. Ze zijn niet hetzelfde
als verlovingsringen maar symboliseren wel
de belofte om te gaan trouwen. Wanneer een
koppel nog niet lang genoeg bij elkaar is om
te trouwen, is het een dag om elkaar aan de
ouders voor te stellen.
Augustus Groene dag
Groene dag is de dag om soju, Koreaanse
alcohol op rijstbasis, die qua smaak
vergelijkbaar is met vodka, te drinken en een
romantische wandeling te maken in het park.
De dag heet Groene dag omdat soju in een
groene fles wordt verkocht.

November Filmdag
Net als de noraebang’s zijn er ook DVD bang’s.
Vrienden kunnen voor een paar uur een DVD
bang huren om een film te kijken. Op deze dag
doen koppels dit ook veel, hoewel ze ook naar
bioscopen gaan. DVD bang’s geven koppels
echter wat meer privacy. Het is ook goedkoper
dan een nacht naar een love hotel gaan.
December Knuffeldag
Korea is een conservatief land wat betreft
openlijk vertoon van affectie . Menig kijker
van k-drama’s zal dit hebben gezien: de muziek
gaat sneller en harder spelen, een zanger begint
een dramatische ballade op de achtergrond
en het enige wat de hoofdpersonen op het
moment supreme doen, is elkaar een knuffel
geven. Knuffels in het openbaar zijn natuurlijk
niet zo onorthodox als zoenen in het openbaar,
maar het blijft een vrij grote stap om iemand
publiekelijk zo aan te raken. Niet geheel
toevallig is dit de minst winstgevende van alle
koppelfeestdagen. Winnifred Gelderman

September Muziekdag/ Fotodag
Er zijn tegenwoordig minder fotohokjes op de
straat dan een paar jaar geleden, maar ze zijn
nog steeds in trek. Koppels gaan naar deze

32

太狸記・十二月号

Failan

Aangezien de film Oldboy bij menigeen bekend
is, kennen veel mensen ook hoofdrolspeler
Choi Min-sik. Andere bekende films waarin
hij acteerde zijn I Saw The Devil (2010) en
Crying Fist (2005). We kennen hem vooral als
een ruig, lomp en genadeloos figuur. Daarom
is het een beetje vreemd om hem in Song Haesung’s Failan (2001) tegen te komen: een film
bestempeld als romantisch drama. Al snel
wordt (gelukkig?) duidelijk dat hij ook in deze
film hetzelfde type speelt. Hij is Kang-jae,
een laag-bij-de-grondse gangster die worstelt
om te overleven. Een vriend vertelt hem over
een manier om snel en gemakkelijk aan veel
geld te komen. Door op papier te trouwen
met een immigrante kan hij een flink bedrag
ontvangen. Het enige dat hij hoeft te doen is
een paar handtekeningen te zetten; hij hoeft
de persoon in kwestie niet eens te ontmoeten.
Dit klinkt perfect voor Kang-jae die nergens
echt om geeft behalve drank en makkelijke
vrouwen.
Scènes van Kang-jae worden afgewisseld met
scènes van een jongedame genaamd Failan.
Zij wordt vertolkt door Cecilia Cheung, een
steractrice uit Hong Kong die je misschien wel
kent van Chen Kaige’s The Promise (2005).
Failan heeft haar ouders verloren en trekt
naar Korea om haar overgebleven familie op
te zoeken. Deze familie is jammer genoeg
onvindbaar en alles zit haar tegen. Ze heeft
in Hong Kong echter niets om naar terug te
keren en wil in Korea blijven. Aangezien ze de
taal niet spreekt en ook geen echte bijzondere

vaardigheden heeft, is ze vrij kansloos en
uit wanhoop sluit ze een deal om op papier
te trouwen met een onbekende om een
verblijfsvergunning te krijgen.
Zo eindigen deze twee verloren zielen dus
getrouwd, zonder elkaar ooit ontmoet te
hebben. Kang-jae gaat vervolgens gewoon
verder met zijn leven en lijkt al direct te zijn
vergeten wat hij gedaan heeft. Hij verspilt
zijn geld uiteraard weer net zo snel als hij
het binnen kreeg. Failan vindt een plekje als
huishoudster maar gaat een eenzaam leven van
eindeloos hard werk tegemoet. Ze maakt met
niemand een connectie en is eigenlijk volledig
miserabel. De enige houvast die ze heeft is
een enkele foto van haar ‘man’ die ze heeft
gekregen. Ze schrijft brieven aan hem gericht
en droomt ervan hem ooit te ontmoeten. Dit is
het enige dat ze kan doen, want ze weet verder
totaal niet wie hij is en waar hij is. Zelfs al wist
ze dit, dan zou het alsnog bijna onmogelijk zijn
om hem te bereiken.
Op een gegeven moment gebeurt er echter
iets in Kang-jae’s leven waardoor hij weer
terugdenkt aan die ene willekeurige dame
met wie hij getrouwd is. Ik zal niet meer
vertellen, maar het laatste deel van de film is
ijzersterk. Qua acteerwerk verdienen beide
hoofdrolspelers in ieder geval eindeloze lof.
Deze film is een verborgen meesterwerk,
dus zet hem bovenaan je lijst voor wanneer
je in de stemming bent voor een ontroerend
romantisch drama! Nick Sint Nicolaas

太狸記・十二月号

33

Tales of Xillia

In het genre van de Japanse rollenspellen zijn
het hoofdzakelijk Pokémon, Final Fantasy en
Dra qon Quest die de dienst uitmaken in het
land van de rijzende zon – qua verkoopaantallen
in ieder geval. Desalniettemin weet ook de
Tales-reeks een aanzienlijke rol te spelen in
het gamelandschap van Japan, want hoewel
de serie slechts een niche is in het Westen,
wordt elk deel stevig omarmt in diens land van
herkomst. Het jaarlijkse Tales of Festival en
prominente populariteitspolls voor personages
van de serie geven een indruk van de faam die
het spel geniet in Japan. Dit zegt echter niets
over de kwaliteit van de games. De spellen zijn
over het algemeen dan wel goed, er is zeker een
probleem waar te nemen.
De Tales-reeks heeft namelijk last van
stagnatie. Een vermakelijk vechtsysteem,
kleurrijke graphics en een interessant plot,
waarbij ditmaal een focus wordt gelegd op de
balans tussen geesten en mensen, kenmerken
Tales of Xillia, maar een veelvoud aan ietwat
clichématige personages zijn ook eigen aan
dit deel van de reeks. Bovendien weet de
game op weinig fronten écht te verrassen en
te imponeren, wat met name komt door het
hoge niveau van voorgangers zoals Tales of
Symphonia. Kleine aanpassingen zijn dan wel
doorgevoerd om het geheel fris te houden,
maar in het geval van Tales of Xillia weten deze
helaas niet allemaal te overtuigen.

34

Het spel laat je als vanouds weer in real-time
aan de slag gaan met de gevechten, waardoor
je niet op de beurt van je tegenstander hoeft te
wachten. Goed spelen wordt echter niet echt
beloond (zoals het geval was in Tales of Graces)
waardoor de nood om je best te doen niet al te
groot is. Een nieuw systeem, waarin je te allen
tijde kunt kiezen om samen met je metgezellen
bepaalde tegenstanders aan te vallen, werkt,
maar is te effectief om het vechten echt
uitdagend te maken. Ontwikkelaar Namco
Bandai heeft ervoor gekozen Tales of Xillia
meer te stroomlijnen, maar dit gaat ten koste
van de diepgang.
In de eerste editie van de TaTanukiKi van vorig
jaar behandelde ik Tales of Graces f en noemde
die game eentje die “boeit, maar je ook nog
eens lang bijblijft”. Hetzelfde kan helaas niet
volmondig gezegd worden van het volgende
spel binnen de reeks. Tales of Xillia is op zich
een solide RPG, maar eentje die nergens
daadwerkelijk in excelleert. Het directe
vervolg, Tales of Xillia 2, staat alweer gepland
voor een westerse release in 2014. Hopelijk
weet deze game toch wat meer te verrassen.
Wester Wagenaar

Tales of Xillia is op 9 augustus verschenen
voor de PlayStation 3.

太狸記・十二月号

Camera Japan 2013
Eind september vond de achtste editie van het
Camera Japan filmfestival plaats. Het is al weer
eventjes geleden en in de vorige TatanukiKi
werd Kitano’s ‘Outrage: Beyond’ al uitvoerig
besproken, maar het festival had uiteraard
nog veel meer te bieden. Bij dezen dus nog in
het kort een paar van de andere toppers die
vertoond werden!
Shield of Straw (2013)
‘藁の楯: wara no tate’ (Shield of Straw)
vormt de nieuwe productie van veelfilmer
Miike Takashi. Dit is een erg mainstream-film
geworden: geen gore of andere rariteiten,
gewoon een ijzersterke thriller. Een crimineel
is veroordeeld tot het vermoorden van een
klein meisje en de rijke opa van het meisje heeft
een gigantische beloning op het hoofd van de
misdadiger gezet. Deze moet vervoerd worden
van de ene naar de andere kant van Japan en
omdat nagenoeg iedereen uit is op de beloning,
kan niemand vertrouwd worden. Het speciale
team dat hem moet vervoeren loopt dan ook
tegen obstakel na obstakel aan, waardoor je op
een gegeven moment tegen de morele kwestie
aanloopt of het wel de excessieve moeite waard
is om een crimineel te beschermen met je
leven. Af en toe is het alsnog wel wat over-thetop misschien, maar dit is het soort film dat ik
iedereen kan aanraden.
Evangelion: 3.0
You Can (Not) Redo (2012)
Ik ben een groot liefhebber van de Evangelionserie en ik heb genoten van de eerste twee
delen van de reboot, waar ze langzaamaan
een andere kant op gingen met het originele
verhaal. Dit derde deel vormde alleen een
SHOCK. Ik zal niets verklappen, maar al vroeg
in de film vinden er enorme veranderingen
plaats die niemand zal hebben zien aankomen.
Ik heb de film dan ook twee keer moeten kijken
voordat ik het echt kon verteren. Deze film
heeft de fans onderling verdeeld: of je gaat het
haten, of je leert het waarderen. Als je fan van
de franchise bent moet je het zeker een kans
geven, maar bij dezen de waarschuwing: wees

voorbereid en open-minded.
I’m Flash (2012)
Regisseur Toyoda Toshiaki is er wederom
in geslaagd een erg originele en frisse film
te maken, maar meer dan dat is de vorm van
I’m Flash fantastisch. Deze film over een
jonge cultleider op een tropisch eiland is een
feest voor je zintuigen; zowel de beelden als
de muziek zijn subliem. Daarnaast zijn de
personages erg interessant en goed ingevuld
door respectievelijk Fujiwara Tatsuya en
Matsuda Ryuuhei, twee van Japan’s sterkste
acteurs van het moment.
Bad Film (1995)
Na meer dan vijftien jaar vond Sono Shion
eindelijk tijd om de meer dan 150 uur aan
beeldmateriaal die hij geschoten had voor deze
film te verknippen naar een speelfilm van 161
minuten. Het is een maffe comedy geworden,
die erg leuk had kunnen zijn als hij de
speelduur nog eens had gehalveerd. Hilarische
momenten hier en daar, maar hij duurt veel te
lang en is niet de moeite waard tenzij je per se
Sono’s volledige oeuvre gezien wilt hebben.
Nick Sint Nicolaas

太狸記・十二月号

35

Van platteland naar podium

Het was 2011. Ik had er ondertussen alweer
twee jaar studeren opzitten. In die tijd maakte
ik me de kunst van het op jezelf wonen (en
dat overleven) eigen, had ik de gekste feestjes
meegemaakt, waarbij mijn passie voor
verkleden uit de klauwen is gelopen, en kwam
ik erachter dat ik niet de enige ben die nog
steeds Pokémon speelt. Voor een geboren en
getogen Almeloër voor wie het al een hele stap
is om de stadsgrens over te gaan, is er in Leiden
een complete wereld voor me geopend en heb
ik grenzen verlegd waarvan ik niet wist dat ze te
verleggen waren. Toch was ik diep van binnen
nog steeds die enigszins verlegen, onzekere
boerenjongen gebleven die het platteland had
ingeruild voor de grote Randstad.
In de zomer van datzelfde jaar kwam ik tijdens
de Japanmarkt in aanraking met een dansgroep.
Deze groep zou meer impact op me hebben
dan ik me op dat moment kon voorstellen.
De grootse bewegingen, het luide geschreeuw
en de energie die gepaard ging met brede
glimlachen trokken mijn aandacht. Toen ik bij
de start van het nieuwe collegejaar gevraagd
werd of ik een keertje mee wilde doen, kon ik
dat natuurlijk niet afslaan. Sindsdien ben ik
niet meer opgehouden met dansen.

36

Deze dans betreft yosakoi. Als Japanoloog
of Koreanist ben je mogelijk al bekend met
yosakoi of onze dansgroep Raiden – we zijn
immers een actief onderdeel van Tanuki. Ik kan
je vertellen dat dit twee jaar geleden nog totaal
niet het geval was. Raiden was vele malen
kleiner dan tegenwoordig en er waren maar
weinig mensen die überhaupt van de dansstijl
gehoord hadden. Een kort geschiedenislesje
voor de mensen die, net zoals ik toen, geen
flauw idee hebben waar het nou eigenlijk over
gaat.
Yosakoi is een dansstijl die in de jaren ‘50 in de
stad Kouchi is ontstaan. Het is een moderne
vertolking van de Awa odori, die weer nauw
verband houdt met de Bon odori: traditionele
dansen die uitgevoerd worden tijdens Obon,
het Boeddhistische feest voor de doden.
Yosakoi heeft zich niet laten binden door oude
tradities en is ontwikkeld tot een volledig
nieuwe en uiteenlopende stijl. Echt vaste regels
zijn er niet: teams kunnen bestaan uit een
paar man of een leger van honderd, er is geen
leeftijdsrestrictie, dansen variëren van elegant
tot kung-fu-achtig, de muziek kan klassiek
Japans, enka, kinderliedjes en alles ertussenin
zijn en de kleding kan bestaan uit een yukata of

太狸記・十二月号

zelfs cheerleaderpakjes. Het lijkt allemaal niet
uit te maken, maar toch zijn er vaste elementen
die een dans tot yosakoi maken.
Hoewel er teams zijn die props gebruiken
als vlaggen, parasols, waaiers en drums en er
teams zijn die daar niet voor kiezen, bezitten ze
allemaal over één paar instrumenten. Dit zijn
naruko, oftewel houten klappertjes. Tijdens
het dansen wordt er dus niet alleen gezongen
of geschreeuwd, maar ook lekker geklepperd.
Naast dat de teams vaak jaarlijks een eigen
dans choreograferen, bestaan er ook sou odori:
dansen die elk team eigenlijk wel kent en dus
ook samen kan dansen. Ten slotte komen een
aantal kreten en teksten terug in verschillende
nummers, die de “yosakoiheid” versterken.
Waarschijnlijk de bekendste dans is de souran
bushi, gebaseerd op de gelijknamige shanty
die al van oudsher door vissers in Hokkaido
bezongen wordt. De dansbewegingen beelden
elementen uit het dagelijkse vissersleven uit,
zoals de golvende zee, het binnenhalen van
netten, het duwen van de boot en het oppakken
van gigantische vissen. Ook de kramp en
spierpijn na zo’n lange dag vissen wordt na het
dansen vaak ervaren.
Van de vissersdans terug naar ons kikkerlandje:
ondertussen zit Raiden alweer in zijn vierde
bestaansjaar en heb ik het grootste deel van
de ontwikkeling mogen meemaken. Ooit was
het een handjevol mensen dat het bestaan van
yosakoi probeerde te verspreiden. Nu zijn we
een team dat zo groot is dat we met z’n allen
nog net in de danszaal passen. Bovendien
hebben we onze eigen dansen, zelfontworpen
kleding en verschillende divisies binnen het
team die alles als een geoliede machine laten
lopen. We hebben een Facebook-pagina en ook
op de website van Tanuki zullen we binnenkort
verschijnen. In twee jaar tijd is Raiden in en
rond het Arsenaal een bekende term geworden
en zelfs onder de docenten hebben we fans,
meedansend en wel!

van dit artikel staat voor ons denk ik wel het
meest belangrijke optreden tot nu toe in de
planning: het dansen van de souran bushi voor
de president van de universiteit van Nagasaki!
Voor veel sempai van Raiden wordt dit extra
bijzonder, omdat ze een jaar in Nagasaki
hebben gestudeerd en ook bij het yosakoiteam van de universiteit, onze zustergroep
Toppuu, hebben gezeten. Ook voor de rest
van ons is het spannend, want het is toch een
moment waarop jezelf de band tussen Japan en
Nederland helpt versterken.
De verlegen boerenjongen van een paar jaar
terug had dit denk ik nooit gedurfd. Door
mijn ervaringen bij Raiden ben ik dusdanig
gegroeid dat ik mijn grenzen wéér een stuk
verder heb kunnen leggen. Immers, nadat ik
voor honderden mensen met mijn kruis heb
lopen draaien en thrusten (ik verzin dit niet,
dit is echt een yosakoi-beweging), hoe kan ik
nog over enige schaamte beschikken? Nee, op
zulke momenten denk ik niet of ik voor lul sta
of hoe erg ik die mevrouw tegenover me aan het
choqueren ben, maar hoe we dit met z’n állen
aan het doen zijn. Het is geweldig om samen
de teamspirit al dansend en schreeuwend
kenbaar te maken – soms voelt het alsof
we in een prettig gestoorde familie zitten!
Gydo Ulenreef

Ondertussen hebben we al op vele Japangerelateerde evenementen in Nederland
mogen optreden. Ten tijde van het schrijven

太狸記・十二月号

37

Lichting 2013-2014. Aangenaam!

Het schooljaar is inmiddels ongeveer twee
maanden bezig en de midterms zijn alweer
achter de rug. Liggen de eerstejaars inmiddels
allemaal in bed te huilen en spijt te hebben dat
ze Japanstudies en/of Koreastudies zijn gaan
studeren?

begon er behoorlijk wat stress op te komen
omdat niemand precies wist wat er van hen
verwacht werd, maar uiteindelijk is het voor
de meeste mensen meegevallen. Dit neemt
natuurlijk niet weg dat iedereen blij is dat dat
nu achter de rug is!

De eerste indruk van de eerstejaars is erg goed..
Velen doen hun best met de studie, sommigen
zul je ook op elk Tanuki-evenement aantreffen.
Op het eerstejaarskamp was al duidelijk
geworden dat er heel wat wordt afgedronken
onder de eerstejaars. Een groot deel van de
lichting heeft zijn plaats al gevonden in het
Arsenaal en er is veel contact tussen eerste- en
ouderejaars.

Inmiddels zijn er veel vriendschappen
ontstaan. Het is geweldig om samen te zijn
met mensen die dezelfde interesses hebben als
jijzelf. Ineens speel je samen met anderen
Yu-Gi-Oh! of Pokémon in tussenuren of praat
je over manga, anime en games. Natuurlijk kan
je tijdens tussenuren ook gezellig praten over
wat dan ook met wie dan ook, terwijl er ergens
een open tekstboek in de buurt ligt. Toch moet
er van tijd tot tijd echt gestudeerd worden.

Niet elk vak is even leuk. Bij bepaalde vakken
is de ene helft van de zaal bezig de WhatsAppgroep compleet vol te spammen, terwijl de
andere helft van de zaal wat slaap inhaalt.
Natuurlijk zijn er ook goede studenten die
aantekeningen maken, maar die zijn zeker niet
in de meerderheid.
Het is best lastig om bij te blijven. Wanneer
je denkt dat je al druk bent en even niet
oplet, heb je ineens twee keer zo veel te
doen. Hard werken is voor veel mensen het
enige antwoord. Zo is een groot deel van de
eerstejaars waar het allemaal mee begon nog
hier en nog steeds gemotiveerd om door te
gaan. Toen de midterms in zicht kwamen,

38

Een groot deel van de eerstejaars is lid van
Tanuki, sommigen zijn zelfs bij een commissie
gegaan. Over het algemeen zijn ze betrokken
bij wat er georganiseerd wordt, en zijn ze er
tevreden mee.
De tijd van verdwaald op zoek naar het
goede lokaal rondlopen is inmiddels zo goed
als voorbij (ook al is verdwalen op uSis nog
erg makkelijk); het leven als Japanoloog of
Koreanist went snel. Al met al is lichting 20132014 een gezellige groep mensen die tot nu
toe geen behoefte hebben om het op te geven!
Dorien Heerink

太狸記・十二月号

Leidse sushi op de proef gesteld
“Ik lust geen sushi.”
Te vaak hoor ik mensen dit zinnetje, dat
mijn oren doet bloeden, uitspreken. Hoe
is het mogelijk om niet van sushi, intense
gelukzaligheid in de vorm van voedsel, te
houden? Ja ja, er zullen vast mensen zijn die
sushi echt niet kunnen waarderen. Toch ben
ik overtuigd dat een groot deel van de mensen
die beweren geen sushi te lusten, simpelweg
nog nooit goede sushi geproefd heeft. Dat is
niet vreemd, want goede sushi is schaars in
Nederland – en bovendien vaak duur.
Dus kwam ik tot het besluit mij op te offeren
– het was een zware taak, maar iemand moest
het doen – en het aanbod van sushi in Leiden
eens op de proef te stellen. Ik heb zes van de
bekendste restaurants bezocht om hun sushi te
beoordelen.
Shabu Shabu
Iedereen gaat vroeg of laat wel eens naar de
Shabu Shabu. Niet vanwege de geweldige
kwaliteit, maar omdat het een fijn idee is om
een vast bedrag te betalen om onbeperkt te
kunnen eten. Jammer genoeg resulteert dit
vaak in buikpijn, de daarop volgende spijt
en alsnog een vrij prijzige rekening (vergeet
de drankjes niet). Het restaurant heeft zeker
een aantal smakelijke gerechten te bieden,
maar echte kwaliteit en de Japanse smaken
ontbreken vaak.
Wie echt voor de sushi gaat, zal voor hetzelfde
bedrag (ongeveer 30 euro per persoon) of

Shabu Shabu

minder zich prima vol kunnen eten door ergens
sushi à la carte te bestellen. Bovendien is die
sushi bijna altijd van betere kwaliteit (sorry
Shabu, maar je vis schreeuwt ‘diepvries’). Toch
blijft dit restaurant een fijne uitkomst voor
grote groepen, voor mensen die naast de sushi
ook veel van de warme gerechten willen eten
en voor mensen wiens maag een bodemloze
put is.
Sushi cijfer: 5
Tip: Aikamo (eendenborst) en Usuyaki
(beefrolletjes).
Genji
Deze nieuwe tent bij het station lijkt te bruisen
van vertrouwen om de strijd met Shabu Shabu
aan te gaan: we hebben er een all-you-can-eat
sushirestaurant bij. De locatie biedt een mooi
uitzicht op het busstation van Leiden Centraal,
het is een waar genot om mensen te zien
rennen voor hun bus en hem net te missen.
Maar daar gaat het niet om. De kaart toont
een bescheiden en beperkt aanbod aan sushi
en warme gerechten, een uitnodiging om eens
alles uit te proberen.
De sushi bij Genji is beduidend beter dan
die van de Shabu; de vis-rijstverhoudingen
kloppen, de vis smaakt vers en de rijst is prima.
De ene sushi is beter dan de ander. De paling
laat te wensen over en de makreel is ook niet
geweldig. De zalm, tonijn en verschillende
uramaki zijn daarentegen zeker niet slecht.
Neem dan ook genoegen met die smakelijke
sushi en stap niet over naar de warme
gerechten, aangezien deze teleurstellend zijn
en het bij lange na niet halen bij de Shabu
Shabu of de andere restaurants.
Sushi cijfer: 7
Tip: Flamed sake, crispy uramaki voor de
vegetariërs
Sushi Bento
Het is een onopvallend restaurantje in de
Haarlemmerstraat, waar slechts plaats is voor

太狸記・十二月号

39

een stuk of tien man. Als je met meer dan vier
personen bent, kan je het eigenlijk al vergeten
(of overstappen op afhaal). Voor een diner
voor twee is het daarentegen wel een schattige
locatie. De prijzen kunnen ermee door: voor
het bedrag dat je gewoonlijk aan de Shabu
Shabu kwijt bent, kan de grootste veelvraat
zich hier tegoed doen. De mensen met een
wat kleinere maag zullen voor twintig euro
inclusief drank totaal verzadigd zijn.

Sushi Bento
De serveerder is een ontzettend aardige man,
die er wel van houdt om een gezellig praatje
met zijn klanten te houden. De chef bevindt
zich stilletjes achter de toonbank waar de
verse vis tentoongesteld staat. Daar maakt hij
ter plekke de sushi klaar die besteld wordt:
verser kan niet! Sneller wel; het duurt gerust
een half uur of langer voordat de bestelde
sushi wordt opgediend. Deze afweging moet
ieder natuurlijk voor zichzelf maken, maar
persoonlijk plaats ik kwaliteit toch absoluut
boven snelheid.
Sushi cijfer: 8
Tip: Voor wie van pittig houdt: spicy zalm/
tonijn roll, drink een koud (Asahi) biertje
terwijl je op je bestelling wacht
Tokyo Kitchen
Deze zaak is enkel bedoeld voor afhaal
(een tafel en stoelen zouden er ook niet in
passen). De vriendelijke, Japanse(!) eigenaar
maakt authentiek smakende sushi – voor
zover dat kan met de ingrediënten die in
Nederland tot zijn beschikking staan. Er
staan een aantalklaargemaakte dozen in de
koelkast, maar je kan ook je eigen menu laten
samenstellen. Het duurt dan even voordat

40

je maaltijd klaar is, maar deze sushi is het
wachten zeker waard.
Als je sushi laat bezorgen (via thuisbezorgd.
nl of justeat.nl; gratis verzendkosten), bestel
dan om zeker te zijn een uur voordat je wil
eten. Op de site wordt zelfs gevraagd om een
dag van tevoren te bestellen, zodat de vis vers
kan worden ingekocht: ‘Always we buy fresh
fishes jump and kick!!’. Verder staat op de site
van Tokyo Kitchen, onder het kopje ‘news’,
zo nu en dan een speciaal gerecht dat op een
bepaalde dag verkocht wordt, zoals Japanse
curry of okonomiyaki. Houd de site dus in de
gaten.
Los van de schattige, typisch Japanse indruk
van het restaurant (de inrichting, het Engrish
op de site, de zelfgebakken matchakoekjes die
op de toonbank liggen, spreekt deze plek me zo
aan vanwege de rijst. Hoewel vrijwel alle sushi
in Nederland onderdoet aan die in Japan, weet
de chef toch zijn rijst op smaak te brengen op
een manier die ik niet vaak in Nederland proef.
De verhouding tussen prijs (waarschijnlijk de
goedkoopste van de vijf) en kwaliteit is hier
overduidelijk het gunstigst.

Tokyo Kitchen
Sushi cijfer: 8,5
Tip: Neem als toetje een goddelijk matcha-ijsje
voor slechts twee euro!
Yuki
Deze pas geopende zaak op de Breestraat
schept hoge verwachtingen door zich te
presenteren als ‘de enige sushichef met
ervaring in een 3 sterrenzaak’. Vanaf tien euro

太狸記・十二月号

is het mogelijk te bestellen via thuisbezorgd.nl
zonder dat daar verzendkosten bijkomen. De
namen van de gerechten, zoals ‘A date with
chicken’, ‘Cows in the sun’ en ‘Tuna that got
away from being put in sushi or sashimi’,

onderscheiden van het Chinese restaurant dat
ernaast gevestigd is en ook de inrichting straalt
weinig Japansheid uit. De Chinese eigenaren
hebben het weliswaar geprobeerd, door wat
Japanse posters en artefacten door de ruimte
te verspreiden, maar de ruimte komt weinig
Japans en evenmin gezellig over. Het lijkt in
eerste instantie een sfeerloze versie van de
Sushi Bento: een kleine ruimte met een aantal
zitplaatsen en een toonbank, waar de vis staat
tentoongesteld, met daarachter een sushichef.
De kaart toont een lijst van de gebruikelijke
nigiri’s, maki’s en (warme) bijgerechten, niets
meer en niets minder. Wie bijzondere creaties
of originele namen tegen wil komen, is hier
aan het foute adres. Ook – laten we er maar
niet omheen draaien – is de sushi prijzig. Toch
haak ik nog niet af, want ook dure, simpele
sushi kan goddelijk zijn. Helaas blijkt dit niet
het geval.

Yuki
zijn uitnodigend en er zitten een aantal
innovatieve creaties tussen. Voor dertig euro
kan voldoende sushi – plus een portie sashimi
– besteld worden om twee hongerige magen te
vullen.
Een kwartier na het bestellen, staat de bezorger
voor de deur. Dat is snel. Al gauw blijkt hoe dit
kan: de sushi lijkt uit de koelkast gekomen te
zijn. Het smaakt allemaal prima, maar zeker
niet 3 sterren-waardig. Hoewel er met verse
ingrediënten wordt gewerkt en de vis (vooral
de zalm) erg goed smaakt, laat de smaak van de
rijst te wensen over. Bovendien is de sashimi
meer steak dan sashimi; de stukken vis zijn
zeker twee centimeter breed. Eindoordeel:
originele gerechten en kwalitatief niet heel
slecht, maar zeker niet zo goed als de site deed
vermoeden.
Sushi cijfer: 7
Tip: Alle sushi met zalm en de Japanse
frisdranken, zoals Melon Soda, die als drankje
te bestellen zijn.
Ichiban
Ichiban is een à la carte sushirestaurant, gelegen
aan de Beestenmarkt. De zaak is amper te

Wanneer de sushi op tafel wordt gezet, merk
ik al direct een punt van kritiek op: het visrijstratio dunkt me niet. Bij een goede sushi
omarmt een flinke lap vis een bescheiden
balletje rijst, maar bij deze sushi (zoals tot mijn
spijt vaak het geval is bij sushi in Nederland) is
de rijst de overheersende factor. Dit is jammer,
want de vis smaakt best aardig, terwijl de rijst
(kritiekpunt twee) dat absoluut niet doet. De
prijs-kwaliteitverhouding van Ichiban is dus

Ichiban
op zijn zachtst gezegd niet opperbest.
Sushi cijfer: 6, maar alleen voor de vis
Tip: Neem sashimi in plaats van sushi of – nog
beter – loop gewoon in vijf minuten naar de
Sushi Bento. Myrthe Prins

太狸記・十二月号

41

Ask Anky

Ask Anky is een adviescolumn speciaal voor de problemen van
Japanologen en Koreanisten. Heb je een probleem waarover je niet kunt
of durft te schrijven naar een algemeen adviescolumn, schrijf dan naar
journal@tanuki.nl met als onderwerp “Ask Anky”, of leg je brief in het
postvakje van Tanuki. Hier zal door een deskundige antwoord worden
gegeven op al je vragen. Schaam je niet en mail vandaag nog.
Lieve Anky,

Beste Anky,

Ik ben laatst naar een animeconventie
gegaan en daar ontmoette ik een leuke
jongen die een spijkerbroek, een shirt en
schoenen droeg. Weet jij misschien als
welk personage hij zich verkleedde?

Ik ben begonnen met Koreastudies in de
veronderstelling een echte Koreaan te
worden. Vergoedt de Universiteit Leiden
ook de plastische chirurgie?

Groetjes,

Je bent een schat,
SuperSenior

mangagirlsparklesparkle

Lieve SuperSenior,
Beste mangagirlsparklesparkle,
Ik vrees dat ik de boodschapper moet zijn
van slecht nieuws, maar volgens mij is die
jongen niet verkleed als een personage uit
een anime. Volgens mij is dat die ene uit die
ene band uit dat ene land. Maar om nog
maar wat roet in het eten te gooien is hij
volgens mij niet eens een hij, maar een zij!
Het is toch algemene kennis dat alle jongens
in boyband eigenlijk meisjes zijn?
Ik hoop hiermee een duidelijk beeld te
hebben geschept voor je,
Anky.

Laat ik je eerst feliciteren met het vinden
van je roeping: een van de vele Koreanen
worden! Dat je gelijk hebt besloten om
een mooie te worden is alleen maar
beter, want dan kan alle chirurgie tegelijk
gebeuren en krijg je wellicht korting. Verder
zou ik niet gelijk een antwoord kunnen
geven of je gesubsidieerd zou kunnen
worden door de universiteit van Leiden,
maar het is altijd het proberen waard.
Ik zou beginnen met het mailen van het
secretariaat en de examencommissie, ook
voor als je vrijstelling moet krijgen voor de
aanwezigheidsplicht als je moet herstellen
van de operaties.
Ik zie mezelf eerder als een honingbij, maar
bedanky,
Anky

42

太狸記・十二月号

Ben jij van plan te lunchen in of rond het Arsenaal, pas dan op!
Hier weergegeven staan de pizzadieven van Leiden. Zorg dus dat je te allen
tijden oplettend bent en jouw lunch in de gaten hebt! Je bent gewaarschuwd!

ader

le
Gang

Thomas Z.

Ilse van der P.

注意
Farah N. & Hannah J.

Gise van den W.
& Christiaan R.

Herken jij één of meer van de verdachten? Neem dan z.sm. contact op met de politie!
太狸記・十二月号

43

‘s avonds een man...

...‘s ochtends een man
Een Tanuki-activiteit is géén geldige reden om een college
te skippen, te laat te komen of de kans te missen om 9 uur
‘s ochtends een selfie met Rembrandt te maken!
Wees verstandig! Wees een man!
44

太狸記・十二月号

...of een vrouw.

Collecties
TaTanukiKi