2012-2013 | 2

Object

Titel
2012-2013 | 2
Collegejaar uitgave
2012 – 2013
Nummer
2
extracted text
太狸記

LVSJK Tanuki / 三十年 / 十二月

Colofon
JOURNALCOMMISSIE
Carmen Loh
Wester Wagenaar
Arthur Hinsch
Vincent Pols
Bob Rambonnet
Asor Mustafa
REDACTIELEDEN
Hoofdredactie:
Carmen Loh
Vormgeving:
Carmen Loh
Eindredactie:
Bob Rambonnet
Wester Wagenaar
BESTUUR VAN TANUKI
Praeses:
Robert Beers
Ab-actis:
Annet Zwart
Quaestor:
Mario Keijlard
Hoofdredactrice:
Carmen Loh
Webmaster:
Nikki Doorn
Assessor:
Jan-Willem Slingerland
COMMISSIEVOORZITTERS
Eerstejaarscommissie:
Jan-Willem Slingerland
Feestcommissie:
Thomas Zijtveld
Jaarboekcommissie:
Myrthe Prins
Journalcommissie:
Carmen Loh
Kampcommissie:
Annette van Wanroij
Koreacommissie:
Kayleigh Herbrink
Kunst- en cultuurcommissie:
Koen de Rooij
Reiscommissie:
Robert Beers
RAAD VAN TOEZICHT
Martijn Heule
Yori van Hout
Guan van Zoggel

2

社説
Editorial van de hoofdredactrice
Zo, een tweede TaTanukiKi! Daar zijn jullie toch
hartstikke blij om? Wederom hebben we heel hard
gezwoegd, deze keer gelukkig wel met een uitbreiding
van de redactie. Reeds heb ik nog geen taart
hoeven kopen, daar ben ik wel blij om. Oei oei oei, straks
moet ik meer taart kopen!
In deze journal kun je lezen over robots, Japanse
reclames en hoe Banzai heeft gewonnen van SVS (ik vind
in ieder geval dat we hebben gewonnen). Ook kan ik jullie
blij maken met gratis geld in de vorm van bubble tea!
Hoera, allemaal leuke dingen in deze journal!
Sorry iedereen, maar ik heb niet veel meer te melden.
Het is namelijk weer de tijd van het jaar om in een
grot te kruipen en voorbereidingen te treffen voor alle
herkansingen. Of een winterslaap houden als je geen
herkansingen hebt. Hoezee!
Heb je zelf nog ideeën voor artikelen, mail dan naar
journal@tanuki.nl. Wie weet, misschien beloon ik jou
dan ook met de belofte van taart. - Carmen Loh

太狸記・十二月号

目次
Op de voorkant

Inhoud

Na het beklimmen van de ‘Hollandse
TANUKI SHINBUN
helling’, een bezoek aan Deshima en een Journalcommissie
tour over Gunkanjima was deze heerlijke Feest: Plants vs. Zombies
kaiseki, een uitgebreide maaltijd met
Concert: Shonen Knife
verschillende gerechten, welverdiend. Voor
wie het nog niet doorhad, in Nagasaki dus! Banzai: Jaarlijkse wederopstanding
Interview met dr. Paramore

Wil je jouw eigen foto's van eten ook delen
JAPAN & KOREA
met iedereen? Stuur ze naar journal@tanuki. Nasleep Fukushima
nl en wellicht maak jij iedereen hongerig.
Moral panics in Japan

Deze prachtige foto is gemaakt door De strijd tegen de Yakuza
Bob Rambonnet.
コトバによって現れた人 1

4
5
7
8
9
12
14
16
18

Yasunari Kawabata

19

Reclame in Japan

21

Robots

23

棒倒し: Bo-Taoshi

25

Japan: Kit Kat paradijs

26

Kim Ki-Duk

28

MEDIA

Kwaidan (怪談)

30

Nintendo Wii U

31

COLUMNS
Arco in Japan

32

Krant Met Karakter

33

ライデンの生活

35

De Alumni Kai

37

Ask Anky

38

“Banzai heeft met 2-1
gewonnen.”
- Carmen Loh

太狸記・十二月号

3

De Journalcommissie
Met genoegen wil ik hierbij de lezers
graag voorstellen aan het nieuwste lid
van de journalcommissie: Asor Mustafa!
In plaats van dat ik hem voorstel, stelt hij
zichzelf voor:
Donder weerklinkt in de lucht. Bliksem
verlicht het hemels tafereel. De journalco
verheugd; verlaat en onverwacht is hen het
sjaarschcommissielid geboren. Vastberaden
schrijdt hij voort om u te voorzien van leesvoer
en beloond te worden met de goddelijke spijs
genaamd taart.
Scribaturus te saluto!

Wester Wagenaar
De omstandigheid van het waaien van de wind
uit het oosten duidt aan dat we het geluid van
naderende studiedrukte niet kunnen horen.
Het ondergaan van de zon stemt pessimistisch,
doch weten we dat de zon zal wederkeren en de
Oostelijke wind zal gaan liggen. Jongens, even
blijven doorzetten!
Arthur Hinsch
Einigkeit und Recht und Freiheit
für das deutsche Vaterland!
Danach lasst uns alle streben,
brüderlich mit Herz und Hand!
Einigkeit und Recht und Freiheit
sind des Glückes Unterpfand:
Blüh im Glanze dieses Glückes,
blühe, deutsches Vaterland!
Bob Rambonnet
“With his devastatingly handsome, round
face, his boyish charm, and his strong, sturdy
frame, this Pyongyang-bred heartthrob is
every woman’s dream come true. Blessed
with an air of power that masks an
unmistakable cute, cuddly side, Kim made this
newspaper’s editorial board swoon with his
impeccable fashion sense, chic short hairstyle,
and, of course, that famous smile.” – The Onion.

Verder beantwoordt de redactie de
belangrijkste vragen des levens. Deze
keer in de vorm van een haiku.

De zon gaat onder
De wind waait uit het oosten
Wat houdt je bezig?
4

Vincent Pols
“Die Kommunisten verschmähen es, ihre
Ansichten und Absichten zu verheimlichen...
Mögen die herrschenden Klassen vor einer
Kommunistischen Revolution zittern. Die
Proletarier haben nichts in ihr zu verlieren
als ihre Ketten. Sie haben eine Welt zu gewinnen. Proletarier aller Länder, verenigt euch!” –
Manifest der Kommunistischen Partei
Asor Mustafa
De oostelijke wind is guur en kil. Langzaamaan
beginnen zijn handen te barsten. Even had hij
voor de winter gewenst, maar nu hij er eindelijk
is, vallen Koning Winter slechts verwensingen
ten deel. Snel doorlopen. De zon is zojuist onder
gegaan. Eindelijk thuis. Het eten staat klaar.

太狸記・十二月号

Feest: Plants vs. Zombies
Het was dan misschien twee dagen later dan
de officiële feestdag, maar ook Tanuki vierde
Halloween. Het tweede feest van het jaar had
als thema ‘Plants vs Zombies: Lawn of the
Dead’. Geïnspireerd door het gelijknamige
videospel, maar misschien ook wel door de
studenten die rond de eerste tentamens als
zombies door het Arsenaal liepen en door het
vele studeren evenveel aan beweging toekwamen als potplantjes.
Dit jaar zit ik voor het eerst in de feestcommissie en maak ik de feesten dus vanuit een
ander oogpunt mee. Ik had eigenlijk nooit
echt stilgestaan bij het feit dat er zo veel komt
kijken bij de organisatie van zo’n feest, te beginnen met het promotiefilmpje. Iedereen die
erbij was, zal met me eens zijn dat het filmen
hilarisch was. Dankzij visagiste Kayleigh was
elke zombie met een onsmakelijke, doch levensechte vleeswond beplakt. Tijdens het monteren hebben Thomas en ik ook geregeld in
een deuk gelegen en het eindresultaat mocht
er wezen als je het mij vraagt.
Dan het feest zelf. Gelukkig was er weer een
flinke opkomst en had iedereen zijn of haar
best gedaan zich om te toveren tot de meest
angstaanjagende zombie of betoverende
bloem. Of soms als iets daar tussenin, wat vaak
ook prima werkte. We hadden Bar-dancing de
Kroon versierd met spinnenwebben, bloemen
en een hoop Halloweenversieringen, maar een
als twee druppels water lijkende tekening van
floor manager Karen mocht ook niet ontbreken. De muziek was goed en de dansvloer werd
- zoals gewoonlijk - volledig benut.
Wat echter nieuw was aan dit feest, was de
dance-off. We wilden het eens anders doen
en kwamen op het idee om vanaf nu af aan
voor elk feest een ´stand off´ te organiseren.
Dit keer werden de drie bestgeklede zombies
(Gydo, Amiet en Kimberly) en planten (Werner, Xander en Lary) tegenover elkaar gezet
met de taak ballonnen aan elkaars enkels kapot te trappen. Na wat vuil spel aan beide

太狸記・十二月号

5

kanten wonnen de planten nipt. Als prijs kregen
ze ieder een awesome cactusplantje cadeau.
Er werd gedanst tot in de vroege uurtjes, maar
aan alles komt helaas een einde. Na opgeruimd
te hebben stonden de laatste gasten rond vijf uur
buiten. Het begon al langzaam licht te worden,
maar de avond was niet compleet zonder nog
een uitstapje naar de kebabzaak. Daarna kon ik
voldaan in bed ploffen met het idee dat we weer
een geniaal feest hadden neergezet. Ik hoop dat
iedereen dat met me eens is en ik jullie volgend
feest (weer) tegenkom! -Myrthe Prins

6

太狸記・十二月号

Concert: Shonen Knife

Onze eerste activiteit als Kunst & Cultuurcommissie van dit jaar was een uitstapje
naar het concert van het pop-punk trio ‘ 少年
ナイフ: shounen naifu’ (Shonen Knife). Als
iedereen zich heeft verzameld, kunnen we
rond half 8 met z’n dertienen aan de tocht
richting Utrecht beginnen.
Dankzij de lieve mensen van de NS belooft
het een lange avond te worden: heen moeten
we via Den Haag, terug met de bus vanaf
Bodegraven. Gelukkig heeft iedereen er zin in
en met een grote groep gaat elke treinrit vrij
snel voorbij.
Na een verder prima reis komen we rond
negen uur bij de dB’s aan, een eigenzinnig
kraakpand buiten het centrum dat voornamelijk
functioneert als opnamestudio voor bandjes.
Ondanks dat we niet aan de vijftien man
komen waar we van te voren op hadden gemikt,
zijn de mensen bij dB’s zo aardig ons toch de
afgesproken twee euro korting per persoon te
geven.
少年ナイフ neemt het eigen voorprogramma
ook mee op tour, waardoor we op drie bands
getrakteerd worden. Former Utopia opent
de avond met een soort jaren ’90 indie-rock
à la Pavement. Wellicht een jaartje of vijftien
na dato, maar het leek bij de meeste mensen
redelijk in de smaak te vallen.

worden we naar de foyer verwezen. Over
het algemeen is het publiek vrij enthousiast,
maar sommige mensen zijn duidelijk niet
gecharmeerd van hun rammelende punk en
vertrekken snel richting het rookhok.
Als de dames van 少年ナイフ eindelijk
zelf aan hun optreden beginnen, blijkt de
zaal zo goed als vol te zitten. Vanaf opener
Konnichiwa volgt een afwisselende set met
zowel oud als nieuw materiaal. Richting het
einde komt uiteraard hun bekendste nummer
Twist Barbie voorbij en als ze de Ramonescover Rock ‘n’ Roll High School spelen zijn ook
de paar aanwezigeRamones-fans tevreden (de
dames treden als Osaka Ramones ook op als
Ramones-coverband).
Rond half 12 is het tijd voor de lange terugweg.
Gelukkig rijden de bussen vrijwel meteen weg
na onze overstap en een paar mensen kunnen
in de bus alvast wat slapen. Uiteindelijk kan
iedereen rond een uur of 1 weer op zoek naar
diens eigen bedje in Leiden of nog even wat te
eten halen om de geslaagde avond af te sluiten.
Mochten er meer kleine Japanse bands voor
een betaalbare prijs naar Nederland komen,
dan lijkt het me zeker voor herhaling vatbaar.
-Koen de Rooij

Voor het tweede voorprogramma Hank Haint

太狸記・十二月号

7

Banzai: Jaarlijkse wederopstanding

“Met jou erbij hadden we gewonnen.” Het
waren mooie woorden. Ze waren niet bedoeld
als compliment, maar om met vicecaptain
Renzo Goto samen in een huis te wonen
moet je de werkelijkheid enigszins kunnen
verdraaien om bij je verstand te blijven.
Afgelopen maand verloor TFC Banzai
de eerste derby tegen SVS, zo heb ik mij
laten vertellen. Sinds mijn afstuderen ben ik
vaker vroeg onder de wol te vinden dan op het
voetbalveld. Het was een harde wedstrijd,
waarin Geert “het natte vingertje”
Scholten al na de eerste vijftien
minuten genadeloos werd getorpedeerd als
retributie voor zijn mentale terreur. Het hele
team van SVS zal de komende maanden hun
sloten tweemaal moeten controleren om een
begroeting door een Schiedamse vissenkop op
het hoofdkussen te voorkomen.

immer de geest heeft, bleek wel uit hoe hij zijn
team de vrijdag volgend op de wedstrijd op
sleeptouw nam naar de Eigenwijs. Op de
Hoge Rijndijk werd menig sparerib verorberd
door zijn jonge roedel gulzige slokops. De
verrassing van de avond was Marnix, een
onbekende voor het team, die rib na rib zijn
mond inschoof. Zelfs Banzai’s grootste eters
konden enkel met stekende buikjes toekijken
hoe hun eer door de keel van een ander gleed.
De avond liep ten einde. Iemand riep
om een speech, maar deze bleef uit. Het
kan verkeren. Het mag duidelijk zijn:
Banzai is begonnen aan de jaarlijkse
wederopstanding. Houd deze sectie ook de
volgende journal weer in de gaten en volg ons
alsof je er zelf bij bent. Dan doe ik hetzelfde.
-Martijn Heule

Zoals vaker aan het begin van een nieuw
seizoen had het team moeite zijn draai te
vinden. Elk jaar worden de grote
prijzen, zoals de universiteitscup van
seizoen ‘10/’11, pas op het laatste
moment veroverd. Banzai prijst zich dit jaar
gelukkig met veel nieuwkomers: als een
herboren team richt de club zich ditmaal op de
jeugd.
Dat

8

Renzo,

ondanks

zijn

jaren,

nog

太狸記・十二月号

Interview met Dr. Paramore

“Terug in Nederland ben ik
weer in mijn stabiele leven en
ik vind Leiden echt een geweldige plek om dingen schrijven.”

Q: Dr. Paramore, u bent het afgelopen jaar
in Taiwan geweest. Hoe heeft u dat beleefd?
A: Eén van de redenen waarom ik naar
Taiwan ben gegaan was omdat ik een
nieuwe taal wilde leren. Natuurlijk had ik me
al lang bezig gehouden met het Chinees, maar
ik had nog geen kans gehad om echt een jaar
lang naar een land te gaan waar Chinees wordt
gesproken. Dit was mijn kans.
Aan het begin van mijn tijd in Taiwan sprak
ik weinig Chinees, maar tegen het einde gaf ik
lezingen in het Chinees. Dat was een
geweldig gevoel. Omdat mijn vakgebied
de vroegmoderne periode van Japan is, las
ik veel bronnen in het klassiek Chinees. In
Taiwan had ik een privédocent met wie ik
veel heb gesproken. Ik heb ook veel met
mensen in de omgeving gesproken en op een
geven moment bleek dat mensen me gewoon
begrepen. Ik kon dus over mijn eigen
onderzoek in het Chinees praten. Toen dacht
ik dat ik met wat voorbereiding wel in staat zou
zijn om een lezing te geven in het Chinees.
Een belangrijke aanleiding voor mijn
verblijf in Taiwan was dat ik onderzoek
wilde gaan doen. Dat is tenslotte het idee
van onderwijs op de universiteit: jullie als

studenten krijgen les van onderzoekers.
Ik heb gemerkt dat mensen in Taiwan heel
anders denken over het onderzoek waarmee
ik mij bezighoud. Ik moest dus ineens heel
anders gaan denken over mijn eigen onderzoek.

“Ik heb altijd dat gedaan
wat ik interessant vond en
het is altijd goedgekomen.”
Het leren van de taal was ook bijzonder.
Toen ik tijdens mijn BA en later tijdens mijn
MA naar Japan ging, had ik ongelooflijk veel
energie om nieuwe dingen, en dus ook de taal,
te leren. Nu dat ik wat ouder ben is het toch wel
moeilijker. Als je boven de 35 bent, is het een heel
andere ervaring om een taal te leren. Bovendien
verwacht je als jonge student geen aandacht
van andere mensen. Je hebt uiteraard zelf
ook geen grote status, maar naarmate je
ouder wordt verlang je naar een bepaalde
maatschappelijke omgeving met mensen die
zo denken als jijzelf. Als jong persoon heb je
dat niet echt nodig. Het is belangrijk om als je
ouder wordt je los te maken van dat soort
verwachtingen en terug te gaan naar je pure
jonge zelf.

太狸記・十二月号

9

Tijdens mijn jaar in Taiwan ben ik
vaker op reis naar het buitenland geweest,
bijvoorbeeld naar Canada voor een
conferentie over Oost-Aziëstudies, naar
Erfurt in Duitsland en ook nog naar London.
Dit was mogelijk omdat ik dat jaar geen colleges
gaf. Het was een heel goede kans om me in veel
verschillende wetenschappelijke omgevingen
te bewegen. Ik was van plan om een boek te
schrijven, maar dat komt wel binnen een jaar
of twee.

Japanse bedrijven. Het leek mij dus nuttig om
te doen. Bovendien, toen ik 12 jaar oud was,
was ik voor judotraining zes weken in Japan. Ik
was zes weken zonder mijn ouders in een plek
waar niemand Engels kon spreken midden op
het Japanse platteland. Dat gaf mij zeker een
andere indruk van Japan. Ik herinner me er
niet meer zo veel van, maar in mijn lichaam
zijn deze belevenissen vast blijven zitten.
Toen ik 21 was ben ik begonnen met
Japans aan de Australische Nationale

Q: U heeft al een ander boek geschreven.

“Toen ik klaar was met de
middelbare school heb ik een
aantal jaar als acteur gewerkt.”

A: Ja, dat boek is verschenen in 2009.
Ik had vorig jaar veel gelegenheid voor
onderzoek, maar omdat ik afgelopen jaar zoveel
dingen te doen had komt het nieuwe boek
op een later tijdstip. Terug in Nederland
ben ik weer in mijn stabiele leven en ik vind
Leiden echt een geweldige plek om dingen
schrijven. Hier is het heel rustig, en veel mensen
klagen daarover, maar ik vind het zeer fijn.
Het is een mooie stad en het weer is goed voor
onderzoek. Dus ik ben optimistisch dat ik over
een jaar of twee een boek zal schrijven.
Het jaar in Taiwan was ook goed voor mijn
onderwijs. Ik heb nu een veel breder inzicht in

“Bovendien, toen ik 12 jaar
oud was, was ik voor judotraining zes weken in Japan.”
mijn eigen vakgebied. Maar het belangrijkste
is dat het afgelopen jaar heel goed is voor mijn
studenten, omdat jullie profiteren van mijn
verbrede kennis en inzicht.
Q: Wat was uw aanleiding om Japans en
Japanse geschiedenis te studeren?
A: Dat was allemaal toeval. In het Australië
van de jaren ‘80-‘90 bestond het idee dat “the
streets of Tokyo are paved with gold”. Dat hield
in dat men ervan overtuigd was dat als je
Japans zou kunnen spreken je alles zou kunnen
bereiken. Ik kom uit New South Wales en een
groot deel van die staat was in de handen van

10

Universiteit en hield ik mij vooral bezig
met Japans en taalkunde, dus ook met de
grammatica van de talen die de
oorspronkelijke bewoners van Australië
spraken. Binnen mijn BA ben ik naar Japan
geweest en heb ik mij ook beziggehouden
met Japanse taalkunde. Daarna had ik de
kwalificatie om met een Phd in taalkunde te
beginnen. Maar precies toen begon ik mij een
beetje te vervelen. In mij ontstond de neiging
om iets anders te gaan doen.
Ik volgde toen een college dat de aanleiding
vormde voor dat waarin ik mij in de toekomst
zou gaan verdiepen. Ik weet de titel van het
college
nog
goed:
“Confucianism,
orthodoxy and enlightenment’’. Omdat ik
mijn bachelorscriptie over dat onderwerp
wilde schrijven moest ik in een jaar heel
intensief klassiek Chinees leren. Toen ik dat
achter de rug had, ben ik meteen begonnen
met werken bij het Australische Ministerie
van Buitenlandse Zaken. Maar ik merkte
snel dat het niets voor mij was, dus ik heb
de dag nadat ik daarmee was begonnen een
aanvraag ingediend voor de Monbusho-beurs.
En toen werd ik geconfronteerd met
het moeilijkste dat ik in mijn leven heb
meegemaakt… het toelatingsexamen voor
de Universiteit van Tokio. Ik moest essays

太狸記・十二月号

in het Japans schrijven in competitie met
Japanners. Dat was heel moeilijk en ook een
stuk moeilijker dan het schrijven van mijn
scriptie. Maar zeven jaar later promoveerde ik.

“Binnen mijn BA ben ik
naar Japan geweest en heb
ik mij ook beziggehouden
met
Japanse
taalkunde.”
Q: U was vroeger actief als acteur?
A: Ja, dat is zo. Toen ik klaar was met de
middelbare school heb ik een aantal jaar als
acteur gewerkt. Dat was een interessante
periode, maar er was niet genoeg
intellectuele stimulatie voor mij. Daarom ben
ik gaan studeren, al was ik ook nog een tijd
bezig met acteren in Sydney. Ook toen ik al op
Todai zat werd ik gebeld door een regisseur met
wie ik jaren geleden al had samengewerkt. Hij
liet mij terug naar Australië vliegen om te gaan
spelen in Ned Kelly. Voor een lange tijd wilde
ik alles tegelijk doen, maar ik kwam er snel
achter dat ik mijn studie niet kon combineren
met acteren. Wel heb ik af en toe gewerkt voor
Australisch-Japanse films bij de NHK, maar ik
wist dat mijn toekomst niet in dat gebied lag.

het over Toyotomi Hideyoshi. De meeste
scholieren vinden het helemaal geweldig.
Veel van de scholieren die luisteren naar dat
college
komen
terug
naar
Leiden
om Japanstudies te doen. Dat is dan
waarschijnlijk ook het antwoord op je
vraag. Japanstudies studeer je omdat het
interessant is. Veel mensen op de universiteit
vergeten dit: mensen moeten hetgeen
doen dat zij interessant vinden. Ik heb altijd dat
gedaan wat ik interessant vond en het is altijd
goedgekomen. Eén manier om dat te begrijpen
is door mijn college over Toyotomi Hideyoshi
te volgen.
Dr. Paramore, bedankt voor dit interview.
Interview gehouden door Arthur Hinsch op
6 december 2012

Q: Waarom zou u Japanstudies aanraden?
A: Dat is een moeilijke vraag om te
beantwoorden. Tijdens de open dag geef ik
meestal mijn eerstejaars college en heb ik

太狸記・十二月号

11

Nasleep Fukushima
11 maart 2011: een aardbeving van 9.0 op de
schaal van Richter, diep in de zee vlak voor
de noordwestkust van Japan, veroorzaakt
een enorme tsunami die met volle vaart het
noordelijke Tohokugebied in Japan raakt.
Meer dan 19.000 mensen overleden in de
watermassa’s en rond de 88.000 mensen
raakten hun thuis kwijt. De beelden
die destijds over de hele wereld te zien
waren, waren ongelofelijk schokkerend. Maar
alsof dat niet genoeg was, deed zich ook een
nucleaire ramp voor in Fukushima.

Ondanks het feit dat hier sprake
is van een grote nucleaire ramp,
vond de grote Japanse energieleverancier
TEPCO, die verantwoordelijk is voor de
kerncentrale, het belangrijker om de media
te beïnvloeden en het imago van
een veilige Japanse samenleving met
kerncentrales in stand te houden. Maar
wat voor gevolgen heeft de ramp voor het
energiebeleid van Japan in de toekomst?

Vlak na de ramp toonden veel landen hun
steun aan Japan en er waren er wereldwijde
initiatieven om de slachtoffers van de
drievoudige ramp een hart onder te riem te
steken en om de regio weer in het zadel te helpen.
De ramp van Fukushima wordt vaak
vergeleken met de ramp van Tsjernobyl die
zich 1986 in de Oekraïne voordeed, maar
omdat de radiatie die in dat geval vrij kwam
in heel Europa te meten was waren mensen
meer bezorgd. Wanneer ik denk aan de
kernramp van Tsjernobyl zie ik meteen
beelden voor mij van mannen die zonder
oldoende
bescherming
proberen
de
verspreiding van radiatie te voorkomen. Vlak
na de ramp in Fukushima zijn er 50 man,
beter bekend als de “Fukushima 50”, naar de
reactoren gestuurd om te proberen druk van de
reactoren af te halen. Een aantal van hun werd
blootgesteld aan een zeer hoge dosis radiatie.
Op dit moment zijn arbeiders nog steeds bezig
met reparaties aan de kerncentrale. Veel van de
arbeiders zijn mensen uit de regio die tijdens
de ramp alles zijn kwijtgeraakt. Zij maken
zich meer zorgen over waar zij nu hun geld
vandaan moeten halen dan over het feit dat
ze over tien jaar kanker zouden kunnen
krijgen. Deze mensen werken vaak voor
onderaannemers, die volgens geruchten
veelal verbonden zijn met de Yakuza. Vlak
na de ramp was er zelfs sprake van sancties
tegen arbeiders die het niet meer zagen zitten.

12

Omdat Japan van oudsher een groot tekort
heeft aan natuurlijke energiebronnen was
Japan
tot
recentelijk
voor
70%
afhankelijk van nucleaire energie omdat
het werd beschouwd als een betrouwbare
energiebron die Japan meer onafhankelijkheid
zou kunnen opleveren. Natuurlijk werd er
ook in Japan kolen gemijnd maar daar werd in
2002 mee gestopt. Het feit dat Japan in grote
mate afhankelijk was (en het nog steeds is)
van buitenlandse olie en gas heeft de
ontwikkeling
van
energie-efficiënte
technologie bevorderd. Op het moment is
Japan het meest energie-efficiënte land ter
wereld. Naar aanleiding van de ramp in
Fukushima heeft de regering als doel gesteld
om vanaf 2040 alle Japanse kerncentrales te
sluiten. Dit gebeurde ook als antwoord op
toenemende publieke protesten tegen
kernenergie. Hierbij is het belangrijk om te
weten dat de Fukushima-ramp niet het eerste
probleem met een Japanse kerncentrale is.
In de jaren ‘90 waren er een aantal
ongelukken met kerncentrales, de meest
heftige daarvan was de ‘動燃事故:

太狸記・十二月号

Dounen Jiko’ in Tokaimura, waarbij twee
arbeiders om het leven zijn gekomen. Deze
gebeurtenissen hebben een belangrijke
bijdrage geleverd aan een sceptische
publieke houding tegenover kernenergie. Na
Fukushima zag de Japanse overheid zich snel
geconfronteerd
met
een
mogelijk
energietekort tijdens de zomer. Om
die reden zag premier Noda, onder
heftige protesten, zich genoodzaakt om de
kerncentrale in Ohi weer op te starten.
Niet alleen is er een heftig debat ontstaan
over de toekomst van Japanse kerncentrales,
ook hadden Japanse energiemaatschappijen
geen andere keuze dan op grotere schaal olie
en gas te importeren vanuit het buitenland.
Dit resulteerde in een veel groter gebruik van
fossiele bronnen dan in de voorafgaande jaren
waardoor Japan zijn in het Kyoto-protocol
vastgelegde doel van een CO2-reductie van
25% tegenover 1990 niet zal kunnen bereiken.
Daarnaast
wordt
hierdoor
ook
de
energiezekerheid van Japan aangetast. Door
de speciale relatie die Japan heeft met de
Verenigde Staten kan de VS veel druk
op Japanse oliemaatschappijen uitoefenen om
geen olie uit bijvoorbeeld Iran te halen.
Als gevolg van de hiervoor genoemde
problemen is er in Japan een enorme drang
ontstaan
om
sneller
alternatieve
energiebronnen te ontwikkelen. Zo kun je
bijvoorbeeld Japan vergelijken met Duitsland.
De ramp van Fukushima heeft een grote
invloed gehad op de Duitse energiepolitiek
want daar is besloten om tot 2022 alle
kerncentrales te stoppen. Er is een toenemende
samenwerking tussen Europese en Japanse
wetenschappers op het gebied van alternatieve
energie. Om het tekort aan energie tegen te
werken wordt er in Duitsland, maar ook in de
gehele EU, gewerkt aan ambitieuze plannen
om energie “groener en veiliger” te maken.
Een van de meest gebruikte manieren
daarvoor
is
het
oprichten
van
windturbineparken buiten de kust (offshore wind farms). Hoewel dit goed te doen
is in Noord-Europa zijn er in Japan vaak

taifoens die een probleem op zouden
kunnen leveren voor dit soort windparken.
Vaak wordt er verwezen naar de mogelijkheid
om de warmte van de aarde te gebruiken om
energie te produceren, aangezien Japan een
land met een grote hoeveelheid vulkanen
is. Maar ook hier stoten wetenschappers en
politici (vooral veel lokale politici die sinds de
ramp definitief tegen kerncentrales zijn) op
protesten van onsen-eigenaren die het bestaan
van hun onsen bedreigd zien worden.

Verder is niet iedereen in Japan een
voorstander van een niet-nucleaire oplossing.
Het
‘経済産業省:
keizaisangyou-syou’
(Ministry for Economy, Trade and Industry),
dat voor het implementeren van energiebeleid
verantwoordelijk is, heeft sterke connecties
met de grote energiebedrijven die samen
85% van Japan’s energie produceren. Maar
omdat kernenergie een heel stuk goedkoper is
dan alternatieve energie, luisteren deze grote
bedrijven vaak niet naar de publieke opinie en
beweren ze dat de stroomprijs erg zal stijgen.
Dit zou ertoe kunnen leiden dat bedrijven
hun productie naar het buitenland verplaatsen
wat
dan
weer
resulteert
in
een
verhoogde werkloosheid.
De ramp van Fukushima heeft dus aanleiding
gegeven voor een uitgebreid debat over de
toekomst van Japanse energievoorziening die
zeker nog een lange tijd door zal gaan.
Voor mensen die overigens geïnteresseerd
zijn in dit onderwerp kan ik de drama ‘マグ
マ: magma’ van Hideyuki Katsuki ten zeerste
aanbevelen. - Arthur Hinsch

太狸記・十二月号

13

Moral panics in Japan

Sommige zaken worden in onze samenleving
niet getolereerd en recentelijk kwam zo
bijvoorbeeld pesten, vanwege Tim Ribberink’s
zelfmoord, in het publieke vizier. Het is
alleen niet zo dat hier continu over wordt
geschreven. Bovendien zijn er ook sociale
onwenselijkheden die tijdens een bepaalde
periode als schadelijk worden gezien, maar
later niet meer met een zeker stigma kampen.
Hier komt de zogeheten moral panic om
de hoek kijken, een fenomeen dat in elke
samenleving een rol speelt. Zo ook in Japan.
De oorsprong van het begrip moral panic
wordt veelal toegewezen aan de Britse
socioloog Stanley Cohen. Zijn omschrijving
van het concept kwam in feite neer op het
gegeven dat moderne samenlevingen geregeld
te maken krijgen met een groep mensen of
een bepaalde conditie die gedurende een
bepaalde periode niet alleen wordt gezien als
bedreigend ten aanzien van de overheersende
waarden en normen, maar zelfs de sociale
orde. Aan een incident wordt vervolgens,
in ieder geval een gedeeltelijke, verklaring
toegeschreven. De dood van Ribberink
was bijvoorbeeld de schuld van pesten.
Pesten is onwenselijk en moet dus stoppen.
Een interessant gegeven is dat op het moment
ook een dergelijke ontwikkeling in Japan
waar te nemen valt. Ook daar heeft een
zelfmoordincident de aanleiding gevormd
voor vergaande media-aandacht, die zelfs als

14

mediapaniek aangeduid zou kunnen worden.
Vorig jaar heeft een dertienjarige jongen
in Otsu, in de prefectuur Shiga, zelfmoord
gepleegd en ook dit werd toegeschreven
aan pestacties van klasgenoten. Zij zouden
de jongen namelijk hebben aangemoedigd
om zijn eigen leven te ontnemen. De media
pikten het vervolgens op en een oproep aan
de overheid om in te grijpen was het gevolg.
Eigenlijk ondergaan de meeste sociale
problemen in Japan, en ook elders ter wereld,
een vaste, voorspelbare cyclus. Allereerst
wordt het probleem 'ontdekt' en wordt het
gedefinieerd. Vervolgens wordt er onderzoek
gedaan naar het fenomeen en lijken cijfers
een stijging aan te duiden, waarna politieke
maatregelen worden genomen. Wat volgt
is een geleidelijke verdwijning van het
probleem. De periode van ontdekking tot
oplossen duurt gemiddeld zo'n twee jaar,
een gegeven dat duidt op een moral panic die
opkomt en langzaamaan weer verdwijnt.
Dat de media een grote rol kan spelen bij het
verloop van sociale problemen, blijkt wel
als specifieke problemen worden bekeken.
In het verleden heeft Japan bijvoorbeeld
problemen gekend met internetzelfmoord,
'援助交際: enjo kousai' (‘compensated dating’)
of de zogeheten '引き篭り: hikikomori'
(sociale terugtrekking), waarbij publieke
aandacht veel invloed heeft uitgeoefend.

太狸記・十二月号

Vooral de laatste twee voorbeelden zijn
interessant, omdat ze worden gezien als uniek
Japanse fenomenen en zelfs een weg hebben
gevonden naar niet-Japanse woordenboeken.
In de jaren '90 kwam het fenomeen enjo kousai
op: hoofdzakelijk schoolmeisjes zouden in
ruil voor geld of spullen op een date gaan
met veelal oudere mannen. Dit ging volgens
de definitie niet gepaard met seks, maar echt
ongebruikelijk was het niet. Dat het fenomeen
een vorm van jeugdprostitutie zou zijn, werd
echter al snel verspreid door de media. Een
paniekuitbraak volgde, want jeugdprostitutie,
dat kan natuurlijk niet. Echter, statistieken
geven aan dat het duidelijk ging om een moral
panic. Er zijn veel enquêtes gehouden omtrent
het probleem, maar uit iedere enquête kwamen
zeer uiteenlopende resultaten. Toen het
fenomeen in het toppunt van de belangstelling
stond gaf een zeker onderzoek aan dat 54
procent van de meisjes aan enjo kousai zou doen.
Juist door er veel aandacht aan te schenken werd
het probleem voor een groot deel gevormd.
Ook de hikikomori genoot flinke mediaaandacht: ze zouden zichzelf alleen maar
opsluiten in hun kamer, van sociale activiteiten
niets willen weten en zelfs contact met hun
familie schuwen. Naar school of werk gaan
was er dan ook niet bij. Wat het hikikomorifenomeen zo interessant maakt, is dat de
visie van wetenschappers op het probleem
uiteenlopend is. Hikikomori zouden volgens
sommige wetenschappers niet alleen een
bepaald gedrag vertonen, maar zelfs psychische
problemen hebben. Wellicht waren ze gewoon
geestelijk niet in orde? Opmerkelijk is dat er ook
lijnen worden getrokken naar eerdere sociale

problemen, zoals de plotselinge opkomst van
otaku, wier sociale onkunde overeenkomsten
zouden vertonen met hikikomori. Ook
bijzonder is dat de verdwijning van hikikomori
uit het publieke discours werd ingeluid met
een nieuwe sociaal probleem: de NEET (not
in education, employment or training). Het is
daarom niet geheel vreemd dat er veel wordt
beweerd dat in essentie hetzelfde sociale
probleem steeds in een iets ander jasje opduikt.
Hoewel moral panics dus verklaard kunnen
worden als een wijze om te kijken naar sociale
problemen in de samenleving, zijn er echter nog
voldoende mensen die het concept afschrijven
als ongezonde paranoia. Sommige moral panics
zouden veelal gestuurd worden door groepen
die hier baat bij hebben. Sociale problemen
simpelweg afdoen als moral panic suggereert
echter dat deze niet echt bestaan, maar
grotendeels zijn gecreëerd. Een gevaarlijke
bewering, omdat er wel degelijk mensen zijn
die worden misbruikt of leven in een sociaal
isolement. De daadwerkelijke grootte van
het probleem, daar valt wel over te twisten.
Hoe dan ook, voor sociologen en
geïnteresseerden in sociale problemen is het
erg interessant om het (Japanse) nieuws in de
gaten te houden en erachter te komen welk
fenomeen nu weer in de schijnwerpers staat.
Vandaag de dag is het pesten dat het moet
ontgelden, maar wellicht dat we binnenkort
weer te maken zullen krijgen met een variant
op het hikikomori-fenomeen. Wie weet? Het
loont in ieder geval zeker om moral panics te
herkennen en hier met een kritisch oog naar te
kijken. -Wester Wagenaar

太狸記・十二月号

15

De strijd tegen de Yakuza

Recentelijk reageerden 2.885 van de 10.000
ondervraagde bedrijven op een enquête
naar de activiteiten van de Yakuza (door de
Japanse politie aangeduid als bouryokudan,
oftewel gewelddadige groepen). Van deze
bedrijven gaven er 337 aan dat ze door criminele
organisaties waren benaderd, meer dan de
helft in het afgelopen jaar en meer dan 70%
van hen heeft uiteindelijk geld betaald of
anderszins diensten verleend. Wel gaf
meer dan de helft van de bedrijven aan dat
recente anti-Yakuza wetgeving, die nu in
alle 47 prefecturen in werking is getreden,
effect heeft gehad. Zo stellen veel
bedrijven dat ze als gevolg van deze
wetgeving anti-Yakuza clausules opnemen in
hun contracten met andere bedrijven.
Deze nieuwe wetten volgen op een langzame
opbouw van anti-Yakuza wetgeving die in
1991 begon met de ‘暴力団員による不当な
行為の防止等に関する法律: bouryokudanin
ni yoru futou na koui no boushi nado ni
kan-suru houritsu’ (Wet ter Preventie van
Onrechtvaardige Daden door bouryokudanleden), beter bekend als de Boutaihou.
Deze wet werd in het leven geroepen
met de bedoeling om enige controle
te krijgen over geweld en intimidatie door
de Yakuza. Deze wet legde de basis voor
het identificeren van Yakuzagroeperingen
als bouryokudan en stelde aan de politie
enkele maatregelen beschikbaar, zoals
de mogelijkheid om de vrij publieke

16

hoofdkwartieren van deze organisaties
tijdelijk te sluiten. Ook werd het onder
deze wet verboden om iemand te dwingen
tot
het
beruchte
‘指詰:
yubitsume’
(vingerverkleining), het ritueel waarbij een
vinger, vaak de pink, wordt afgesneden.
Een andere belangrijke serie wetten werd in
1999 aangenomen en is beter bekend onder
de naam ‘組織犯罪対策3: soshiki hanzai
taisaku sanpou’ (Drie anti-georganiseerde
misdaadwetten). Deze wetten dienden er
onder andere toe om het voor de politie
makkelijker te maken om de opbrengsten van
georganiseerde misdaad in beslag te nemen.
Ook kreeg de politie meer bevoegdheden, zoals
de mogelijkheid om communicatieverkeer af te
luisteren. Deze afluisterbevoegdheid stuitte
indertijd wel op veel weerstand in het parlement,
al waren er strenge maatregelen aan verbonden.
De wetgeving waar de eerder genoemde
bedrijven naar refereren is recenter. In
tegenstelling tot de hiervoor genoemde
wetgeving betreft het wetgeving die niet
nationaal, maar lokaal geregeld is. De ‘暴
力団排除条例:
bouryokudan
haijojourei’
(Yakuza-uitsluitingsverordeningen) zijn sinds
2011 in alle 47 prefecturen van kracht.
Deze wetgeving verbiedt het om winst te
delen met Yakuza en zelfs het betalen van
beschermingsgeld is in afhankelijk van de
omstandigheden strafbaar. Deze wetgeving
heeft als doel om het minder aantrekkelijk
te maken om zaken te doen met Yakuza en

太狸記・十二月号

verplicht personen en bedrijven ook
om waakzaam te zijn tegen het, al
dan
niet
onbedoeld,
handelen
met
Yakuza. Een toenemend aantal anti-Yakuza
clausules is hier dus een gevolg van.
De afgelopen zomer is nog een
interessante wetswijziging aangenomen.
Voorheen diende de politie een lid van de
Yakuza in eerste instantie een waarschuwing
te geven indien er ‘onredelijke of illegale
eisenwerden gesteld aan gewone burgers’.
Een ogenschijnlijk onschuldig voorbeeld
is het achterlaten van een visitekaartje
in een winkel waarop het logo van een
syndicaat staat afgebeeld, bijvoorbeeldat
van de Inagawa-kai. Hiermee wordt door de
Yakuza geïmpliceerd dat de winkeleigenaar
geld moet betalen, oftewel hij wordt afgeperst.
De gevolgen van niet betalen zijn immers
vaak gewelddadig. Door deze wetswijziging
kan de politie Yakuza van bepaalde
bouryokudan meteen oppakken indien ze zich
aan dergelijke praktijken schuldig maken.
In ieder geval lijkt het vaak overdreven
geromantiseerde beeld dat over de Yakuza
bestond te zijn veranderd. In veel films en
manga werden de Yakuza afgebeeld als
organisaties die draaiden om eer en
traditie. Bovendien speelden Yakuza vaak een
publieke rol in lokale gemeenschappen en
de Yamaguchi-gumi, het grootste syndicaat
van Japan met rond de 40.000 leden,
deed zijn imago veel goed door na de
aardbeving in zijn bakermat Kobe
als een van de eersten klaar te staan
met hulpgoederen. Lidmaatschap van de
Yakuza, die zichzelf als ‘任侠団体: ninkyou
dantai´ (humanitaire organisatie) beschrijven,
is ook nog steeds niet strafbaar. Een
populair argument voor het in stand houden
van de Yakuza is dat ze een ‘noodzakelijk
kwaad’ zijn, waarbij ingespeeld wordt op
de angst dat ongeorganiseerde en extreem
gewelddadige bendes zoals de Chinese
triades de straten zullen bevolken wanneer
de Yakuza verdwijnen. De Yakuza vallen
inderdaad niet direct te vergelijken met de
Siciliaanse Cosa Nostra of de Chinese triades
en hebben zonder twijfel een unieke
positie binnen de Japanse samenleving.

Toch moet niet vergeten worden dat het
criminele
organisaties
zijn
die
verantwoordelijk zijn voor een enorme
hoeveelheid criminaliteit en menselijk leed,
veroorzaakt door praktijken die uiteenlopen
van afpersing en beursfraude tot mensenhandel
en moord. De nationale politieorganisatie van
Japan stelt in zijn witboek (white paper) van
2011 dat de samenleving zich steeds sterker
richt tegen de Yakuza. De syndicaten mogen
dan hebben geprobeerd een PR-campagne
te voeren door na de grote aardbeving in
2011 opnieuw hulpgoederen te sturen, de
toenemende drugshandel en gewelddadige
bendeoorlogen, zoals tussen de Kudoukai,
Doujinkai en Kyuushuuseidokai op Kyushu,
laten het ware gezicht van deze syndicaten zien.
Dat er nog steeds geen verbod bestaat op het
lidmaatschap van deze criminele organisaties
heeft waarschijnlijk weinig te maken met
enige positieve bijdrage van de Yakuza aan de
samenleving en meer met een bijdrage van de
Yakuza aan de bankrekeningen van politici en
bureaucraten. -Bob Rambonnet

Indien je na het lezen van dit artikel
geïnteresseerd bent geraakt in de rol van
de Yakuza in de Japanse samenleving:
- Adelstein, Jake. 2009. Tokyo Vice: An
American Reporter on the Police Beat in
Japan. New York: Pantheon Books.
- Hill, Peter B. E. 2003. The Japanese
Mafia: Yakuza, Law, and the State.
New York: Oxford University Press.
- http://www.japansubculture.com/

太狸記・十二月号

17

コトバによって現れた人 1
Zoals we weten is het hedendaags Japans in grote
mate beïnvloed door het Chinees. Sinds de komst
van kanji naar Japan zijn deze schrifttekens
langzaam maar zeker deel geworden van het
alledaagse Japans. Ondanks een aantal pogingen
om het Japans te bevrijden van Chinese
karakters (bijvoorbeeld Kanji gohaishi no gi「漢
字御廃止の儀」 (1866)), is niemand er tot op
heden in geslaagd een succesvol alternatief te
bieden, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Korea.
In eerste instantie werden kanji voornamelijk
gebruikt om Japans fonetisch op te schrijven.
Het Japans van die tijd zag er uiteraard anders
uit dan het moderne Japans zoals wij dat kennen
en bestond volledig uit wat tegenwoordig
wago wordt genoemd. Wago (和語) betekent
min of meer 'Japanse woorden' en wordt
voornamelijk als tegenstelling met kango
(漢語, Chinese woorden) gebruikt. Eigenlijk
komt de term wago overeen met de kun'yomi
van kanji. Zo zijn in principe alle niet-suru
werkwoorden (bijv. taberu, chiru, tataku), bijna
alle i-adjectieven (takai, itamashii) en een hoop
naamwoorden (mura, hi, mizu) wago waarvan je
het karakter leest in de kun'yomi. Hierbij moet
opgemerkt worden dat natuurlijk niet alle wago
daadwerkelijk Japanse woorden zijn. Er is een
vrij groot aantal wago waarvan de oorsprong
in Korea lijkt te liggen, zoals mura, tera en shiru.
Naast de wago heb je, zoals eerder aangegeven,
de kango. Zoals ook de minder oplettende
lezer zich gerealiseerd zal hebben, zijn kango
Chinese (of Sino-Japanse) woorden die je in
principe in de on'yomi leest. Het is niet duidelijk
in welke mate kango werden gebruikt voor de
negende eeuw. Echter, in de Man'youshuu 萬
葉集 (Nara-periode) wordt al in beperkte mate
gebruikgemaakt van kango. Een leuk voorbeeld
is het volgende gedicht:

一二之目
いちにのめ

18

耳不有

五六三

のみにはあらず

ごろくさむ

四佐倍有来

双六乃佐叡

しさへありけり

すぐろくのさえ

Ogen één en twee / niet alleen die / vijf zes drie
/ zelfs vier is er / de dobbelsteen van suguroku
(万葉集

三八二七,

eigen

vertaling)

Het gedicht gaat over het aantal ogen op een
dobbelsteen (oud Japans: saye さえ). Zoals
uit de transcriptie van het gedicht te zien is,
moeten alle cijfers in on'yomi worden gelezen.
Een vroeg voorbeeld van kango dus! In andere
gedichten in de Man'youshuu zijn andere
kango te vinden die terug zijn te voeren op
onder andere het Boeddhisme of de Ritsuryou.
Kanji werd niet alleen gebruikt voor het fonetisch
noteren van Japans. Zeer belangrijk in de
geschiedenis van de Japanse taal is kanbun 漢文.
Kanbun is eigenlijk het lezen van Chinese teksten
op een Japanse manier. Omdat beide talen in
werkelijkheid enorm van elkaar verschillen,
moest men zich in allerlei bochten wringen om
van Chinees een soort Japans te maken. Speciale
tekens die aangeven dat de woordvolgorde
anders gelezen moet worden en markeringen
die hinten naar de juiste Japanse leeswijze
van de karakters zijn hier voorbeelden van.
De verspreiding van kanbun heeft onder andere
tot gevolg gehad dat er een groot aantal kango,
die in de Chinese teksten natuurlijk veelvuldig
aanwezig waren, steeds meer werden gebruikt.
Het omgekeerde komt ook voor. Er zijn wago die
in het Japans zijn opgenomen als kango. Bekende
voorbeeld hiervan zijn返事 (respons) en火事
(brand). Het eerste woord is ontstaan uit de wago
かへりごとdat geschreven kon worden als 返事.
Later is men deze karakters in de on'yomi gaan
lezen, hetgeen heeft geleid tot het woord henji 返
事 dat vandaag de dag nog steeds wordt gebruikt.
Bij kaji 火事 is hetzelfde verschijnsel opgetreden
(ひのこと werd gelezen in de on'yomi).
Een behoorlijke tijd later, in de vroege
Meiji-periode, is het aantal kango in korte
tijd dramatisch toegenomen. Daarover
meer de volgende keer! -Milan van Berlo
Voor dit stukje is gebruik gemaakt van 沖森卓
也. 2010. 『はじめて読む 日本語の歴史』.
Tokyo: ベル出版

太狸記・十二月号

Yasunari Kawabata
alleen achter met zijn blinde grootvader.
Kawabata was een fijngevoelige jongeman die
vaak wegbleef van school. Hij verkoos de studie/
het bestuderen van de Japanse klassieken boven
de omgang met leeftijdsgenoten. Ondanks
de overtuiging dat ook hij was voorbestemd
om een vroegtijdige dood te sterven, slaagde
Kawabata erin om een schrijver te worden in
zijn vroege tienerjaren. Naar verluid wilde
hij de luister en rijkdom die de familie in zijn
grootvaders dagen had gekend in ere herstellen.
Toen Kawabata’s grootvader overleed in
1914, werd de schrijver in de dop een echte
wees die achterbleef zonder naaste familie.

Zoveel verschillende Japanologen, zoveel
verschillende redenen om met de studie Japans
te beginnen. De een raakt geïnteresseerd in
Japan door het lezen van Musashi, de ander
wil meer weten over het land waar anime haar
oorsprong vond. Wat echter minder vaak een
reden tot het studeren van Japanse taal en
cultuur vormt, is de literatuur van het land.
Aangezien ik mijzelf momenteel bezig houd
met moderne Japanse literatuur uit het begin
van deze eeuw, wil ik jullie graag een beknopt
overzicht van het leven van schrijver Yasunari
Kawabata geven. Ik hoop dat jullie hierdoor
gestimuleerd worden om een werk van een
van Japan’s beroemdste schrijvers te lezen
en meer te weten komen over de turbulente
periode waarin hij zijn werken schreef.
Yasunari Kawabata werd in 1899 in Osaka
geboren, in een familie die reeds lange tijd
haar aristocratische wortels kwijt was. Zijn
jeugd werd gekenmerkt door een stroom
van tegenslagen. Zijn vader, een dokter
met een broze gezondheid, overleed toen
Kawabata twee was. Zijn moeder liet een
jaar later het leven. Toen de jonge Kawabata
daarop bij zijn grootouders in Osaka
introk, moest hij al snel afscheid nemen
van zijn grootmoeder en zusje en bleef hij

Kawabata verhuisde naar Tokio in 1917 om
de middelbare school te bezoeken en startte
in 1920 met een studie aan de afdeling Engels
van de Universiteit van Tokio. Daar hielp
hij om Shinshichou, het literaire tijdschrift
waarin Kawabata debuteerde, opnieuw leven
in te blazen. Kawabata zou gedurende zijn
leven actief betrokken blijven bij literaire
tijdschriften. Ook was hij lid van de jury
die de eerste Akutagawa-prijs toekende in
1935 en hielp hij de carrières van vele jonge
schrijvers door ze een duwtje in de goede
richting geven. Hij gaf de carrières van vele
jonge schrijvers een zetje in de goede richting.
Kawabata’s eigen carrière nam een aanvang
halverwege de jaren ’20. Nadat hij in 1925 een
dagboek publiceerde over het leven met zijn
grootvader, volgde het volgende jaar een van
zijn meest beroemde werken: '伊豆の踊り
子: Izu no odoriko' (De danseres van Izu). In
deze novelle wordt het verhaal beschreven van
de onbeantwoorde liefde van een middelbare
scholier voor een danseres die optreedt met
een rondreizende groep muzikanten. Het
werk was een doorslaand succes en bleek
de eerste incarnatie te zijn van Kawabata’s
meest geliefde thema “De ontdekking van een
maagdelijk meisje van eenvoudige komaf door
een geschoolde man uit de grote stad. Ook
schreef Kawabata in deze jaren het script voor
de film '狂った一ページ: kurutta ichipeiji' (Een

太狸記・十二月号

19

Bladzijde van Waanzin), een film die zich afspeelt
in een op hol geslagen gekkenhuis. Daarnaast
schreef hij een aantal korte verhalen over de
snel veranderende stad Tokio en publiceerde
in delen '浅草紅団: asakusa kurenaidan' (De
Scharlaken Bende van Asakusa), dat een collage
van het leven in de danshallen en cafés van
Tokio’s vermaaksdistrict aan de lezer bood.
In 1934 begon Kawabata aan '雪国:
yukiguni'(Sneeuwland) te werken. Het verhaal
vertelt over de hopeloze liefde tussen een
welgestelde toneelrecensent uit Tokio en een
onsen-geisha uit de bergen van Niigata. De
roman kwam uit in 1937, waarna in 1948 een
herziene versie werd gepubliceerd. Kawabata’s
schrijfstijl was behoorlijk ongebruikelijk.
Hij schreef een boek nooit met een strak plot
van begin tot einde. In plaats daarvan schreef
hij een episode, publiceerde deze en voegde
daar weer een nieuw hoofdstuk aan toe zodra
hij inspiratie kreeg. Hij verklaarde tenslotte
een werk als voltooid wanneer hij aanvoelde
dat het zijn definitieve vorm had bereikt.
Kawabata’s
werk
belichaamt
volgens
sommigen de kern van de Japanse ziel, omdat
zijn dubbelzinnige en gefragmenteerde manier
van schrijven meer met traditionele haiku van
doen lijkt te hebben dan met modern proza.
Men moet echter oppassen om in Kawabata
niet louter een vertegenwoordiger van Japanse
schoonheid te zien. Gedurende de jaren '20
probeerde Kawabata namelijk bewust om
technieken uit het Europese modernisme in
de Japanse literatuur te verwerken, terwijl
spaarzame dialogen, de afwezigheid van
commentaar en plotselinge veranderingen van
tijd en plaats veel gemeen hebben met de zich
dan ontwikkelende techniek van de cinema.
Gedurende de oorlog werd Kawabata
opgeroepen om verschillende plichten te
vervullen voor het militaire bewind: hij
moest de dagboeken, bewerken van soldaten
die op het punt stonden naar het front te
gaan, Japans veroveringen in China vanaf
het slagveld verslaan en in april 1945 tijd
doorbrengen bij het kamikazekorps op
Kagoshima. Edward Seidensticker, wiens

20

werk Kawabata naar het Engels vertaalde,
suggereerde dat Kawabata niets van
doen wilde hebben met nationalistische
sentimenten en alles van een afstand
gadesloeg. Echter, het is niet onaannemelijk
dat Kawabata middels zijn berichtgeving
het
militaristische
bewind
steunde.
Toen Japan op de knieën werd gedwongen
door de geallieerden, startte Kawabata
een uitgeverij op om vooroorlogse literaire
meesterwerken uit te brengen en begon hij
met een tijdschrift om nieuw schrijverstalent
een kans te geven. In de vroege jaren '50
publiceerde Kawabata ‘De Meester van het Gospel (名人)’, ‘Duizend Kraanvogels (千羽鶴)’ en
‘Het Geluid van de Berg (山の音).’ Hij is in deze
werken trouw aan zijn opmerking dat hij ‘na de
oorlog niet anders kon doen dan klaagzangen
over het verdwijnende na-oorlogse Japan te
schrijven’ en behandelt de dood, bedriegerij
en het verdwijnen van traditie. Latere
werken uit de jaren '60, zoals ‘De schone
slaapsters (眠れる美女)’, handelen over de
emotionele isolatie en fysieke impotentie die
mannen in de herfst van hun leven overkomt.
Kawabata’s werken zijn vanaf het midden van
de jaren '50 vertaald en zijn reputatie, geholpen
door zijn functie als ambassadeur van de
Japanse literatuur, verspreidde zich snel naar het
buitenland. Internationale erkenning leverde
Kawabata de Nobelprijs voor de Literatuur
van 1968 op, maar Kawabata’s gezondheid
nam snel af en de zelfmoord van zijn protégé,
schrijver Yukio
Mishima, bracht
hem een zware
emotionele
klap toe. Op
de avond van
16 april 1972
begaf Kawabata
zich naar zijn
schrijfkamer
in
Kamakura
en maakte een
einde aan zijn
leven.
-Pim
Omes

太狸記・十二月号

Reclame in Japan

Nieuwsgierig klik ik op de link. In beeld
verschijnt een bos. De camera duikt onder
het bladerdak en ik zweef over een tientallen
meters lange houten xylofoondie tegen een
heuvel is aangebouwd. Op de top haalt een
Japanse man een houten balletje uit een doosje
en laat het naar beneden rollen. In de bijna
drie minuten die het erover doet om bij het
uiteinde te komen, is een nagenoeg perfecte
woodblock-variant van J.S. Bachs ‘Jesu,
Joy of Man’s Desiring’ hoorbaar. Over
het doel of de context van het filmpje heb
ik geen flauw idee, tot aan het einde blijkt
dat het een reclame is voor een mobiele
telefoon met een houten achterkant.
In Nederland hebben reclames normaal
gesproken te maken met het product waarvoor
reclame gemaakt wordt. Zo niet in Japan,
het land van de meesters van de
vreemde commercials. Neem bijvoorbeeld de
reclamecampagne van Softbank, een Japanse
telecommunicatiegigant. Al sinds 2007 wordt
de hoofdrol hierin vervuld door het personage
Otousan Shirato. Zo’n langlopende campagne
zou niet heel bijzonder zijn geweest – denk aan
Albert Heijn-man Harry Piekema – ware het niet

dat Otousan Shirato een witte, pratende hond
is. Bovendien is hij het hoofd van een familie
die verder bestaat uit zijn Japanse vrouw,
dochter en Afro-Amerikaanse zoon. Het
allerbeste hieraan: niemand kijkt er raar van op.
Als Otousan een operatie ondergaat, gebeurt
dat in een gewoon ziekenhuis. Als Otousan
besluit dat hij de ruimte in wil, zit hij
in het volgende shot doodleuk in een
astronautenpak in een ruimtecapsule.
The Japan Times becijferde in april van dit
jaar dat het aantal avonturen van Otousan
Shirato en zijn familie op 133 stond. Mede
dankzij de witte hond wist Softbanks
mobiele tak binnen zes jaar uit te groeien tot de
op een na grootste provider van het land.
Een ander voorbeeld: Boss Coffee van
drankenfabrikant Suntory. Toen ik in
2006 voor het eerst naar Japan reisde heb
ik een zomer lang lol gehad om de geniale
marketing van dit product. Op elk blikje
koffie is namelijk het gezicht van een
pijprokende man afgedrukt, met daaromheen
de woorden ‘SUNTORY BOSS is the boss
of them all since 1992’. Ik heb sindsdien een
hoop fantastisch ‘engrish’ gelezen, maar dit

太狸記・十二月号

21

steekt toch wel met kop en schouders boven
de rest uit. Het slaat zo ontzettend nergens
op. Wie is de baas? En over wie is hij de baas?
En op welk terrein? Niemand weet het. En net
toen ik dacht dat het niet beter kon, werd later
dat jaar de Amerikaanse acteur Tommy Lee
Jones het gezicht van het drankje. In gedachten
zag ik Bill Murray voor me die in ‘Lost in
Translation’ een reclame voor Suntory Whisky
opneemt en zich afvraagt waar hij in
hemelsnaam in verzeild is geraakt. De stuurse
blik waarmee voormalig Oscarwinnaar Jones
zich door de filmpjes heen worstelt
is veelzeggend.

blijkt uit een stuk op de website Tofugu. Zo
huurde de Japanse overheid het bedrijf in om
tijdens lokale referenda zogenaamde lokale
bewoners
het
bestaande
beleid
te
laten steunen. En dat niet alleen: weblog
Mutantfrog citeert uit het in 2005 verschenen
boek ‘Dentsu’s True Colors: The Media
Industry’s Greatest Taboo’. Daarin wordt
beschreven hoe Dentsu LDP-premier
Junichiro Koizumi vanaf het begin van diens
ambtsperiode adviseerde over diens imago
en mediaoptredens. Goedbeschouwd zou je
Koizumi’s succesvolle premierschap een
grote reclame kunnen noemen.
Maar goed, het is, deze dubieuze praktijken
daargelaten, te hopen dat talentvolle Japanse
reclamemakers hun weg naar de rest van
de wereld weten te vinden. Softbank nam
onlangs een groot Amerikaans telecombedrijf
over, dus de kans bestaat dat Otousan en zijn
wonderlijke familie het in de Verenigde Staten
gaan proberen. Van mij mogen ze.

Bovenstaand plezier zou niet mogelijk zijn
geweest zonder reclamebureau Dentsu.
Deze reus is in zijn eentje verantwoordelijk
voor meer dan een derde van de Japanse
reclames. Zo komen Otousan en Boss Coffee
uit de koker van reclameman Hiroshi Sasaki,
een inmiddels ex-medewerker van Dentsu.
Dat het bedrijf van meer markten thuis is,

22

Ten slotte een tip voor wie net als ik geen
genoeg kan krijgen van al die fantastische
filmpje: YouTube-gebruiker JPCMHD maakt
iedere twee weken een overzicht van de leukste
reclames van het moment. Te zien in de meest
recente aflevering: maïskorrels die luid zingend
in een soep zakken, R2-D2 en C3PO die een
hybride Toyota aanprijzen en Nintendo’s
nieuwste spelcomputer die zichzelf aan
de kijker voorstelt. Aanrader! -Tom Omes

太狸記・十二月号

Robots

Japan wordt vaak genoemd als vooraanstaand
land op het gebied van robotica. De Japanse
overheid geeft er jaarlijks miljoenen dollars
aan uit en er werken in deze sector meer dan
een kwart miljoen mensen; meer dan in elk
ander land ter wereld.
De oorsprong van de huidige robots in Japan
ligt bij de ‘からくり人形: karakuri ningyou’
(mechanische poppen). Deze bewegende
poppen werden gebouwd tussen de 17e tot de
19e eeuw en er bestonden drie soorten. De
eerste zijn de ‘舞台からくり: butai karakuri’
(podium karakuri), die een grote invloed
hadden op No-, Kabuki- en Bunrakutheater.
De ‘座敷からくり: zashiki karakuri’ (tatamikamer
karakuri)
waren
mechanische
speeltjes die bepaalde handelingen uitvoeren,
zoals een vrouw die met pijl en boog schiet
of een vrouw die een kanji opschrijft. De
bewegingen van deze ‘robotjes’ waren
behoorlijk complex. De bekendste zashiki
karakuri werden gebruikt bij theeceremonies.
Ze konden rondrijden en thee aanbieden,
wat een leuke manier was om een gast te
vermaken. De laaste karakuri ningyou
zijn de ‘山車からくり: dashi karakuri’
(festivalwagen karakuri). Deze mechanische
poppen werden gebruikt bij religieuze
festivals om traditionele mythen en legendes
na te spelen.

In1929 bouwde de Japanse bioloog Nishimura
Makoto de eerste Japanse robot met de naam
‘學天則: gakutensoku’ (leren van de wetten
der natuur). Deze grote robot van drie
meter en twintig centimeter kon, werkend
op perslucht, onder andere verschillende
gezichtsuitdrukkingen aannemen en zijn
hoofd en handen bewegen. Hij gebruikte een
‘鏑矢: kaburaya’ (letterlijk: pijl in de vorm van
een knolraap) als penseel en een lamp genaamd
‘霊感灯: reikantou’ (inspiratielicht).
Een van de meest bekende robots uit de Japanse
geschiedenis, hoewel hij niet echt bestond,
is ‘鉄腕アトム: tetsuan atomu’, bij ons
beter bekend als Astro Boy. De manga over
deze robot, die leeft in een futuristische
wereld, werd getekend door Tezuka Osamu
tussen 1952 en 1968. Tussen 1963 en eind
1968 is er ook een anime van gemaakt, met
enkele remakes in latere jaren.

太狸記・十二月号

23

De eerste echte moderne Japanse robot
werd gebouwd tussen 1970 en 1973 en
heeft als naam WABOT-1, gebouwd door de
Universiteit van Waseda (de naam is een
afkorting voor WAseda roBOT). Dit was de
eerste op vermaak gerichte robot ter wereld.
WABOT-1 kon rondlopen, dingen oppakken
met behulp van een sensor, communiceren
en afstanden meten en had kunstmatige oren,
ogen en zelfs een kunstmatige mond.
In de jaren 90 ontwikkelde Honda een serie
humanoïde robots: Honda P1 (1993), P2
(1996), P3 (1997) en P4 (2000). Deze robots
leken op mensen en konden onder andere
wandelen, een trap op een neer lopen en een kar
duwen. Na deze robots kwam Honda in 2000
met een nieuwe robot die ons waarschijnlijk
bekender in de oren klinkt: ASIMO. De naam is
een afkorting voor Advanced Step in Innovative
MObility. Deze robot is een stuk kleiner (130
cm) dan zijn voorgangers en kan onder andere
bewegende objecten, posturen, zijn omgeving,
geluiden en gezichten herkennen. Hij kan
daarnaast ook iemand volgen en handen
schudden. Er zijn verschillende modellen
uitgebracht en er bestaan er tegenwoordig
meer dan 100.

Een zeer bekende robot uit Japan is het hondje
AIBO (Artifical Intelligence roBOt), gemaakt
door Sony in 1999. Deze robothond kan
trucjes doen en kan “echte” dierlijke
eigenschappen uiten zoals nieuwsgierigheid,
honger, slaap en liefde. Een AIBO kan ook op
een andere AIBO reageren.

er gewerkt aan zogenoemde ‘zorgrobots’ die
kunnen worden gebruikt om voor oudere,
zieke en gehandicapte mensen te zorgen. Deze
robots zijn er in allerlei soorten en maten. Zo
kunnen ze bijvoorbeeld mensen gezelschap
houden, optillen en in hun rolstoel zetten,
dingen oppakken of de gezondheid van de
patiënt in de gaten houden. Vooral in Japan,
maar ook in het Westen, is de sterke vergrijzing
en het lage geboortecijfer een groot probleem.
De ontwikkeling en het gebruik van dit soort
robots zou een uitkomst kunnen bieden.
Er bestaan nog veel meer robots die in Japan
nu al, en in de toekomst wellicht nog meer,
werk uit handen van de mens nemen.
Voorbeelden zijn een bewakerrobot die
een net kan afschieten om een inbreker te
vangen en een chef-kokrobot; er bestaan
nu al restaurants in Japan waar het koken
wordt gedaan door robots. Kortom, de
mogelijkheden zijn bijna eindeloos.
De ontwikkeling van robots in Japan gaat nog
steeds onverminderd door. Robots spelen een
steeds belangrijkere rol in de maatschappij
en wij worden er steeds afhankelijker van.
Ze worden steeds slimmer, kunnen zich
steeds beter voortbewegen en krijgen steeds
meer “echte” menselijke eigenschappen
en uiterlijken. Het is een ethische vraag in
hoeverre de maatschappij zulke menselijke
robots zou kunnen accepteren. Op dat punt
zijn wij nu nog niet aanbeland. Hoewel er al
is aangegeven dat robots voor allerlei functies
kunnen worden gebruikt, zitten er nog een
hoop kinderziekten aan. Zo is het bouwen
van een robot tijdrovend en ontzettend duur.
Daarnaast zijn ze bij lange na niet zo complex
als mensen en kunnen ze zich maar op een paar
geprogrammeerde taken richten. Een wereld
waarin mensen en robots naast elkaar leven of
een wereld waarin mensen door robots worden
overheerst (het ‘doemscenario’ dat in films
vaak wordt gebruikt) lijkt nog ver weg, maar de
eerste stappen worden nu gezet. -Vincent Pols

Tegenwoordig zijn robots niet meer weg te
denken uit de Japanse maatschappij. Zo wordt

24

太狸記・十二月号

棒倒し: Bo-Taoshi

Iedereen kan vast wel een paar Japanse sporten
opnoemen zoals Judo en Sumo. Een veel
onbekendere Japanse sport is Bo-Taoshi,
oftewel “Pole Toppling”. Het is een teamsport
ontstaan rond 1954 die een mengeling is van
capture the flag en rugby, waarvan de naam het
doel van het spel eigenlijk al weggeeft. Met
jouw team moet je de paal van het andere team
veroveren en deze omver zien te gooien in een
tijdslimiet van twee à drie minuten.
Op het eerste gezicht lijkt het vrij bizar en
dat komt vooral doordat het er vrij hard aan
toegaat. Maar als je er even over nadenkt, bij
vechtsporten gaat het er vanzelfsprekend een
stuk ruiger aan toe. Bovendien kan het ook
bij andere teamsporten flink ruig zijn, denk
bijvoorbeeld aan waterpolo en rugby, maar
ook aan hockey en voetbal. Bovendien zijn de
spelers meestal goed uitgerust met een helm
en dragen ze geen schoenen om (ernstige)
verwondingen te voorkomen. Natuurlijk kan
het zo zijn dat de helmen (en soms zelfs de
shirts) sneuvelen tijdens de aanval, maar de
spelers laten zich hier over het algemeen niet
door tegenhouden.

Deze sport werd voor het eerst gespeeld door
cadetten van de National Defense Academy
of Japan en wordt tegenwoordig op veel meer
scholen in Japan gespeeld. De bekendste
versie van het spel verloopt als volgt: aan het
begin van een wedstrijd moeten de teams
van 75 man zich rondom hun eigen paal
opstellen waarbij een persoon op de paal
gaat zitten en de rest er omheen staat. Als
iedereen klaar staat, wordt het startsignaal
gegeven en rennen de aanvallers op de paal
af en stormen deze vol op de verdedigers in,
waarbij mensen op elkaar springen, klimmen,
elkaar wegtrekken en vol in de massa beuken!
De aanval is voorbij als de paal voor drie
seconden of langer een hoek kleiner dan
30 graden met de grond maakt of als
de tijd om is. In1973 is de regel van 30
graden ontstaan, voor deze tijd was 45
graden al genoeg om te winnen. Andere
manieren waarop je kan winnen is door de
paal van de grond te krijgen of als je de vlag
bovenop de paal afpakt. -Asor Mustafa

太狸記・十二月号

25

Japan: Kit Kat paradijs

Na lang twijfelen steek ik mijn laatste Sakura
Macha Latte Kit Kat dan toch in mijn mond.
Ik had het lang bewaard met een hele goede
reden: deze smaak is niet te krijgen in
Nederland. Sakura Macha Latte is niet de enige
smaak Kit Kat die hier niet te krijgen is. In
Japan is Kit Kat bijvoorbeeld ook te verkrijgen
in voor ons onbekende smaken als wijn,
camembert en banaan. Waarom lijkt
Japan een paradijs aan smaken terwijl het in
Engeland is ontstaan?
Kit Kat kwam in 1973 voor het eerst op de
Japanse markt met alleen de originele variant.
Pas vanaf 1996 kwamen daar andere smaken
bij, beginnend met amandel en aardbei met
sinaasappel. Hierna kwamen een paar andere
smaken, maar het was pas in 2005 dat het echt
groots werd en de speciale smaken ontstonden.
De populariteit van Kit Kat is te danken aan
twee grote factoren. De eerste is het feit dat
Kit Kat klinkt als ‘きっと勝つ: kitto katsu’,
een aanmoediging met de boodschap “je wint

26

geheid”. Door deze boodschap kochten
bijvoorbeeld ouders dit voor hun kinderen
tijdens tentamenperiodes om ze aan te
moedigen en kochten studenten dit voor
zichzelf om zich te herinneren aan dat ze
hun best moesten doen. Het is moeilijk voor
bedrijven om voet te krijgen in de Japanse
markt. Een van de manieren is om samen te
werken met een Japans bedrijf, maar voor de
Japanse kant van de samenwerking is er geen
prikkel om hieraan te beginnen. Per toeval
heeft de naam Kit Kat heeft ervoor gezorgd
dat het een hit werd in Japan.
Echter, met alleen de naam kom je er niet in
Japan. Nestlé, het bedrijf achter Kit Kat, heeft
bewuste keuzes gemaakt om voor de Japanse
markt speciale smaken uit te brengen om de
verkoopcijfers omhoog te draaien. Zo heb je
smaken als wasabi, komkommer en sojasaus,
maar ook smaken die speciaal voor een regio
zijn, zoals kersen uit Yamagata en strawberry
cheesecake uit Yokohama. Als je een smaak
in Japan ziet die je niet kwijt wil, dan heb ik

太狸記・十二月号

misschien slecht nieuws voor je. Een van de
marketingstrategieën om in Japan je plek
te behouden is om blijven innoveren. Wie
niet uit het beeld wil verdwijnen, zal om de
zoveel maanden een nieuwe smaak of andere
innovatie moeten uitbrengen. Zo zijn er
bijvoorbeeld voor Valentijnsdag en Kerstmis ook speciale verpakkingen om cadeau te
doen aan iemand. Zodra de feestdag voorbij is
worden de bijbehorende smaken uit de
schappen gehaald en komen de nieuwe
smaken en nieuwe verpakkingen alweer
binnenrollen. Door middel van deze vele
smaken die zomaar kunnen verdwijnen,
maakt Nestlé ook gebruik van de drang om ze
allemaal te verzamelen.
Als je geprikkeld bent door dit fenomeen in Japan
en graag op de hoogte blijft van nieuwe smaken,
dan kun je terecht op de Japanse site:
http://nestle.jp/brand/kit/product/
Voor een overzicht van alle smaken die zijn
uitgebracht kun je hier terecht:
http://nestle.jp/brand/kit/about/museum/
Ja, daar zit je dan in Nederland. Zonder
speciale Kit Kat. Tijd om een nieuwe lading
te bestellen? -Carmen Loh

太狸記・十二月号

27

Kim Ki-Duk

De Koreaanse regisseur Kim Ki-Duk is
misschien wel een authentieke eenling te
noemen binnen de wereldcinema. Na twee
jaar kunststudie in Parijs, iets waar hij stevig
in geïnvesteerd had, begon hij zijn
filmcarrière. In Korea sloegen zijn films
in eerste instantie helemaal niet aan: ze
waren veel te choquerend. In Europa groeide
zijn populariteit echter en won hij zelfs
prijzen op het Berlin International Film
Festival en het Venice Film Festival in
2004 voor twee van zijn films.
Wie al eens iets van Kim Ki-Duk gezien
heeft zal het niet ontgaan zijn dat deze
regisseur graag de grenzen van alles opzoekt
(met name taboes) en daar dan ook met
regelmaat eigenlijk te ver overheen gaat.
In menig van zijn films komen de thema’s
seksueel misbruik en fysiek- en psychologisch
geweld aan de orde. Soms in zo’n heftige mate
dat het vrij onsmakelijk is om naar te kijken.
Daartegenover staat dat zijn films meer met je
doen dan de doorsnee film. Zijn films laten je
vaak hangen, waardoor je gaat nadenken over
het verhaal dat verteld wordt, maar ook over de
diepere boodschap achter het plot.

mindere of meerdere mate autobiografisch.
Natuurlijk heeft hij niet alles wat zijn personages
meemaken zelf meegemaakt; toch zit in elk
personage een deel van zichzelf. Zijn ietwat
duistere kanten en ontevredenheid met de
gevestigde maatschappij komen vrijwel altijd
naar buiten.
In een van zijn eerdere werken uit 2001,
genaamd ‘수취인 불명 such’wiin pulmyŏng’,
ook wel bekend als Address Unknown, wordt
het thema nationaliteit behandeld. Het verhaal
gaat onder andere over een Koreaanse vrouw
die met haar zoon in een verlaten busje van
de Amerikaanse militaire academie woont.
De vader van haar zoon is een Amerikaanse
militair naar wie zij een hopeloze zoektocht
uitvoert. Haar zoon mishandelt haar echter,
omdat hij beschaamd is door zijn moeders

Alle films van Kim Ki-Duk films zijn in

28

太狸記・十二月号

gedrag en gepijnigd door de pesterijen die
hij als halfbloed doorstaan moet. Een andere
verhaallijn in de film is een toekomstloze
verhouding tussen een Koreaans meisje van
wie de vader in de Koreaanse Oorlog gestorven
is en een Amerikaanse militair. Kim Ki-Duk,
die zelf niet ver van een Amerikaanse
legerbasis is opgegroeid, baseerde de film op
het feit dat gemixte kinderen van Amerikaanse
en Koreaanse mensen vaak door een
identiteitscrisis gaan omdat zij zich niet kunnen
verschuilen achter nationalistische gevoelens.

Een van Kim Ki-Duks wellicht minst
provocerende films is ‘빈집 bin jip’ uit 2004,
ook wel 3-Iron genoemd. Het is een film die
ik persoonlijk tot een van mijn favorieten
reken. In 3-Iron gaat het om een jongeman die
inbreekt in huizen. Hij verblijft er tijdelijk,
maakt gebruik van wat hij er vindt, doet een
wasje en repareert het een en ander dat kapot
is, maar hij steelt niet. Op een dag breekt hij in
bij een man wiens mishandelde vrouw zich nog
in het huis bevindt. De twee worden verliefd
en hij bevrijdt haar door haar met zich mee te
laten gaan. Later wordt het vredige leven van
de twee ruw verstoord doordat de jongeman
in de gevangenis geplaatst wordt nadat de
mishandelende echtgenoot zijn vrouw komt
ophalen en het verhaal bij de politie bekend
raakt. Tijdens zijn gevangenschap ontwikkelt
de jongeman het vermogen onzichtbaar te
zijn, door zich in de schaduwen te bewegen en
de controle over zijn eigen schaduw te trainen.
Na zijn ontsnapping uit de gevangenis gaat hij
terug naar de vrouw om wraak te nemen
op haar man. Door middel van zijn
onzichtbaarheidtrucjes is hij in staat met
de vrouw te zijn, terwijl haar man er
nietsvermoedend bij is.

In deze film vindt iets eigenaardigs plaats: het
is blijkbaar moreel in orde om in te breken, om
echtbreuk te plegen en om wraak te nemen. Dit
terwijl juist de agenten en de mishandelende
man, die in dit geval ‘rechtvaardigheid’ zoeken,
de indruk wekken oneerlijk bezig te
zijn. Verder laat het je nadenken over de
geloofwaardigheid van het zogenaamde
‘onzichtbaar worden’ van de jongeman. Dit
doet ook weer denken aan meer filosofische
ideeën. Bedoelt Kim Ki-Duk soms dat het op
de achtergrond treden in een maatschappij je
in staat stelt te zijn hoe je zijn wilt? Omdat
je soms niet je eigen keuzes kunt maken als
je ‘zichtbaar’ bent? Of laat hij je geloven dat
niets perfect kan zijn en je overal compromissen
moet maken? De jongeman is niet in staat zich
te laten zien, de vrouw is niet in staat uit de grip
van haar man te ontsnappen en de man is niet
in staat zijn vrouw voor zich te winnen.
Films van Kim Ki-Duk zijn vooral visueel. In
vrijwel al zijn werken spreken de personages
niet of nauwelijks met woorden: de meeste
communicatie vindt plaats via subtiele
gebaren en gezichtsuitdrukkingen, acties
en reacties. Dit gecombineerd met goed
gebruik van muziek en geluiden zorgt
ervoor dat de provocerende films toch een
zekere flair hebben.
Iedereen die geïnteresseerd is in Korea
of in films in het algemeen raad ik zeker
aan eens een film van Kim Ki-Duk te
bekijken. Verwacht geen feel-good familiefilm
voor bij je popcorn en cola, maar een stevige
film die je hersenradertjes nog lang kan laten
nakraken. -Maria van der Linden

太狸記・十二月号

29

Filmrecensie: Kwaidan (怪談)
In Yuki-onna (‘de vrouw van de sneeuw’ valt
een groepje bergbeklimmers ten prooi aan een
boosaardige vrouwelijke geest, maar er is een
man die gespaard wordt als hij belooft nooit
over haar te spreken. Maanden later loopt de
man een mysterieuze vrouw tegen het lijf en
trouwt met haar, maar op een dag doet hij een
opmerkelijke ontdekking die te maken heeft met
die nacht op de bergtop… Het derde verhaal
is Miminashi Houichi (‘Houichi de oorloze’)
en draait om een blinde verhalenverteller
die een aanvaring krijgt met een heel leger
geesten die hem willen meeslepen naar een
andere wereld. Hij wordt door zijn leraar
volbeschreven met beschermende kanji, maar
of dit succesvol is valt nog te bezien. Ten
slotte richt het vierde verhaal Chawan no naka
(In een kop thee) zich op een terugkerende
geestverschijning in een kop thee die de
razernij van een samurai uitlokt, met
nare gevolgen.

Hoewel hij qua beroemdheid over het algemeen
overschaduwd wordt door tijdgenoot Akira
Kurosawa, is Masaki Kobayashi net zo goed
een van de beste (Japanse) filmmakers aller
tijden. Hij is vooral bekend om zijn samurai
meesterwerk Seppuku/Harakiri (1962) en zijn
epische, bijna tien uur lange, oorlogstrilogie The
Human Condition (1959-1961). Kobayashi
heeft echt nog veel meer bijzondere films
geschoten, en Kwaidan is er een van. Kwaidan
kan losjes vertaald worden als ‘spookverhalen’
en dat is wat het is: een viertal klassieke Japanse
spookverhalen verpakt in een film van drie uur.
Het eerste verhaal is Kurokami (‘zwart haar’)
en gaat over een samurai die zijn vrouw in
armoede achterlaat, een nieuwe scharrel vindt
in een rijke familie, maar toch weer terug gaat
verlangen naar zijn eerste vrouw. Hij besluit
terug te keren en vindt haar, ogenschijnlijk
onveranderd, maar is zij het wel echt? Je voelt
het al aankomen: dit verhaal heeft geen goed
einde, en zet al snel de toon voor de andere drie.

30

Zoals al aangegeven zijn het redelijk simpele
verhalen, maar het is de uitwerking die ervoor
zorgt dat dit drie uur puur genieten is. Heel
opvallend is dat de film volledig in een
studio geschoten is, ook de buitenscènes
die plaatsvinden voor handgeschilderde
doeken. Als je dit zo hoort klinkt het
misschien niet zo aantrekkelijk maar het is
juist prachtig gedaan en helpt deze film aan
zijn sterke theatrale karakter. De soundtrack
wordt voorzien door grootmeester Toru
Takemitsu en helpt in het creëren van een
onbehaaglijke sfeer. Het moet natuurlijk
gezegd worden dat hoewel dit onder de noemer
‘horror’ valt, het geen in-your-face horror
is zoals we vandaag de dag voorgeschoteld
krijgen. Het is hier vooral de subtiele creepy
sfeer waar het om draait. Al met al is dit
de perfecte film om een avondje lekker
te genieten van eeuwenoude spookverhalen.
Geen heftige schrikmomenten en geen bloedfonteinen, maar heerlijk cultureel verantwoord
griezelen. -Nick Sint Nicolaas

太狸記・十二月号

Nintendo Wii U

Met de Nintendo DS en met name de Wii heeft
Nintendo beslist aangetoond dat het Japanse
bedrijf beschikt over visionair leiderschap.
Er werd bij de twee apparaten niet gekeken
naar de bestaande behoeften en de al bekende
klanten, maar juist naar de potentiële vraag.
Groepen mensen waarvan niemand wist dat
ze überhaupt aangeboord konden worden,
werden met deze consoles bereikt. Hierdoor
wisten de Nintendo DS en de Nintendo Wii
enorme verkoopcijfers te bereiken onder
een grote, diverse groep klanten, terwijl de
concurrenten nog lange tijd in een beperkte
vijver bleven vissen. De grote vraag is nu of
Nintendo een dergelijk concurrentievoordeel
nog eens kan behalen met de nieuwste telg in
zijn familie: de Wii U.
De strategie lijkt in ieder geval hetzelfde:
Nintendo poogt met de Wii U opnieuw de
regels van het spel te vormen door met flink
veel innovatieve elementen op de proppen te
komen. Wat dat betreft kan het Japanse bedrijf
goed worden vergeleken met Google of Apple:
er wordt niet primair gekeken naar de eigen
sector en de markt, maar juist naar de eigen
interne kennis. Qua nieuwigheden zit het in
ieder geval wel snor met Nintendo’s apparaat,
waarbij een tablet-achtige controller ditmaal
het paradepaardje vormt. Naast een groot
touchscreen beschikt dit stukje hardware

namelijk ook over reguliere knoppen, iets dat
meer mogelijkheden biedt dan bijvoorbeeld een
iPad. Verder zal de interactiviteit tussen deze
nieuwe controller en de televisie het product
verder moeten differentiëren.
Toch lijkt scepticisme momenteel de overhand
te hebben binnen de gamesindustrie. De
verwachting is dat de niet bijzonder krachtige
hardware de relatief hoge prijs voor velen
namelijk niet zal kunnen verantwoorden.
Nochtans zijn er, vooral in Japan, toch
weer veel mensen die in lange rijen voor de
winkeldeuren zijn gaan staan om het apparaat te
kunnen bemachtigen. Het is echter de vraag hoe
eenvoudig het bedrijf de overstap zal kunnen
maken van deze enthousiastelingen naar het
grote publiek. Daarvoor zal het apparaat
namelijk eerst een zekere bekendheid
moeten vergaren, maar grootschalige
reclamecampagnes zijn tot dusver uitgebleven.
Toch moet wel beseft worden dat de Wii
het uiteindelijk vooral moest hebben van
mond-tot-mondreclame,
waardoor
het
moeilijk in te schatten is of de Wii U een
mislukking of een nieuwe trofee voor
Nintendo wordt. -Wester Wagenaar
De Wii U ligt sinds 30 november vanaf 299 euro
in de Nederlandse winkels.

太狸記・十二月号

31

Arco in Japan
Maar dit is pas het begin van een lange dag in
het drukke Tokio.

Maandagochtend, alweer 8 uur. Met mijn
slaperige hoofd snel een kommetje rijst naar
binnengewerkt. Maar nu toch echt haasten,
dus snel de deur uit. Terwijl ik haastig door
het park loop zie ik onderweg naar het station
als altijd de jongens van het honkbalteam van
de middelbare school al weer druk bezig met
een training. Ik vraag me vaak af hoe vroeg ze
wel niet beginnen. Als ik daarna aankom, zie
ik de bui alweer hangen. Een rij met tientallen
zakenmannen die staan te wachten op de
volgende metro. En ja hoor, zodra de
metro aankomt en de deuren opengaan,
begint het feest. Iedereen wurmt zich naar
binnen en op magische wijze gaan de deuren
toch gewoon dicht.
Acht minuten. Zo lang moet ik het volhouden
in deze warme volle trein en dan krijg ik weer
normaal lucht. Acht minuten lang voel ik me
als een geplette boterham. Acht minuten lang
met de niet heel erg aangename geuren van de
zakenman voor me. Acht minuten lang waarin
lichaamsdelen van meerdere personen om me
heen constant in mijn rug en zij steken. Ach, ik
ben moe, dus ik sluit mijn ogen en probeer me
er maar niet druk over te maken. Plots hoor ik:
Shinjuku, Shinjuku. Ah, eindelijk. De deuren
gaan open en iedereen werkt zich met pijn en
moeite uit de overvolle trein naar buiten. Dan
denk ik er van af te zijn, maar nee hoor, Shinjuku
in de ochtendspits is echt een mierenhoop. Zo
veel mensen, zo veel drukte. Wanneer ik mijn
overstap naar de Yamanote-lijn heb gemaakt is
de drukte eindelijk ten einde. Als ik na aankomst
op het station richting Waseda loop, heb ik het
gevoel dat ik er al een hele reis op heb zitten.

32

Ach, het leven in Tokio heeft zo zijn minpuntjes
en het klinkt zo misschien heel dramatisch,
maar alles hier heeft ook meer dan genoeg
pluspunten. Ik wist natuurlijk van te voren dat
Tokio een gigantische stad is met veel drukte,
maar toch valt het me af en toe wel een beetje
zwaar. Toen ik er eerder was voor vakantie vond
ik het allemaal wel interessant, maar zodra je
echt midden in het centrum van Tokio woont
heb je ook wel eens meer dan genoeg van al die
drukte. Buiten de drukte op de straten en in de
treinen, is het hele leven hier namelijk druk.
Werk, school, iedereen is overal druk mee. Af en
toe vraag ik me af waar de tijd heen gaat.
Maar ook voor gezelligheid is altijd wel tijd te
maken, dus het feit dat het druk is neemt niet
weg dat het leven hier fantastisch is. Er zijn
zoveel leuke dingen hier. Juist doordat iedereen
hier zo serieus is, hard werkt en het altijd druk
is, zijn de mogelijkheden in deze grote stad bijna
oneindig. Er is altijd wel wat leuks te vinden
en de meeste interessante dingen zijn zelfs de
hele nacht door open. Talloze ‘居酒屋: izakaya’
(in essentie plekken waar je sake en bier kunt
drinken en kleine hapjes kunt eten), goedkope
restaurantjes, leuke barretjes, noem het maar op.
Zelfs monsterrestaurants of robotrestaurants
bestaan; je kunt hier de gekste dingen
tegenkomen. Daarnaast zijn er nog vele andere
mogelijkheden om je te vermaken zoals
pretparken, ‘温泉: onsen’ (heetwaterbron) en
natuurlijk niet te vergeten: karaoke. Als je iets
wilt kopen en naar iets specifieks op
zoek bent, dan is er hier in Tokio vast en
zeker een winkel voor te vinden. En dan
zijn er nog de combinis die op elke straathoek
zitten en die je zelfs midden in de nacht binnen
kunt stormen in het geval je plots wakker wordt
en trek hebt in een pizzabroodje of onigiri (wat
nog wel eens gebeurt). Kortom, je komt absoluut
niks te kort hier en je zal je hier niet snel vervelen
in Tokio. En die heerlijke volle trein in de
spitsuren... Tja, die hoort er nou eenmaal bij!
-Arco Oliemans

太狸記・十二月号

Krant Met Karakter

Buitenlands-Chinees
Chinees

vs.

Authentiek

Eten valt niet weg te denken uit Aziatische
culturen. De maaltijd is vaak een belangrijk,
zij het niet het meest belangrijke, onderdeel
binnen een sociale gemeenschap. Daarom moet
ik het toch weer over eten hebben. Ditmaal
geen gerecht, maar een oriëntalistisch uitstapje
(met dank aan Area Studies) naar China
om het eten daar en het Chinese eten hier te
vergelijken. Daarnaast ga ik een poging wagen
je te overtuigen dat je ook kan afvallen bij de
Pizza Hut.
Chinees eten kun je vinden in praktisch elke
hoek van de wereld en kent vooral in Europa
veel take-away varianten. Want wie kan de
midnight snack wok-away nou weerstaan?
Veel mensen weten dat er een verschil bestaat
tussen ‘westers’ Chinees en ‘authentiek’
Chinees eten, maar waar zit nou het verschil
en in hoeverre is het anders?

zitten. Wat dacht je trouwens van het
gelukskoekje? Dat ben ik in China nog nooit
tegengekomen, terwijl je ze hier in de toko’s
en Aziatische supermarkten overal ziet liggen.
Vaak bevatten ze zelfbedachte en bijzonder
slechte confucianistische waarheden of zelfs
toekomstvoorspellingen. Sterker nog, het
gelukskoekje is niet meer dan een AmerikaansJapanse uitvinding van iemand die daar wel
een markt in zag. Wellicht kun je ze in China
vinden bij de importproducten of de Chinese
Walmart...of in een heel slechte kung fu-film.
Nu, wat betreft authentiek Chinees eten...
China is uiteraard een groot land en kent een
grote culturele diversiteit. Al deze verschillen
in een authentiek gerecht stoppen gaat dan
ook helemaal niet lukken. Dat er in China geen
standaard voor eten is, is misschien de reden
waarom Chinees voedsel in Europa veel
minder diversiteit kent. De gemiddelde

Het Chinese eten in Europa, zoals je het ook
bijna altijd ziet in Nederland, komt uit
de Kantonese keuken. Door de jaren heen
heeft het eten zich aangepast aan de Westerse
smaak: meer suiker en zoetzure gerechten, veel
meer gefrituurd eten en ingrediënten zoals
broccoli die je hier vaak tegenkomt, maar
nauwelijks in authentiek Chinese gerechten

太狸記・十二月号

33

Nederlander weet immers vaak het
verschil al niet tussen de oorsprong van sushi,
saté, kroepoek of dumplings; het is gewoon
allemaal Chinees. Punt. Anders raken we
in de war. Elke Chinees die niet in Nederland
geboren is, zal je dan ook vertellen dat
in Nederland, hoewel een restaurant misschien
wel authentieke gerechten serveert, de smaak
niet hetzelfde is als thuis.
Wat vaak in Chinese restaurants hier
inbegrepen zit in een menu is een grote bak
met rijst, maar in Shanghai bijvoorbeeld wordt
rijst veel minder frequent gegeten en zit het
soms helemaal niet bij een gerecht. Belangrijk
is juist de balans tussen vlees, vis en groente.
Een uitstapje naar culinair China kun je
trouwens vinden in dit fijne artikel van CNN:
http://travel.cnn.com/shanghai/eat/aroundchina-31-dishes-808639
Dan heel kort: KFC en Pizza Hut als “fine
dining”
De fastfoodrestaurants in China zien er
doorgaans heel anders uit dan bij ons. Zo
weet ik nog dat ik bij de KFC kon ontbijten met
rijstsoep en vis, een eiertaartje en een kop warme
melkthee. Maar de grote winnaar qua verschil
in menu is toch wel de Chinese Pizza Hut.
Een kort overzicht van alle bestel opties:

pasta, eiergerechten en visgerechten. Mocht
je daarna toch nog trek hebben? Dan kun je
altijd nog een pizza bestellen. Het menu doet
zich aan alsof het minimaal 3 sterren verdient.
Helaas is het enkel een ilussie. Pizzahut is voor
de gemiddelde Chinees wel tien keer duurder
dan een makkelijke streetfood maaltijd. Dit
is dan ook de reden dat Pizzahut China zich
voordoet als hoogwaardig restaurant met
zoveel ‘westerse’ gerechten. Hoewel de
Chinezen zich ervan bewust zijn dat het
in principe maar een fastfood keten is, geeft
de westerse sfeer ze klaarblijkelijk meer
waar voor hun geld. Pizzahut past zichzelf
aan aan de consumenten in het land waar
zo’n keten gevestigd zit. Er zijn veel
veranderingen nodig om gelijk te lopen
met de economie van een land. Hoewel
de middenklasse ook verandert, wordt
Amerikaans fastfood in China nog steeds
als interessant gezien. A taste of the West.
-Sarah Grasdijk
Bronnen: www.pizzahut.com.cn
www.chinesepod.com

Pizza Hut Nederland: Pizza. Pizza in een
pan. Dunne pizza’s, Big American pizza’s,
grote pizza’s, kleine pizza’s, “gezonde pizza’s
(zonder vlees)’’ of in het vet drijvende peperoni
pizza’s. Kortom: heel erg veel pizza. Daarnaast
een karige keuze uit salades, pasta gerechten
en toetjes.
Pizza Hut China: neem vooraf een soepje
en een gezonde salade. Mocht je op een date
zijn, bestel dan gelijk een fles rode wijn. Als
snack kun je kiezen voor kippenpootjes,
garnalenballetjes of quiche. Mocht je toch zin
hebben in zoet, kies dan bijvoorbeeld voor
een brownie, een stukje kersentaart of een
gestoomd eierbroodje. Als hoofdgerecht kun
je kiezen tussen verschillende soorten steak,

34

太狸記・十二月号

ライデンの生活
Voor deze editie van de journal hebben wij een Japanse
uitwisselingsstudent gevraagd om een korte tekst in het Japans te
schrijven en te vertalen. De vertaling is te vinden als je de pagina omslaat,
maar het is natuurlijk veel leuker om het eerst zelf te proberen!

京都大学文学部3回生大路幸宗と申します。この度は
Tanukiの雑誌に記事を投稿する機会を頂きまして大変光
栄に思います。私は現在、ユトレヒトとライデン大学で
交換留学をしています。ライデンには京都にやや似た雰
囲気があり、夜になると川沿いに灯る電灯がとても美し
いです。2月にオランダに到着して早10ヶ月。今では
オランダは私の第二の故郷となり愛してやみません。
もともと、オランダのいわゆるPolder Modelという日本と
は全く異なる考え方に興味があってこちらにきました。
マリファナ・売春婦の合法化、夫婦共働きの労働体系、
移民問題などなどオランダには日本ではなかなか学べな
い問題、また日本が見習うべき考え方がたくさんあるよ
うに思えます。
私は日本が大好きです。日本という国には、良く言えば
伝統的、少し悪く言ってしまうと時代遅れな風潮が多様
にあると考えます。日本の文化・伝統を保ちつつ、グロ
ーバル化していく世界に遅れを取らないようどうやって
発展をしていくべきか、日蘭両方の眼でこれから熟考し
ていきたいと思う次第です。-大路幸宗

太狸記・十二月号

35

En dan hier de vertaling:
My name is Yukimune Oji, a third-year student in the faculty of literature,
Kyoto University. I feel very honored to have a chance to write an
article for the Tanuki Journal. I am currently studying at both Utrecht and
Leiden University as an exchange student. Leiden resembles Kyoto a bit
and it is so beautiful to see the lanterns twinkling along the riversides at
night. Ten months passed so quickly after I came here in February. Now the
Netherlands has become my second home country and I love it so much.
Originally, I was really interested in what you call the ’Poldermodel’, which
is a really different way of thinking than Japan has. The legalization (or
tolerance) of drugs and prostitution, the Dutch working system and
also immigrant issues are hard to learn about back in Japan and we should
incorporate the interesting logic behind them.
I like Japan more than anything. In a good way, Japan is a traditional country,
but in a bad way, it is a bit old-fashioned I would say. With both perspectives,
from Japan and Holland, I would like to consider carefully how Japan
should develop in this globalizing world so it would not get behind
other countries, while keeping its culture and tradition. -Yukimune Oji

36

太狸記・十二月号

De Alumni Kai

Beste Tanukileden!
Laten wij ons eerst even voorstellen. In het voorjaar van 2005 hebben
een aantal enthousiaste alumni en studenten de handen ineen geslagen
en de Leidse Alumni Kai “Van hier tot Tokyo” opgericht.
Het huidige bestuur bestaat uit Ronald Hilhorst (Praeses), Heleen
Palmen (Abactis), Sylvia de Mol (Quaestor), Loraine Gilsing (Assessor),
Ying Kit Tang (Assessor) en Robert Beers (Assessor/Praeses Tanuki).
Via het netwerk van de “Kai” (Japans voor club/vereniging) kunnen
oud-studenten kennis uitwisselen en hun banden met elkaar en met de
universiteit onderhouden. Daarnaast voorziet het netwerk de huidige
studenten in contacten voor stages en loopbaanmogelijkheden bij het
bedrijfsleven en de overheid. Andersom kunnen ook het internationale
bedrijfsleven en overheidsorganisaties van Nederland en Japan via
de Alumni Kai kennismaken met de nieuwe generatie Japanologen.
Met bijna 400 inschrijvingen biedt het netwerk een boeiende mix van
Japanologen uit diverse jaargangen, landen en beroepsgroepen.
Dus heb je je nog niet ingeschreven en ben je afgestudeerd Leids
Japanoloog? Schrijf je in!
Heb je je wel ingeschreven, maar ken je nog Japanologen die zich nog
niet ingeschreven hebben? Zeg het voort!
Voor meer informatie en aanmelden, zie www.alumnikai.nl

太狸記・十二月号

37

Ask Anky
Ask Anky is een adviescolumn speciaal voor de problemen van Ja-

panologen en Koreanisten. Heb je een probleem waarover je niet kunt
of durft te schrijven naar een algemeen adviescolumn, schrijf dan naar
journal@tanuki.nl met als onderwerp “Ask Anky”, of leg je brief in het
postvakje van Tanuki. Hier zal door een deskundige antwoord worden
gegeven op al je vragen. Schaam je niet en mail vandaag nog.
Beste Anky,

Ik ben een jongen van 10 jaar en ik wil met een
wild vuurspugend wezen, dat een Pokémon
wordt genoemd, op reis gaan om met andere
wezens te vechten en ze te vangen. Maar nu
zegt mijn moeder dat dat niet mag, omdat het
dierenmishandeling is. Hoe kan ik haar ervan
over tuigen dat het allemaal oké is?
-Een toekomstige Pokémontrainer in het
nauw
Beste toekomstige Pokémontrainer in het nauw,
Helaas is het een realiteit dat er de laatste tijd
veel vervelende boomknuffelende hippies zijn die
teveel aandacht besteden aan de welvaart van
Pokémon. Na lang zitten denken over je probleem
ben ik tot de volgende conclusie gekomen:
Ik ga ervan uit dat je met “vuurspuwende
Pokémon” een Charmander, een Torchick of een
van die andere vuurspuwende afdankers bedoelt,
die je kunt kiezen bij een professor uit je dorp als
beginnende Pokémontrainer. Neem van mij maar
aan dat je geeneen van de drie kiesbare Pokémon
moet uitkiezen. Deze kunnen nog geen moer en
bovendien hebben ze geen hypnoseaanval, wat me
bij mijn advies brengt.

en laat de beveiliging van zijn lab te wensen over.
Bovendien is hij er op zondagen en dinsdagen nooit
omdat hij dan de hele dag bij zijn eigengesponsorde
curlingteam “Heksen en Bezemstelen” aan het
fluiten is. Grijp deze kans en sluip zijn lab in om
een Drowzee of een Hypno te stelen (geloof me,
hij heeft er een aantal).
Als dat gelukt is kun je deze Pokémon namelijk
gebruiken om je moeder te hypnotiseren. Onder
hypnose kun je haar toestemming gemakkelijk
verkrijgen en zelfs nadat de hypnose is uitgewerkt,
zal ze nog steeds achter haar besluit staan om je
een Pokémontrainer te laten worden. Neem dat
maar van mij aan.
Dus kortom, steel een hypno van Dr. Oak op
zondag of dinsdag, hypnotiseer je moeder en
catch ‘em all.
Heel veel succes en geen danky,

Anky
P.S: Mocht je opgepakt worden, dan heb je mij
nooit om advies gevraagd; jij kent mij niet en ik
jou niet.

Een zekere bron heeft me verteld dat Dr. Oak
uit Pallet town (zie google maps voor route, ik
geloof dat het ergens in Limburg is) al wat oud
aan het worden is, dus is hij wat onvoorzichtig

38

太狸記・十二月号

Beste Anky,

Sinds kort ben ik begonnen met paardrijden.
Maar sinds gisteren doet mijn uma het niet
meer. Mijn mama zei dat Anky het wel zou
weten. Dus lieve Anky, wat moet ik doen?
xxUmaNihonUmaxx
Beste UmaNihonUma,
Na het zien van de hartverscheurende foto die je
met je brief mee hebt gestuurd, schoot ik even vol.

fileren bij leven, dus wees moedig en pak die
baksteen. Eén ros op zijn hoofd zou genoeg
moeten zijn. Ik weet zeker dat je Uma dat ook
heeft gewild.
Wat je paardrijhobby betreft weet ik niet of je financieel in staat bent om ermee door te gaan. Je
kunt een nieuw paard kopen en weer in het zadel
springen, maar mocht je krap bij kas zitten, wat ik
me moeilijk kan voorstellen nadat je Uma beetje
voor beetje verkocht hebt, dan heb ik de volgende
tip voor je:
Je kunt nog altijd in het digitale zadel springen
met Ener-G Horse riders voor de Nintendo DS
(http://www.amazon.com/Ener-G-Horse-Riders-Nintendo-DS/dp/B001DJ7PF0). Dit is goedkoper dan een echt paard, maar je hebt er net
zoveel plezier aan. Bovendien is je paard onsterfelijk.

Wat een arm paardje.
Het ziet er helaas naar uit dat dit paard niet
meer opstaat, dus je kunt er beter het beste
ervan maken en dat is paardeworst. Het is zonde
om zulk mals jong vlees weg te gooien, dus maak
geluk van een ongeluk en verdien aan je paard.
Het zou uiteraard onmenselijk zijn om hem te

Even in het kort wat je moet doen: Vind een baksteen, help Uma naar de eeuwige weide en verdien
er aan voor je nieuwe paard of je laat Uma voor
wat ze is, je wordt de nieuwe Anky van Grunsven
en je beleeft een ener-G-iek avontuur met de
Horse riders van de Nintendo DS. De keus is aan
jou.
Veel succes en geen danky,

Anky

Speciale actie voor de 太狸記-lezers!
Tegen inlevering van deze bon t/m 31 januari 2013

2 bubble tea halen, 1 betalen
bij BoBo Tea (Korte Rapenburg 2, Leiden)
www.facebook.com/bobotealeiden

Deze actie is niet geldig in combinatie met andere kortingen

太狸記・十二月号

39

‘s avonds een man...

...‘s ochtends een man
Een Tanuki-activiteit is géén geldige reden om
een college te skippen of te laat te komen!
Wees verstandig! Wees een man!
...of een vrouw.

Collecties
TaTanukiKi